artikel

Kees van der Westen: ‘Ik wil graag mooie en goede machines bouwen’

Café 1758

In de Koffie Top 100 van Misset Horeca is de Nederlandse espressomachinebouwer Kees van der Westen grootleverancier: Liefst 32 van de 100 zaken hebben een machine van hem. Ook internationaal zijn zijn machines geliefd: mooi om te zien en technisch geavanceerd.

Kees van der Westen: ‘Ik wil graag mooie en goede machines bouwen’
© Fotopersburo Bert Jansen

Veel barista’s dromen van een eigen La Marzocco, zoals autoliefhebbers dromen van een eigen Ferrari. De espressomachines van het Italiaanse merk uit Florence zijn mateloos populair bij horecazaken over de hele wereld. Wie echter een blik werpt op de Koffie Top 100, ziet een heel ander merk het meeste terug. Kleiner, minder bekend, exclusiever. Nederlandser ook. Bij menig gepassioneerd barista gaan bij deze oer-Hollandse naam de ogen pas écht glimmen: Kees van der Westen. In de lijst met de beste honderd koffieserverende bedrijven van Nederland zien we 32 keer een ‘Kees’. La Marzocco volgt als tweede op gepaste afstand met 15 van de 100.

kees van der westen

© Fotopersburo Bert Jansen

Als La Marzocco Ferrari is: Italiaans temperament en alom geliefd, is Kees van der Westen Donkervoort: handgebouwd, esthetisch, Hollands design. Nogal prijzig, en vooral gewild bij échte liefhebbers. Die het zich kunnen veroorloven ook: een tweegroeps Spirit met pre-infusiecilinders komt op een goede €17.000. Overigens is dat vergelijkbaar met een La Marzocco Strada.
De machinebouwer uit Waalre hoeft niet zo op de voorgrond, liever laat hij zijn machines spreken. Pontificaal op de foto is niet aan hem besteed. Maar denk niet dat hij schuchter is. Zeker als het over espresso of de machines om die te bereiden gaat, praat hij graag en veel. Mán, wat een kennis. En wat een vernuft. Niet zo gek voor een industrieel ontwerper, stelt hij vorm bijna gelijk aan functie waar het uiterlijk betreft. Zijn machines moeten mooi ogen, én fijn zijn om mee te werken, én technisch hoogstaand. En dat lukt allemaal.

Sinds hij begon in 1984 ontwierp hij verschillende modellen, waar er nu nog drie van in productie zijn: Spirit, Mirage en Speedster. De laatste is er alleen in enkelgroepsuitvoering, vooral bedoeld voor thuis en op kantoor. De immens populaire Spirit werd in 2012 geïntroduceerd, sindsdien zijn er al bijna 1600 van gemaakt. De Mirage stamt al uit 2001, daarvan zijn er in 17 jaar een kleine 2300 gemaakt. Van de Speedster ongeveer 800. Het enige andere model dat op grotere schaal is geproduceerd, is de Mistral (1994-2004). 116 bouwde Van der Westen – toen nog zonder team – er in totaal.

Alles over koffie

Alles over koffie

Door de jaren heen zijn dus een kleine 5000 Kees van der Westen-machines gemaakt. ‘We produceren nu zo’n 15 machines per week: 10 Spirits, 3 tot 5 Mirages en één Speedster.’ Inmiddels ligt het tempo op 700 per jaar. Grote Italiaanse merken als La Cimbali bouwen er 45.000 per jaar, La Marzocco zit op ongeveer 15.000. Ook hier gaat de vergelijking met de automerken op. Ferrari bouwt 8000 auto’s per jaar, Donkervoort 40.

Nieuw model

Sinds in 2016 Kees’ dochters in de zaak zijn gekomen en een deel van het kantoorwerk van hem hebben overgenomen, brengt de designer weer meer tijd door achter zijn tekentafel. ‘We zijn altijd bezig met nieuwe modellen, maar nu wordt het wat concreter. Het gaat geen jaren meer duren voor we een nieuw model introduceren.’ Een blik van zijn dochter, verantwoordelijk voor marketing, zorgt ervoor dat hij niet te veel zegt.

kees van der westen

© Fotopersburo Bert Jansen

De laatste introductie, de Spirit, was tijdens het World Barista Championship in Londen in 2010. Nu dit jaar World of Coffee in juni in Amsterdam neerstrijkt, zou dat natuurlijk een perfect podium zijn. We krijgen het nog niet te horen. Dat model zal overigens niet revolutionair anders zijn, dat durft hij niet aan. ‘Wel gaan we nog meer mogelijkheden bieden om de machine te customizen. Ik denk geen houten handvatten, die zijn vaak te kwetsbaar. De kans dat ik weegschaaltjes ga inbouwen is ook klein. We zijn weleens benaderd door een weegschalenfabrikant, die wilde samenwerken. Maar ik geloof niet zo in het per shot afwegen. En we willen duurzamer, vooral in energieverbruik. Dat betekent dat de temperatuur van de kopjesverwarmer in te stellen is, of dat je de boiler in een soort slaapstand kunt zetten. Ook denken we na over een wat goedkoper model. We realiseren ons dat niet elke zaak €15.000 kan neerleggen voor een volledig uitgeruste Spirit.’

Dat hij ‘nu alweer’ met een nieuw model komt, is een gevolg van de tijdsgeest. ‘Vroeger kon je 10 jaar teren op een machine. Nu is het veel hijgeriger. Ik krijg constant vragen: heb je al wat nieuws?’

Nederlands product

Elke Kees van der Westen wordt gebouwd in de werkplaats in Waalre, en pas als hij besteld is. ‘We hebben geen machines op voorraad, we bouwen pas als de order binnen is.’ Wel merkt Van der Westen dat, nu Azië zijn grootste afzetmarkt is, hij soms toch tientallen afgebouwde machines heeft staan, wachtend om verscheept te worden. ‘Die bestellingen gaan met zeecontainers tegelijk. Zuid-Korea is goed voor het grootste deel van onze afzet, daarna China en dan Australië. Nederland is een heel kleine markt voor ons.’ Hij schat dat in Nederland enkele honderden van zijn machines staan, maar exacte cijfers heeft hij er niet van.

‘We produceren ongeveer 15 espressomachines per week’

Maar Nederland is wel heel belangrijk als toeleverancier. Minstens 70 procent van de onderdelen komt uit Nederland, en dan nog een klein deel uit Italië. Onder andere de koperen boilers, die kan niemand in Nederland zo goed maken. Enkele onderdelen, zoals plaatwerk en de zetgroepen, komen letterlijk van de buurman op het bedrijventerrein. Transport gaat met een vorkheftruck in plaats van een vrachtwagen. ‘Dat is het prettige van de regio Eindhoven: bijna alles wat wij nodig hebben, zit hier. Bedrijven als ASML en voorheen Philips hebben gezorgd voor een regio waar heel veel gemaakt wordt.’

Kees van der Westen = herkenbaar design

Kees van der Westen is industrieel designer benadrukt hij, geen uitvinder. ‘Een designer bedenkt maar heel zelden echt wat nieuws, het gaat om bestaande zaken op een nieuwe manier combineren.’

In de wereld van de espressomachines is het design van Kees van der Westen herkenbaar: zijn machines ogen gestroomlijnd en slank, waar veel andere wat robuuster en hoekiger zijn. ‘Ik vind ergonomie belangrijk. Daarom heb ik de zetgroepen naar voren getrokken, zodat je niet half onder de machine hoeft te kruipen. Daarom ook hendels in plaats van een drukknop. De werking is hetzelfde, maar ergonomisch beter. En ik vind het er mooier uitzien: meer mechanisch dan elektrisch. Dus ook een metertje in plaats van een display.’

kees van der westen

© Fotopersburo Bert Jansen

Hij houdt van dat mechanische, is gek op techniek. Liever lost hij iets mechanisch op dan elektronisch, zoals bijvoorbeeld de pre-infusiecilinder die hij in 2016 introduceerde. Die is met een draaiknop in te stellen. ‘Het zou ook elektrisch kunnen, maar dit voelt echter. Je ziet meteen het effect van wat je doet.’ Daarom is de cilinder ook doorzichtig: niet functioneel, puur visueel. Het blijft een designer: het oog wil ook wat.

Die mechanisch instelbare pre-infusie is uniek in de wereld, zegt Van der Westen. Niemand heeft dat. Ook heeft geen enkele andere espressomachine een boiler van 2,1 liter per zetgroep. Een derde uniek punt aan zijn machines is de dispersieplaat van PEEK, een kunststof. De dispersieplaat verdeelt het water in de kop van de zetgroep over de koffie in de filterdrager. Bij andere machines is die van metaal, daar blijven meer oliën en vetten aan kleven dan aan kunststof, waardoor een metalen plaat regelmatig stevig moet worden geschrobd. Ook onttrekt metaal temperatuur aan het water, waardoor dat uiteindelijk kouder op de koffie komt dan de machine aangeeft.

kees van der westen

© Fotopersburo Bert Jansen

Uiteraard kijkt hij om zich heen, naar wat andere machinebouwers doen. Maar kopiëren is niet zijn stiel. ‘Van sommige nieuwigheden ben ik ook blij dat ze weer over zijn. Een tijdje was het de hype bij een paar fabrikanten om de druk tijdens de infusie te variëren, dat is gelukkig weer over. De druk variëren tijdens de pré-infusie heeft wel zin, daarna niet meer.’

Uiterlijk

Maar, unieke toepassingen of niet, het uiterlijk van de machine is de échte usp van Kees van der Westen. ‘Er zit 10 cm ruimte onder voor de hygiëne, maar je kunt er wel makkelijk overheen kijken. En als hij open is, kun je overal bij met gereedschap voor onderhoud. Daar is rekening mee gehouden. We zouden nog wel 10 procent compacter kunnen, maar dan kunnen de moersleutels niet meer draaien. Je moet overal van boven bij kunnen.’

‘ik krijg vaak de vraag: wanneer kom je met een nieuwe machine?’

In de toekomst wordt customizen van espressomachines nog belangrijker. Bij de huidige modellen kan op de zij- of achterplaat al een bedrijfsnaam, dat wordt extern gedaan door een retrofitter. ‘We willen meer zelf gaan doen. Ook óp de machine. Misschien wel een soort glazen kap over de kopjes. Zo’n sneeze guard vinden vooral Amerikanen fijn.’

La Marzocco heeft nu weer een soort hendelmachine teruggebracht in hun nieuwste model. ‘Ik ben daar blij mee, ik zou het zelf ook graag weer terugbrengen. Ik vind die hendels te gek.’ In 2015 is Van der Westen gestopt met zijn Mirage Idrocompresso. Ze maakten er maar tien van per jaar, de vraag was te laag. De allerlaatste is naar Mumac gegaan, het espressomachinemuseum van La Cimbali bij Milaan. ‘Dat vind ik wel heel gaaf. Ik heb nooit een vaststaand doel gehad. Ik wil gewoon heel graag heel mooie en heel goede espressomachines maken. En gelukkig vinden mensen mooi wat wij maken.’

Foto's

Reageer op dit artikel