artikel

Brand in de cafetaria

Horeca

Altijd eerst de brandweer alarmeren!’ Sjaak Kerssens, directeur van het Amsterdamse brandbeveiligingsbedrijf Ajax bv kon het niet genoeg benadrukken. ‘Wanneer de vlam in de pan slaat of als er anderszins sprake is van brand in uw zaak, begin dan niet eerst met blussen, maar bel direct het alarmnummer. Probeer pas daarna zelf het vuur te doven. Een brand, hoe klein en onschuldig die aanvankelijk ook lijkt, kan zich altijd zodanig uitbreiden dat er binnen de korte keren geen houden meer aan is.’

Kerssens illustreerde zijn betoog met een tweetal voorbeelden op film. Allereerst toonde hij schokkende beelden van een brand op een voetbaltribune in het Engelse Bradford. Een onschuldig lijkend brandje leek zich te beperken tot een stoeltje. Maar binnen enkele minuten zette het vuur de gehele tribune in lichterlaaie. Het gevolg: elf dodelijke slachtoffers en tientallen zwaargewonden. Kerssens: ‘Iedereen dacht dat het brandje in de hand te houden was. Maar opeens blijkt het vuur een verwoestend monster dat supersnel om zich heen grijpt’. Maar een tribune met een houten overkapping is geen cafetaria. Kerssens liet nog een voorbeeld zien. Een kerstboom vliegt in de fik. Binnen 40 seconden staat de hele kamer in brand en de filmopname toont slechts zwart.

‘Vuur is nodig; brand is vuur op een ongewenste plaats’, zo definieerde Sjaak Kerssens de ‘overvaller’ die vuur kan zijn en waarmee je plotseling en heel gluiperig te maken kunt krijgen. Brand is vaak te wijten aan aspecten als onwetendheid, onvoorzichtigheid en onverschilligheid. Maar net zo belangrijk is: Wat te doen indien het bedrijf, ook bij voldoende voorzorgmaatregelen, tóch getroffen wordt door vuur op een ongewenste plaats. Eerst alarmeren dus. Vervolgens aanwezige personen in veiligheid brengen. Daarna alle deuren en ramen sluiten, want zuurstof en luchtverplaatsing zijn belangrijke voedingsbodems voor brand. En probeer pas dan het vuur te doven.’

Oververhit vet ontbrandt bij een temperatuur van 330 graden Celsius uit zichzelf. ‘Bestrijdt dit nooit met water’, waarschuwde Kerssens. ‘Eén liter water veroorzaakt dan 1600 liter gloeiend heet stoom dat zijn weg zoekt’. Hij adviseerde bij een ovenbrand het gebruik van een CO2-blusser in combinatie met een blusdeken. ‘Met het blusapparaat verdrijft u de vlam, waarna de blusdeken zorgt dat de brandhaard vrij blijft van nieuwe zuurstof. Pleeg deze handeling bij voorkeur met z’n tweeën. Overigens voldoen blusdekens niet altijd bij grotere bakovens. Bij feller vuur kunnen de vlammen dwars door de deken heenkomen.’ Kerssens voegde daar aan toe dat begin volgende jaar een nieuwe categorie blusstof op de markt komt, die speciaal geschikt is voor oververhit vet. ‘Het betreft een schuimsamenstelling die zich automatisch vormt tot een soort deken.’ Verder sluit hij niet uit dat op termijn bakwanden standaard moeten zijn voorzien van een blusinstallatie. ‘Een soort sprinklerinstallatie, maar dan boven de frituuroven.’

Bij brand elders in de zaak, brak Sjaak Kerssens een lans voor het gebruik van een schuimblusser. ‘Poederapparaten veroorzaken erg veel troep en schade achteraf. Schuim beperkt zich tot de brandlocatie. Richt bij de bestrijding de blusser wel altijd op de basis van het vuur. Neem daarbij voldoende afstand in acht’, aldus Kerssens, die ook nog tips gaf ter preventie. ‘Impregneer bijvoorbeeld kerstukjes en andere versieringen in uw zaak met een brandwerende stof. Controleer bovendien geregeld of uw brandblusapparaten nog verzegeld zijn. Dit garandeert een correcte vulling.’