artikel

FOOD woordenlijst D E F

Horeca

Hier staat alle foodjargon voor de letters D E F

DDagvers
Verse producten met een korte houdbaarheid die veelal dagelijks worden aangevoerd.

Dagvers
gebakken, verwerkt of van de veiling betrokken producten, op dezelfde dag als wanneer het in de winkel wordt aangeboden (meestal gebezigd voor brood & banket, zuivel en agf).

Database management
Het managen van gegevensbestanden. Deze bestanden kunnen informatie bevattten over artikelen, accounts, logistieke details, etc.

DC
Afkorting voor Distributie Centrum.

Dc
distributiecentrum. Verzamelpunt/opslagruimte van waaruit goederen van de fabrikant aan de detaillist geleverd worden, al dan niet via het detaillisten-dc.

Dekking
Deel van de doelgroep dat door een activiteit wordt bereikt.

Delicatessen
Luxe gemaksproducten, al dan niet kant-en-klaar of vers, met een hoge marge.

Derving
Omzetverlies niet als gevolg van economische problemen, maar veroorzaakt door diefstal van goederen of het bederven van voedsel.

DetaillistWinkelier.

Diep assortiment
Collectie producten die zich kenmerkt door veel smaak-, merk- en/of formaatvarianten per productgroep.

Direct mail
Techniek om doelgroep te benaderen op basis van op naam gestelde post.

Discount
Winkelformule die zich onderscheidt door extreem lage prijzen. Veelal met een laag serviceniveau.

Discount
Verkoop vanuit dozen tegen lage prijs, zonder verdere service.

Display
Tijdelijke, aandachttrekkende stelling op de winkelvloer, vaak voorzien van topcard, om extra aandacht voor een product te trekken.

Dkw
Droge kruidenierswaren. Alle levensmiddelen die op kamertemperatuur houdbaar zijn en in de winkel niet vanuit koeling, diepvries of bediening worden verkocht. Oorspronkelijk het kernassortiment van de traditionele kruidenier.

Downgrading
Het verlagen van het serviceniveau en de uitstraling van een winkelformule.

Downgrading
Winkel of winkelformule die de discountaanpak gaat imiteren met als gevolg lagere prijzen en (vaak) minder toegevoegde waarde.

DPC
Direct product costs. De optelsom van alle kosten die er omtrent een product gemaakt worden voordat het in het supermarktschap staat.

DPC/DPP-model
Model dat de direct toerekenbare kosten vanaf het dc tot en met de kassa in beeld brengt.

DPP
Direct Product Profitibilaty. Directe-kostenmethode: een rekenmethode waarbij de overhead evenredig wordt verdeeld over alle producten.

DPP
Direct product profitability. Toetssteen van winstgevendheid (netto marge). Het bedrag dat overblijft als alle kosten die in de supermarkt omtrent een product gemaakt worden, eraf zijn.

Draadschappen
Winkelschappen die van draad zijn gemaakt.

Drogmetica
Samentrekking van drogisterij en cosmetica. Verzamelnaam voor drogisterij-artikelen, cosmetica en geneesmiddelen in food.

Drugkanaal
Drogisterijkanaal.

Dumping
Concurrentiewapen waarbij een fabrikant of retailer op agressieve wijze marktaandeel en/of omzet probeert te veroveren door tegen zeer lage prijzen producten te verkopen, vaak ver onder de gebruikelijke consumentenprijs. Dumping heeft vaak een marktverstorende werking.

EEAN-code
European Article Number. Streepjescode. Wereldwijd aanvaarde codes waarmee goederen gedurende transport en in de winkel geÔdentificeerd kunnen worden. Elk product of transport heeft zijn eigen unieke code, die informatie bevat over land van productie, fabrikant en product.

E-commerce
Het aanbod en de verkoop van artikelen via de electronische snelweg internet.

Eco-productenProducten – voornamelijk vers – die op een milieuvriendelijke en/of energiebesparende wijze geproduceerd zijn. Eko-keurmerken worden steeds vaker als onderscheidend instrument gebruikt binnen marketing naar de consument.

ECR
Efficient Consumer Response. De samenwerking tussen retailer en fabrikant om beter, sneller en tegen lagere kosten te voldoen aan de vraag van de consument.

EDIElectronic data interchange. Elektronische uitwisseling van productinformatie tussen fabrikant en detailhandel, zodat een zo efficiënt mogelijke voorraadvorming mogelijk is. Door direct te kunnen reageren op een dreigend out of stock kan een winkel volstaan met een minimale voorraad.

EDLC
Every day low costs. Elke dag lage kosten. Strategie om permanent de kosten van transport, opslag en retailvoorraad te verlagen door een stroomlijning van de logistiek en het flexibeler inspelen op consumentenbehoeften.

EDLP
Every day low prices. Elke dag lage prijzen. Marketingstrategie, ontwikkeld als alternatief voor promotie-acties. Permanente verlaging van een productprijs om klanten tot aankoop hiervan te brengen.

Efficient Assortment
Optimaliseren van de prestaties van het totale productaanbod (per categorie) aan de eindgebruiker.

Efficient Product Introduction
Optimaliseren van het effect van nieuwe producten door deze toegevoegde waarde te laten bieden t.o.v. het bestaande assortiment. Bij de introductie hoort een perfecte voorbereiding waarbij alle partners betrokken worden en de doelstelling en planning eenduidig vastliggen.

Efficient Promotion
Optimaliseren van het effect van promoties door duidelijke doelstellingen te formuleren en een relatie te leggen met de strategie voor het betreffende assortiment. De promotie-activiteiten dienen goed aan te sluiten op de vraag van de eindgebruiker.

Efficient Replenishment
Een integrale benadering van de planning en beheersing van de goederenstroom van toeleverancier tot eindgebruiker.

EFT
Electronic file transfer. Term om aan te geven dat er elektronisch betaald wordt door een klant. De caissiËre toets de knop EFT in, waardoor er een verbinding wordt gelegd met Interpay.

Eigen merk
Zie ook private label. Een merk dat exclusief wordt geproduceerd voor een supermarktketen, -organisatie of inkoopcombinatie. Over het algemeen hebben detaillisten margetechnisch meer baat bij een eigen merk of huismerk dan bij een fabrikantenmerk.

Elasticiteit
Bandbreedte die een merk, product of winkel volgens marketingmensen kan hebben om te variëren in prijs of actiediepte (prijselasticiteit, merkelasticiteit).

Emballage
Lege flessen en kratten die in de supermarkt worden ingeruild op basis van een statiegeldregeling. Zo kunnen de verpakkingen worden hergebruikt.

Ergonomisch
Voorwaarde voor gebruiksvriendelijke apparatuur en meubilair. In het gebruik niet belastend voor spieren en gewrichten, huid, gehoor en gezicht (ergonomisch verantwoord).

Europallet
Pallet met de collomodulaire afmetingen 80 bij 120 centimeter.

Euroshopper
Eigen merk met lage prijsstelling dat wordt gebruikt door een aantal AMS-partners, waaronder Albert Heijn.

Exclusieve distributie
Wanneer één verkooppunt per verzorgingsgebied bestaat, omdat de consument toch wel bereid is vanwege een bepaalde voorkeur een maximale verkoopinspanning te verrichten.

FFacing
het aantal dezelfde producten naast elkaar in het schap.

Fair share
het omzetaandeel in een bepaalde productgroep waar een detaillist ‘recht’ op zou hebben, gezien zijn marktaandeel. Vaak wijken omzetcijfers echter af van deze fair share. Detaillisten kunnen boven hun fair share zitten (zij hebben een hoger aandeel dan volgens hun marktaandeel te verwachten was) of beneden hun fair share (hun aandeel is lager dan volgens hun marktaandeel te verwachten was).

Family grouping
Rangschikking van producten op basis van het gebruik bij de consument. Dus niet alle sauzen bij elkaar en alle pasta in een ander schap, maar sauzen en pasta geïntegreerd in één schap.

Fancy-merk
Vergelijkbaar met een C-merk. Product waarbij de nadruk wordt gelegd op prijs zonder de verpakkingsuitstraling echter te minimaliseren.

Fast food
Snel te bereiden en te consumeren voedingsmiddelen.

Fast moving consumer goods
Producten met een hoge omloopsnelheid.

FIFO
First in, first out. Manier van vakkenvullen, waarbij het meest ‘verse’ product achteraan in het schap komt te staan.

Filiaal
Verkooppunt dat onderdeel uitmaakt van een grootwinkelbedrijf. Niet te verwarren met vrijwillig filiaal bedrijf, waarbij zelfstandig ondernemers zich bij een winkelformule aansluiten.

Filiaalmanager
Zie bedrijfsleider.

Filialen I
Zie grootwinkelbedrijf.

Filialen II
Zie regionaal grootwinkelbedrijf.

Flowpack
Manier van verpakking waarbij het product in een open plastic schaaltje ligt, omgeven door een al dan niet transparante omverpakking.

Formule
Het geheel van factoren dat uiterlijk, uitstraling, doelgroep, verkoopbeleid en imago van een winkel of winkelketen bepaalt.

Formulemanager
Eindverantwoordelijke voor de bewaking en de uitvoering van de strategie en de positionering van een winkelformule.

Formuleprofilering
Wijze waarop een formule zich een plaats probeert te verwerven binnen de perceptie van een consument. Zo kan een supermarktformule zich profileren als discounter, full service-supermarkt of conveniencewinkel.

Franchisenemer
Winkelier die op basis van vaste afspraken en vergoedingen gebruik maakt van een door derden ontwikkelde winkelformule. Franchiser
Detaillist die als onafhankelijk ondernemer gebruik maakt van een winkelformule

Franchising
Contract tussen een winkelorganisatie en een zelfstandig ondernemer die gebruik wil maken van de formule van deze keten. De franchisegever biedt dan tevens zaken als verkoop- en distributiefaciliteiten aan.

Frequentie
Het aantal keren dat een genoemde activiteit plaatsvindt.

Full line-supermarkt
Supermarkt met een zeer breed assortiment in zowel food- als non food.

Full service supermarkt
Supermarktvorm die zich positioneert als formule met aandacht voor alle productgroepen (kw, vers, koelvers/diepvries), een breed en diep assortiment en gebruikelijke service-elementen zoals bediening.

Fun shopping
Recreatief winkelen.

Functional foods
Een opkomende generatie levensmiddelen die fabrieksmatig voorzien worden van gezondheidsbevorderende stoffen zoals vitaminen, kalk etc.

Funshopping
Gezellige, oriënterende manier van winkelen in de sfeer van luxebestedingen (secundaire behoeften).

Fust
een (om)verpakking van hout of metaal, meestal een vat.