artikel

Tweeling jubileert met restaurant Normandië in Valkenswaard

Horeca

Marcel Aerts staat ‘voor’ in de zaak, zijn identieke tweelingbroer Rudie ‘achter’. Zo is het altijd geweest en zo zal het blijven in restaurant Normandie in Valkenswaard. De broers weten precies wat ze willen én wat ze hebben: een toprestaurant in het hogere segment met een eigen stijl. Het ontstond vijftien jaar geleden vanuit een hobby… Nee, dat zeg je verkeerd, verbetert de ene broer de andere: het was een heel bewuste keuze. Of ging het toch andersom… nou, ja.

Het is dat de heren in verschillende outfit zijn gestoken, anders zou je ze niet uit elkaar kunnen houden. Dezelfde pretogen kijken je aan, hetzelfde borstelige haar erboven en dezelfde bulderende lach klinkt. ‘Hij is iets langer’, zegt Rudie, duidelijk de kok met zijn koksbuis aan. Marcel, in donker maatpak, gniffelt. ‘Ik heb hem in de baarmoeder een trap gegeven, ik ben ook als eerste geboren. Op een schrikkeldag nog wel, eenenveertig jaar geleden.’ Beiden zijn brildragend, maar Rudie heeft zijn bril nu niet op. ‘Heb je hem wel bij je?’, vraagt Marcel voordat ze op de foto gaan. Rudie wijst naar zijn brillenkoker op tafel.

Ondernemen is de broers met de paplepel ingegoten. Met vader, als fabriekseigenaar aan het hoofd van een gezin met acht kinderen, gingen ze regelmatig uit eten bij gerenommeerde restaurants. Daar ontstond hun interesse voor het vakmanschap in de horeca. En zo ontstond later hun gezamenlijke doel: tophoreca bedrijven met verstand. Samen volgden ze de Middelbare Hotelschool in Tilburg, altijd in elkaars kielzog. ‘Ze dachten dat we spiekten, met altijd dezelfde cijfers, maar we overhoorden elkaar.’ Met diverse bijbaantjes en stages in de horeca sprokkelden ze een beginkapitaaltje bij elkaar. ‘Kregen we een tientje fooi, dan werd dat doormidden gescheurd en kreeg ieder een helft omdat we zo op elkaar leken.’ In die tijd oberde Rudie ook en stond Marcel wel eens in de keuken, maar al snel werd duidelijk welke kant van het horecavak de tweeling het meest lag.

Marcel, de prater en organisator, regelt de publieke kant van het restaurant. Rudie, de sfeerverzorger en de creatieve geest, is de man voor de keuken en de inkoop. ‘Er is in die vijftien jaar nooit herrie geweest’, vertelt Marcel. ‘Ja, natuurlijk scheelt het wel dat we tweeling zijn, met een andere broer had ik het misschien nooit zo lang uitgehouden. We voelen elkaar wel aan, maar niet dat soort onzin als elkaars pijn of zo, dat niet.’ Rudie: ‘Maar als we vrij hebben, treffen we elkaar toevallig weleens in hetzelfde restaurant aan, achter hetzelfde gerecht, met dezelfde wijn.’

Zakenlui
Vijfentwintig jaar waren ze toen ze in mei 1986 de deuren openden van restaurant Normandie. Het bedrijf is gevestigd in een statig pand uit de negentiende eeuw. Marcel had een mooi bedrijfsplan klaarliggen dat direct kon worden ingeleverd; bijna tot op de cent nauwkeurig was alles berekend. Vanaf het begin was hun doelgroep: zakenmensen die zowel voor werk als privé lunchen en dineren. Rudie: ‘Het is leuk dat je zakenlui van toen moest uitleggen hoe je kreeft eet. Dat waren ze niet gewend. Vroeger had je alleen maar ham-meloen en garnalencocktails op de kaart. Natuurlijk vroegen gasten ook wel eens of je dit of dat had, daar pas je de kaart op aan, maar koks blijven eigenwijs.’ Rudies keuken is Frans georiënteerd met Mediterrane en Oosterse invloeden. Zijn specialiteit: visgerechten.

Marcel kan zich de eerste weken met hun restaurant nog levendig herinneren. ‘Het was een gekkenhuis, veertig stoelen en iedere avond vol’, zegt hij. Ook kwamen de groenteboer, de slager en de rest van de plaatselijke ondernemers een kijkje nemen. ‘Om handel te doen natuurlijk’, zegt Marcel. ‘Maar wij hebben nooit een cent geleend. Ik wil niet op straat naar de bankdirecteur moeten zwaaien en denken: daar gaat mijn baas. We willen alles zelf onder controle hebben.’

Na negen jaar nam het stel het pand, dat zij eerder huurden, over van de Gulpener bierbrouwerij. Een grote verbouwing volgde waarbij een stuk aan het hoekpand werd gebouwd. Ook hiervoor lagen de plannen allang keurig beschreven in het ladenkastje van Marcel.

Uitelkaar
In eerste instantie was Gulpener niet happig op de verkoop van het pand omdat de brouwer er graag een discotheek in had gezien. Bijna was de tweeling toen uit elkaar gegaan. De zaken liepen goed en Marcel en Rudie hadden inmiddels beiden een gezin te onderhouden, waardoor uitbreiding noodzakelijk was. ‘Ik voerde al gesprekken met een ander restaurant waar ik naar toe kon, maar Rudie zei ‘Je blijft toch wel bij mij’. Typisch tweeling’, schaterlacht Marcel. ‘Toen de koop erdoor was, hebben we even een rondedansje staan maken met z’n tweeën.’Controle en continuïteit staan bij beiden hoog in het vaandel, net als respect. Marcel: ‘Wij trekken één lijn, behandelen iedereen hetzelfde. Want of het nu een directeur is of een arbeider, het is dezelfde hand die een gulden geeft. En wij blijven ook onszelf.’

Hij vervolgt: ‘Er zijn vaste gasten die hier al vijftien jaar over de vloer komen. Die ken je heel goed. Ik vind het sowieso belangrijk dat mensen die hier al jarenlang komen door het personeel met hun naam worden begroet.’ Zijn broer: ‘Een fout maken is niet zo erg, maar het personeel moet gemotiveerd zijn en er moet vooral een goede sfeer hangen. Gasten merken het meteen als je met een kwaaie kop vanuit de keuken naar het restaurant loopt. De gast moet constant dezelfde kwaliteit genieten, zowel qua gerechten als bediening.’ Rudie: ‘Wij hebben veel waardering voor ons personeel en krijgen die ook van hen. Iedereen bij ons heeft een SVH-opleiding en kan eventueel nog cursussen volgen.’ Marcel: ‘Het lijkt op de borst kloppen, maar ik kan zeggen dat we nul komma nul procent ziekteverzuim hebben. Twee medewerksters zijn al twaalfeneenhalf jaar in dienst. Dit alles hadden we nooit zonder ons personeel kunnen bereiken.’Marcel en Rudies vrouwen blijven thuis met de kinderen. Marcel: ‘Daar is bewust voor gekozen. In het begin hebben de vrouwen wel meegewerkt, toen we nog boven het pand woonden. Maar vier kapiteins op een schip, dat werkt niet. Ook voor de kinderen is het niks om aan tafel te zitten met het personeel. Ik heb er vroeger wel eens bij gezeten dat ze op hun kop kregen waar iedereen bij zat. Verschrikkelijk.’ Nu gaat het tweetal iedere werkdag om half vijf naar huis om samen te eten met het gezin, om daarna terug te keren naar de zaak.

Vertrouwen
Over de toekomst? Daar hebben ze wel vertrouwen in. Rudie: ‘Toen andere restaurants tijdens de recessie zeven jaar geleden overgingen op keuzemenuutjes, bleven wij gewoon de kwaliteitskaart voeren die we altijd hadden. Wij geloofden in onszelf. Kwaliteit wint, is ons motto. Daar blijven de gasten voor komen.’ Marcel: ‘Maar verder hoeft er niet veel over ons in, hoor. Wij zijn namelijk niet belangrijk, dat is de gast. Wij blijven bescheiden jongens.’

Profiel

Restaurant: Normandie
Eigenaars: Rudie en Marcel Aerts
Geboren: 29 februari 1960
Zaak sinds: 6 mei 1986
Doelgroep: zakelijk en privé
Couverts: 80 in het restaurant, 40 in de zaal, 60 op het terras