artikel

Kas Bendjen wil onrust in de kudde

Horeca

Veel deernen en liters bier. Het leven in de Achterhoek is niet slecht. Al acht jaar bezingt Kas Bendjen in eigen dialect deze en andere geneugten uit het Oosten. De aanstekelijke mix van feestrock en cajun zette al menige feesttent op zijn kop. Onlangs verscheen de derde in eigen beheer uitgebrachte cd: Uut eigen deuze.

Voor wat een uit de hand gelopen hobby heet, houden de leden van Kas Bendjen het aardig lang met elkaar uit. Al bijna acht jaar spelen de vrijetijdsmuzikanten uit Vorden het spreekwoordelijke dak van menige feesttent. Dit onder het door trompettist Peter Wissink verwoordde motto: ‘Wij willen onrust in de kudde.’ Met een als ‘stamppotrock’ omschreven muziekstijl treden de zeven muzikanten gemiddeld drie, vier keer per maand op. Vooral in de zomermaanden.

Na eerst wereldberoemd te zijn geworden in Vorden, werd het territorium in de loop der jaren uitgebreid tot buiten de provinciegrenzen. Drenthe, Overijssel, Friesland, Brabant en Limburg volgden. ‘Vooral het oostelijke deel van het land, dat klopt. De muziek die wij maken is toch een soort volksmuziek. We maken puur muziek voor mensen die vermaakt willen worden. En in dit deel van Nederland begrijpen ze dat toch iets beter dan richting Randstad.’ Volgens Wissink neemt het aantal optredens in het najaar af. ‘In de winter gaan we dan weer aan de slag met het bedenken van nieuwe nummers, en zetten we de show voor volgend jaar in elkaar. We zijn altijd druk bezig met decors, en verkleden ons tijdens een optreden.’

Eigen repetitiehok
Stamppotrock op het podium, serieus in de studio. Na de twee eerdere cd’s, Loat Ons Moar lopen uit 1995 en ’t Mot Broezen, die op 1 januari 1997 uitkwam, is ‘Uut Eigen Deuze’ duidelijk een muzikale stap vooruit. Niet alleen was een groter budget beschikbaar, de opnamen werden ook gemaakt in het eigen repetitiehok van de band. Wissink: ‘Bij de tweede cd zaten we in een professionele studio, maar door tijdgebrek is die cd toen toch een beetje afgeraffeld. De spontaniteit waar we op het podium zo om bekend staan, zat er niet in. Nu hebben we er iets langer over kunnen doen en ook nog eens in onze eigen omgeving. Hierdoor was er meer tijd om aan het resultaat te sleutelen. De zangpartijen konden bijvoorbeeld meer aandacht krijgen’, zegt de trompettist, die in het dagelijks leven een eigen schildersbedrijf heeft.

Samen met de andere twee bandleden die bij het gesprek aanwezig zijn, Hans Krabbenborg (zang en akoestische gitaar) en Robert Wagenvoort (zang en gitaar) ontkent Wissink dat de muziek van Kas Bendjen op die van Normaal zou lijken. ‘Behalve dat ze ook in het Achterhoeks zingen, spelen zij voornamelijk rock en blues. Qua rock zijn er inderdaad wel overeenkomsten, maar wij willen van alles. Cajun trekt eveneens. Daarom hebben we ook een trekzak en een mondharmonica. Ook ballads gaan we niet uit de weg. ‘Al die deerns’ op onze laatste cd is een cover van het Beach Boys-nummer ‘California girls’. Dat doet het heel goed op feesten. Die afwisseling in muzikale stijlen heeft ons altijd al gekenmerkt. De feestcultuur hebben we van huis uit meegekregen. Collega-bands lachen ons er wel eens om uit. Maar het heeft gewoon met de streek te maken waar we zijn opgegroeid.’

Een stille wens van de band is om nog eens een live-optreden vast te leggen op CD. Peter Wissink: ‘Maar het moet dan echt een opname zijn die staat. En dan nog krijg je denk ik de sfeer van een optreden nooit op een cd.’ Toch is publiek, net als Grolsch, een onmisbaar smeermiddel voor Kas Bendjen. Wissink: Zo’n nieuwe cd van ons, die klinkt echt hartstikke mooi. Maar er gaat veel tijd inzitten. Ik ga liever de planken op!’ Meer info: www.kasbendjen.com