artikel

‘Ik had de lelijkste snackbar van Nederland

Horeca

Een paar jaar is hij actief geweest als bestuurslid van de sector IJsfrica van Koninklijk Horeca Nederland: Syl Lammers van ’t Pakhuis in De Klomp. In de jaren dat hij bestuurslid is geweest, is hij nooit voor het voetlicht getreden in Snackkoerier. ‘Ik heb geprobeerd mijn functie als vertegenwoordiger in het bestuur gescheiden te houden van het cafetariahouderschap.’ Inmiddels is hij bestuurslid af en verbreekt hij het stilzwijgen. Snackkoerier toog naar het landelijk gelegen De Klomp en sprak met de Syl Lammers. ‘Het is leuk om weer veel met je eigen toko bezig te zijn.

‘Ik had de lelijkste snackbar van Nederland

Temidden van weilanden en enkele landelijk gelegen huizen en boerderijen, doemt opeens het horecabedrijf van Syl Lammers op. Een ongebruikelijke locatie voor een cafetaria-achtig bedrijf, beaamt Lammers. ‘Centraal gelegen in Ededaal’, meldt de menukaart over de ligging van het bedrijf. ’t Pakhuis bevindt zich in de Gelderse Vallei tussen de Utrechtse Heuvelrug en de Veluwe, tussen de gemeentes Veenendaal en Ede. ‘Dit bedrijf is ooit opgestart door een veehouder met een stel boerendochters. Zij noemden de snackbar ’t Pakhuis’, vertelt Lammers. De naam Pakhuis verwijst volgens hem naar de pakhuizen die vroeger op de plek stonden waar de huidige cafetaria gevestigd is. ‘In deze pakhuizen sloegen de boeren turf op. Vroeger stond hier in het Ededaal nog water en met behulp van trekschuiten werd het turf opgehaald.’

Naamsbekendheid
Bij de overname van de cafetaria De Klomp, bijna acht jaar geleden, heeft Lammers de naam intact gelaten. ‘Iets wat al dertig jaar draait, ga je niet veranderen. Het is een goede naam. Iedereen hier in de omgeving kent hem.’ Dat laatste blijkt te kloppen.

’Vorig jaar juni besloot de cafetariahouder de zaak te verbouwen. Toen ik hier kwam, zag de zaak eruit als een traditioneel tegeltjesbedrijf. Ik had de lelijkste snackbar van Nederland, maar wel met een miljoen omzet’, zegt hij lachend. ‘Ik heb mijn bedrijfsvoering gewijzigd en mijn zaak veranderd van een ‘traditioneel tegeltjesbedrijf’ in een eetcafé annex cafetaria, geheel in de sfeer van een boerenpakhuis’. De inrichting ademt de sfeer van het platteland. Met een hooizolder en her en der ligt stro op de schapjes aan de wand. Verder zijn er nepkippen en vogels in het stro te ontwaren. ‘Het is gezelliger geworden voor de klant. De bijgebouwde serre aan de voorzijde zorgt voor meer sfeer in ’t Pakhuis’, legt Lammers uit. Het aantal zitplaatsen was 29 en is uitgebreid naar 52. Tussen het afhaal- en het zitplaatsgedeelte is een scheiding aangebracht.

Biefstuk
Lammers voerde ook veranderingen door in zijn assortiment: ‘We zijn meer maaltijden gaan verkopen en we serveren sinds een maand zelfs biefstuk.’ Het opnemen van maaltijden was ook een advies uit het eerder genoemde rapport. De ondernemer heeft het zich ter harte genomen. ‘Het eetcafé heeft in Nederland een goede ontwikkeling doorgemaakt. Jongeren gaan het liefst uit eten in een eetcafé.’ Dat laatste bevestigt Jolanda Verhoef, de partner van Lammers. ‘Ik ga graag naar een eetcafé omdat je daar gezellig kunt kletsen en informeel een hapje kunt eten.’Uit het consumentenonderzoek haalde de ondernemer uit De Klomp verder dat er behoefte zou zijn aan lunchbedrijven. Op zijn zelfontworpen menukaart brengt hij daarom een groot scala aan belegde broodjes en sandwiches onder de aandacht van klanten. In rode letters staat er bij ‘Vers-gezond-vers’. In het rapport stond ook dat de consumenten behoefte hebben aan gezonde en vegetarische snacks. Daar speelt Lammers op in door vegetarische producten op te nemen in het assortiment. In het laatste kwartaal van 2000 is dat onder meer een vegetarisch loempia menu. ‘Elk kwartaal maak ik een nieuwe menukaart en pas ik de prijzen aan’, aldus de cafetariahouder. Hij let heel erg op zijn prijzen. Hij stuurt regelmatig zijn prijslijsten door naar collega’s. Verder zit hij veel op zijn kantoor boven zijn zaak te brainstormen en dingen zoals menukaarten te ontwerpen voor zijn cafetaria. ‘Ik vind het hartstikke leuk om weer met mijn eigen toko bezig te zijn.’