artikel

Bedjes regelen in Greater Amsterdam

Horeca

Amsterdam is een ruim begrip in de ogen van het Amsterdam Reservation Center (ARC). Gedwongen door een groeiend beddentekort brengen de telefonistes van het ARC bezoekers steeds vaker onder in hotels buiten de hoofdstad. De vijfduizend extra bedden die in aantocht zijn zullen de druk slechts ten dele wegnemen. ‘Bij onze informatiebalies melden zich dagelijkse honderden backpackers die we niet aan een slaapplaats kunnen helpen.

Nee verkopen is niet leuk, maar het is wel meer en meer realiteit in een hoofdstedelijke hotelmarkt die uit z’n voegen barst. Met een gemiddelde bezettingsgraad die schommelt tussen de80 en 85 procent, moet het Amsterdam Reservation Center gasten steeds vaker teleurstellen. Onder normale omstandigheden al een probleem, laat staan wanneer bezoekers met tienduizenden tegelijk aankloppen.

Congres
Zoals in dat drukke, laatste weekend van augustus.Door een ongelukkige planning kon het gebeuren dat de zeilmanifestatie Sail samenviel met de jaarlijkse Uitmarkt. En alsof dat niet genoeg was, bevolkten ook nog eens 22.000 cardiologen de hoofdstad voor een internationaal congres. In Amsterdam en wijde omtrek was dagen lang geen kamer meer te krijgen. Een paar weken later was het opnieuw raak, toen de 46.000 bezoekers van het International Broadcast Congress naar Amsterdam kwamen. ‘Zulke aantallen kun je dus nooit allemaal tegelijk in de stad onderbrengen. Zelfs niet in de regio Amsterdam. Daarvoor moeten we toch echt veel verder naar buiten.’

Lang weekend
Amsterdam is een ruim begrip in de ogen van directeur Pim Sybesma van het Amsterdam Reservation Center. Op piekdagen brengt het ARC steeds vaker bezoekers onder in Tilburg (De Druiventros), Arnhem, Goes en zelfs Vlissingen. ‘Ideaal is het natuurlijk niet als je in Amsterdam moet zijn en in Goes overnacht, maar we moeten er ook niet al te dramatisch over doen. Voor een Nederlander is 50 kilometer reizen veel. Amerikanen, die dagelijks gemiddeld drie uur onderweg zijn tussen huis en werk, draaien er hun hand niet voor om. Een Amerikaan die voor een congres in de RAI moet zijn, heeft er doorgaans geen enkele moeite mee om een uur in de trein te zitten om bij z’n hotel te komen. Anders is het natuurlijk voor mensen die een lang weekend Amsterdam boeken. Die groep wil ook echt in de stad zitten, of in ieder geval zo dicht mogelijk in de buurt.’

Vooruitboekingen
Het ARC, onderdeel van de Amsterdam Tourist Board (voortgekomen uit de vroegere VVV), draait nu ruim anderhalf jaar. Zoals een touroperator stoelen inkoopt bij luchtvaartmaatschappijen, zo tekent het ARC bij hotels in voor bedden. Kloppend hart is de reserveringscentrale op de vierde verdieping van het gebouw van de Kamer van Koophandel aan de De Ruyterkade. Gemiddeld driehonderd telefoontjes, veertig e-mails en een handjevol faxen komen dagelijks binnen op het call center, dat door zes telefonistes wordt bemand. Dat leverde vorig jaar vierduizend zogenoemde vooruitboekingen op. Voor elke boeking vangt het ARC een commissie van dertien procent, inclusief creditcardkosten.

Groei
Op dit moment werkt het ARC voor wat betreft de vroegboekingen samen met zo’n 85 hotels in Amsterdam en enkele tientallen hotels buiten de hoofdstad. Op termijn zullen dat er veel meer worden, voorspelt directeur Sybesma. ‘Nog niet alle hotels in de stad zijn op de hoogte van wat wij doen en waartoe wij in staat zijn. Ik ga voorlopig uit van een groei naar 120 tot 150 hotels.’ Maar de ambities van het ARC reiken verder. Het ligt in de bedoeling straks ook de arrangementen van hotels, gidsen, excursies, musea en theatertickets, die op dit moment formeel nog via de VVV-balies lopen, direct via het ARC te regelen. Een ander product waarin het ARC bemiddelt zijn lastminutereserveringen, boekingen op de dag van aankomst. Die komen binnen via de vijf informatiekantoren, waaronder het hotelboekingskantoor op Schiphol. Deze markt is goed voor tachtigduizend boekingen per jaar, verdeeld over vierhonderd hotels (98 procent van de totale Amsterdamse hotelcapaciteit).

Jammer
Door het groeiende beddentekort ziet Sybesma zich genoodzaakt met meer hotels buiten de hoofdstad dan nu het geval is in zee te gaan. ‘We zullen wel moeten. Ik zou graag zien dat veel meer hotels uit greater Amsterdam zich bij ons aansluiten.’ Wat niet betekent dat er in Amsterdam zelf niets meer te verbeteren valt. De discussie over de noodzaak van extra bedden houdt ook de directeur van het ARC uit z’n slaap. ‘Dat hoteliers in het vijfsterrensegment roepen dat extra bedden niet nodig zijn, is jammer. Ik begrijp het wel hoor. Het gaat goed met ze, ze zijn bezorgd omzet te verliezen, zeker in de wat slappere perioden. En terecht zeggen ze dat er een betere spreiding noodzakelijk is van evenementen die veel bezoekers trekken. Maar extra bedden zijn gewoon bittere noodzaak om de druk met name in de twee- en driesterrencategorie wat weg te nemen. Daar komt bij dat je ervoor moet waken dat je je gasten te veel in de regio onderbrengt. Iedere bezoeker die buiten de stad logeert, leidt tot minder inkomsten voor Amsterdam.’

Jeugdhotels
Sybesma is dan ook blij met de vijfduizend bedden (drie-, vier- en vijfsterren) die Amsterdam er de komende jaren bijkrijgt. Dit jaar alleen al in totaal achthonderd bedden dankzij de opening, eind augustus, van Ibis Stopera en de recente uitbreiding van het Avenue Hotel met een aantal panden. Voor december staat de opening van het Tulip Inn Arts Hotel op de agenda. ‘Maar daarmee ben je er natuurlijk nog niet. Waar werkelijk een tekort aan is zijn jeugdhotels, en op dat front zijn er nauwelijks ontwikkelingen. Bij onze informatiebalies melden zich dagelijks honderden backpackers die we niet kunnen voorzien. De eerste vliegtuigen en treinen met toeristen komen ’s ochtends om zeven uur binnen. Vaak zijn we tegen tienen al door de kamers heen. Er komt in de middag na een belrondje vaak nog wel wat beschikbaar, maar het is nooit genoeg.’Sybesma wijt het tekort aan slaapplaatsen voor jongeren voor een deel aan het gat dat in 1998 ontstond door het wegvallen van de slaapzalen in het Arena Hotel (The Sleep Inn). Hierdoor vielen ineens zevenhonderd bedden weg. ‘Dat gat is nooit echt opgevuld.’ De ARC-baas wijst in dit verband op de ‘schandalige’ prijsstijgingen van de kamerprijzen in het nul twee -sterrensegment. ‘Er wordt misbruik gemaakt van het beddentekort. Met name de niet-geregistreerde hotels spinnen garen bij die omstandigheden. Ik hoor verhalen van 375 gulden per nacht voor een kamer waar twee jaar geleden nog honderdvijftig gulden voor moest worden betaald.’