artikel

Visserijsector pleegt roofbouw

Horeca

‘Waar we nu mee bezig zijn, is je reinste roofbouw op de toekomst’, zegt Wil van Merkensteijn van Schmidt Zeevishandel in Rotterdam. Hij duidt op het vangen van kleine tarbot, griet, kabeljauw, wijting en griet, net onder de kust.

Door de storm en het slechte weer op zee nemen veel jonge vissen op dit moment hun toevlucht tot de kustwateren van de Noordzee. Daar zijn ze een makkelijke prooi voor de visserijschepen. Wie nu op de visafdelingen van de groothandel kijkt ziet het resultaat daarvan. Volop aanvoer van tarbotjes rond de 500 gram, kleine kabeljauw, griet en wijting. ‘Officieel mag het’, zegt Van Merkensteijn. ‘Maar zo’n kleine tarbot wordt nooit meer een grote. Straks hebben we niets meer. Niemand wenst het te beseffen, maar het is echt vijf voor twaalf in de visserijsector. De sterk gestegen vraag werkt deze aanslag op het ‘nationale viserfgoed’ in de hand. De markt vraagt erom want de prijs is laag. Zo’n tarbotje kost ƒ15,- tot ƒ18,- de kilo. Neem iets vergelijkbaars, een Noordzeetong van 500 gram, die kost inkoop ƒ36,- de kilo.’

Kinderkamer
Van Merkensteijn bepleit geen vangstverbod in een strook van een paar kilometer onder de kust. ‘Dat heeft geen zin. Wat mooi zou zijn is als we met elkaar afspreken dat we een paar maanden, bijvoorbeeld in februari en maart, op de Noordzee niet vissen op tarbot, schol en tong. Dit is de kinderkamer. Laat die beesten groeien en zorg dat ze nakomelingen kunnen krijgen. Helemaal verwerpelijk vind ik het dat er nu al op jonge mosselen, in feite de oogst voor volgend jaar, wordt gevist in de Waddenzee.’Kweekvis zou, volgens Van Merkensteijn, op den duur het antwoord moeten zijn op de sterk stijgende vraag naar vis. ‘Je ziet ook hier al de prijzen enorm stijgen. Zalm is in een jaar tijd twee keer zo duur geworden en kweekbaars ging van ƒ18,- naar ƒ26,- per kilo.’