artikel

Relatie opdrachtgever en cateraar broos

Horeca

De opdrachtgever wordt niet verwend en ingepakt, maar stelt wel eisen aan de cateraar’. Dat was een van de opmerkingen tijdens het Fano Food Forum dat Catering Magazine op 2 oktober in het Openlucht Museum in Arnhem organiseerde. Onder de titel ‘De opdrachtgever verwend en ingepakt’ discussieerden panelleden en publiek over de ‘fragiele’ relatie tussen opdrachtgever en cateraar.

Relatie opdrachtgever en cateraar broos

‘Wil de cateraar de boot niet missen, dan zullen deze bedrijven hard moeten gaan werken aan hun serviceniveau, anders gaan we terug naar eigen beheer.’ Deze harde uitspraak werd tijdens het Fano Food Forum opgetekend uit de mond van Francien Goudsbloem, hoofd facilitaire dienst SMC/CWI in Amsterdam. De uitspraak werd gedaan in het kader van een aantal stellingen die presentator Yvonne Keijzers aan publiek en panel voorlegde.

Inspraak
De meningen van Francien Goudsbloem over cateringorganisaties en –managers hadden soms heftige reacties uit de zaal tot gevolg. De eisen die Goudsbloem stelt, zijn scherp gesteld. ‘Wij willen een partner die meedenkt en waarmee wij een partnership kunnen aangaan. In de praktijk zie je echter toch dat er een contract wordt afgesloten, en dan…?’ Zo wil zij bijvoorbeeld inspraak hebben in de keuze van de cateringmanager. Een eis die ook Jeroen Ensie, manager facility services Nederland bij PriceWaterhouseCoopers, stelt. Beide organisaties willen dat de cateringmanager de vaardigheden en uitstraling heeft die bij het bedrijf past, bijvoorbeeld het kunnen omgaan met computers en intranet.

Contractvormen
Het ochtendprogramma werd geopend door Hayk Simons van adviesbureau HTC uit Hoorn. In zijn presentatie ging hij vooral in op de verschillende contractvormen die er in de catering bestaan, en de trend naar meer commerciële contracten. Die trend zag ook panellid Bartel Geleijnse, voorheen algemeen directeur van Dishcovery en tegenwoordig als adviseur werkzaam. Dishcovery staat in de markt bekend als een organisatie die met de catering een andere richting inging. ‘De catering is vooral een reactieve bedrijfstak, die altijd achter de ontwikkelingen aankomt. Het wordt tijd dat we een pro-actieve bedrijfstak worden die op tijd de trends in de markt signaleert. We zijn hard toe aan kortere lijnen en meer ondernemers. In die zin zie ik inderdaad ook een trend naar commerciële contracten.’ ‘Het wiel wordt op honderden locaties uitgevonden’, stelde Hayk Simons later in het panel. ‘Er is veel winst te halen uit een betere informatievoorziening.’

Miscommunicatie
Ook het publiek vond overduidelijk dat er met de communicatie binnen de bedrijven iets fundamenteel mis is. ‘Wanneer ik met problemen naar mijn rayonmanager bel, geeft hij niet thuis. Ik moet dan een schakel hoger gaan om mijn problemen opgelost te krijgen’, vertelt een cateringmanager. Een van de veroorzakers van die miscommunicatie is de grote werkdruk waaronder onder andere rayonmanagers moeten werken. ‘Als rayonmanager moet je vaak dertig tot veertig locaties aansturen. Het komt dan – begrijpelijk genoeg – niet verder dan pappen en nathouden, alhoewel dat natuurlijk geen goede zaak is’, concludeerde Hans Cornelis, rayonmanager bij Van Hecke Catering. Ook deelnemers uit het publiek van andere grotere cateraars erkenden dat deze problemen zich voordoen.
Uit de felle discussies bleek duidelijk dat de relatie tussen opdrachtgever en cateraar vol zit met valkuilen, die alleen door snelle, slagvaardige organisaties goed kunnen worden opgelost. De cateringmarkt erkende op 2 oktober de problematiek, maar er zal nog veel water naar zee stromen voordat het probleem opgelost is.