artikel

Vijf vragen aan Ton Wurtz over het rookverbod

Café

Het besluit van Staatssecretaris Van Rhijn om het rookverbod per direct voor alle cafés te laten gelden, zorgde bij een deel van de horecaondernemers in Nederland voor opzien. Hoogste tijd om Ton Wurtz, woordvoerder van de Stichting Rokerbelangen (SRB) te bellen en hem een paar vragen voor te leggen.

Vijf vragen aan Ton Wurtz over het rookverbod
Vijf vragen aan Ton Wurtz over het rookverbod

Hoe verrassend was het voor jullie dat Van Rijn het rookverbod per direct liet uitroepen voor alle cafés?

Martin van Rijn heeft als PvdA-Staatssecretaris van VWS het tabak- en alcoholbeleid in zijn portefeuille en heeft meteen na zijn aantreden maatregelen aangekondigd tegen het roken en tegen alcoholgebruik.

Hij laat zijn oor flink hangen naar allerlei anti-rook- en anti-alcohol-organisaties die zich steeds vaker luidkeels laten horen als een soort ‘preventietaliban’. We kennen ze: van KWF, STAP tot activistische longartsen, die overigens pas na 25 jaar longarts zijn (en zelf gerookt te hebben!) erachter kwamen dat roken niet gezond is. Afijn.

Kleine caféhouders én de rokers (25% van de volwassen Nederlanders) zijn hier de dupe van het huidige beleid. Deze overvaltechniek van de PvdA-staatssecretaris is daar weer een voorbeeld van. Zonder pardon, zonder aankondiging, zonder overleg wordt een vergaande maatregel doorgevoerd.

 

Hoeveel cafés gaan volgens jullie dicht als gevolg van deze maatregel van Van Rijn?

Deze keiharde maatregel kent geen genade of mogelijkheid voor de ondernemer om zijn bedrijfsvoering te veranderen. Kan je in een café van ongeveer 70 m2 een rookruimte bouwen? Nee natuurlijk niet. Je bent dus gedwongen om je klanten, die even willen roken bij het biertje weer of geen weer naar buiten te jagen. Horeca is gastvrijheid. Het kleine café is een huiskamer waar iedereen welkom is en dat kan dus niet meer.

Klanten zullen weglopen en naar onze  inschatting zal zeker 50% van de omzet afnemen. Welk bedrijf kan dat tegenwoordig aan? Kosten blijven doorgaan, rekeningen moeten worden betaald, en een flink aantal, zo rond 50% zal dicht gaan, is de voorzichtige inschatting. Dat laten we nog berekenen trouwens.

 

Gaat jullie nog actie ondernemen. Zo ja, hoe zien die acties eruit?

In 2008 hebben we meer dan 100.000 handtekeningen verzameld tegen het rookverbod in de kleine horeca. Toenmalige minister Schippers (VVD) heeft nog besloten om de uitzondering in de Tabakswet te laten bestaan. Dat was een goede beslissing.

Nu, met deze PvdA-staatssecretaris die alleen luistert naar KWF en een set schreeuwerige longartsen, is het voor ons natuurlijk 12 uur geweest.

Het geluid van de kleine horeca, zeg maar de lobby, is door de Tweede Kamer gewoon straal genegeerd, met name door de PvdA, SP en D66.

Het wetsvoorstel ligt nu in de Eerste Kamer maar de behandeling daarvan is een lachertje geworden doordat de Staatssecretaris Van Rijn plotseling de maatregel twee maanden eerder invoert.

Wij beraden ons, met vele horeca ondernemers om juridische stappen te ondernemen. We laten zeker niet over ons heen lopen!

Ik kan alleen maar zeggen tegen alle horeca-ondernemers: wees solidair in het ondernemen en steun de horeca-ondernemers in hun actie tegen het betuttelende tabaks- én alcoholbeleid!

 

Is er geen sprake van een achterhoedegevecht en moeten jullie niet gewoon accepteren dat verzetten tegen roken geen zin meer heeft?

25% van de volwassen Nederlanders steekt met plezier een sigaretje aan of trakteert zich op een sigaar, ook bij het genot van een biertje of borrel in de kleine kroeg. Dat is een hele grote groep Nederlanders die gewoonweg opzij gezet wordt, zeg maar gerust overschreeuwd wordt, door antirook-activisten.

Dit soort activisten hebben de horeca op het vizier: roken op terrassen verbieden is hun volgende doel. Maar ook, het aanpakken van alcoholgebruik, kijk naar de leeftijdsgrens, kijk naar de controles en de repressie van de NVWA, kijk naar alles wat niet meer mag in een legaal gerund horeca-bedrijf. De Horeca moet zich als geheel inzetten om verdere maatregelen van betutteling tegen te gaan.

Wij gaan verder, omdat we menen dat kleine horeca-zaken anders behandeld moeten worden en de uitzondering in de Tabakswet verdienen. Er is geen personeel dat meerookt; er zijn zelfs door alle strenge controles zelfs nauwelijks meer minderjarigen in de zaak: wat is dan het probleem om in piepkleine buurtcafé’s te mogen roken? Wat nu gebeurt, is fout en dat gaan we rechtzetten.

 

Is er nog bestaansrecht voor jullie organisatie nu de kaarten lijken te zijn geschud?

Natuurlijk, als gezegd, 25% van de volwassen Nederlanders, dat gaat om een grote groep mensen, die echt wel weten wat ze doen. De discussie gaat om keuzevrijheid. Het gaat inmiddels ook om een strijd tegen de Grote Vertrutting in maatschappij, waar antirook-lobbyisten als het KWF of Longfonds of twee longartsen bepalen dat jij als roker niet meer mag roken in dat kleine buurtcafé en waar jij als horecaondernemer jouw klant buiten op straat moet zetten. Door het voortdurend demoniseren van tabaksgebruikers, horeca-klanten en horecaondernemers is ons bestaansrecht meer dan gegrond en zeker nodig om