artikel

Meeste ondernemers zeker van hun zaak:

Horeca

Driekwart van de café- en discotheekhouders in ons land sluit een ramp zoals in café De Hemel in Volendam in hun zaak uit. Tijdens het nieuwjaarsfeest vatte in het drukke café de kerstversiering vlam. De daarop volgende brand eiste dertien mensenlevens en vele gewonden. Ondernemers die een ramp uitsluiten, zeggen dat ze aan alle eisen voldoen en snel kunnen ontruimen. Wat versieringen betreft, heeft ruim de helft van de bedrijven die straks carnaval vieren, extra brandwerende maatregelen genomen.

Kik hier voor het dossier over brand met preventietips, wetten en regels en de volledige tekst van het onderzoek.

Een en ander blijkt uit een enquête over de brandveiligheid in de horeca dat Siebenheller & Partners in Nijmegen in opdracht van Misset Horeca uitvoerde. Aan de enquête deden ruim 100 horecaondernemers mee, waaronder tien discohouders. Precies een kwart van de ondervraagde ondernemers stelt dat een vergelijkbare ramp in hun bedrijf niet mogelijk is omdat ‘alles perfect is geregeld’. Nog eens bijna een kwart geeft aan ‘meer en betere nooduitgangen’ te hebben.
Bij elkaar opgeteld 37 procent sluit een ramp uit vanwege het feit dat ze bouwtechnisch gezien een totaal ander bedrijf hebben. Ze hebben een veel kleiner bedrijf, ze hebben een hoger plafond of het bedrijf heeft geen verdiepingen. Nog eens 18 procent stelt zich gerust met de gedachte ‘niet van die versieringen te hebben’ die in Volendam in het ontstaan van de catastrofe een hoofdrol speelden. De overige respondenten die een vergelijkbare ramp uitsluiten, wijzen erop dat ze voldoende goed aangegeven vluchtroutes hebben.

Vertrouwen
De verklaringen geven vooral aan hoeveel vertrouwen de ondervraagden hebben in maatregelen die brand moeten voorkomen of die moeten leiden tot een zorgvuldige ontruiming in geval van calamiteiten. Het wil immers niet zeggen dat ondernemers die een ramp als in Volendam niet uitsluiten (25 procent) geen maatregelen genomen zouden hebben. Je kunt aan alle eisen voldoen en het ergst denkbare tóch niet uitsluiten. Niettemin laat de vraag heeft u het idee dat uw zaak optimaal brandveilig is? ongeveer dezelfde percentages zien (74 procent: ja / 26 procent: nee.). Bijna een kwart van de ondernemers vindt dus dat hun zaak niet optimaal brandveilig is. Uit de analyse blijkt dat 42 procent van de ondervraagden die een ramp niet uitsluiten, toegeeft dat ze hun zaak niet optimaal brandveilig vinden. Een ruime meerderheid die de eigen brandveiligheid in twijfelt trekt, stelt dus ook dat een ramp van het kaliber Volendam niet bij hen kan gebeuren. Daarbij voeren ze wel aan dat hun bedrijven niet op een verdieping van een pand zijn gevestigd.
Volendam heeft de horeca overigens wel wakker geschud, want 22 procent van alle ondervraagden heeft sinds het inferno, al dan niet op last van de brandweer, extra maatregelen genomen. Nu wordt het begrip extra maatregelen nogal ruim geïnterpreteerd, want 45 procent van degenen die iets hebben gedaan, noemt ‘extra controle van de brandveiligheidsmaatregelen’ een maatregel. Maar verschillende ondernemers hebben meer brandblussers opgehangen, meer en betere noodverlichting geïnstalleerd, bestaande nooduitgangen verbeterd of nieuwe nooduitgangen aangebracht.

Controles
Overigens heeft de brandweer na de ramp z’n controles in de horeca verhevigd. Eind januari waren de zaken van maar liefst 27 procent van de ondervraagden al bezocht. Meer dan de helft kreeg vorig jaar de brandweer nog voor een controle over de vloer. 6 procent meldt dat controle al drie jaar of langer is geleden. Opvallend is dat 7 procent nog nooit controle op brandveiligheid heeft gehad.
De controles hebben alles te maken met het komende carnavalsfeest, waarbij vele duizenden, vooral jongeren, zich naar het café zullen begeven.
57 procent van de ondernemers die carnaval in hun zaak vieren (en dat is iets meer dan een derde van alle respondenten) heeft extra brandveiligheidsmaatregelen genomen. In de meeste gevallen gaat het om het brandwerend maken of aanschaffen van brandwerende decoratie. In de regio Gulpen mogen ondernemers van de brandweer alleen nog maar aluminium decoratie ophangen, zo liet een van de deelnemers aan de enquête weten.
Na de ramp is er nogal wat kritiek ontstaan op het gedoogbeleid van de gemeentelijke overheid. De gemeenten zouden eisen stellen, ook nog wel controleren, maar onvoldoende consequenties verbinden aan het niet voldoen aan de eisen. Er is een ommezwaai naar lik-op-stukbeleid. Wie het bij herhaling af laat weten, moet z’n zaak sluiten. Het is het schrikbeeld van elke horecaondernemer. Maar van de deelnemers aan de enquête naar brandveiligheid zegt maar liefst 93 procent van de ondervraagden er begrip voor te hebben dat gemeenten na herhaald waarschuwen een bedrijf sluiten als het niet aan de voorschriften voldoet.

Rampenoefening
Een kwart van de ondervraagde ondernemers zegt met enige stelligheid alles perfect in orde te hebben als het om brandveiligheid gaat. Het is nog de vraag wat ze met perfect bedoelen, een deel van hen heeft namelijk nog nooit een rampenoefening gehouden. Totaal 16 procent van alle ondernemers heeft dat wél gedaan. En van de 84 procent die negatief op de vraag antwoordde, zegt ook nog eens 77 procent niet van plan te zijn in de toekomst een rampenoefening te doen.
Van de ondervraagden heeft slechts 42 procent een ontruimingsplan en iets meer dan de helft heeft de door de Arbowet verplichte Risico Inventarisatie en Evaluatie (RIE) uitgevoerd.
Slechts een paar ondernemers nemen de moeite het publiek op uitgaansavond te wijzen op de vluchtroutes in het bedrijf, bijvoorbeeld door het uitdelen van flyers of door een spot te zetten op de bordjes die vluchtroutes markeren. Wel meent 91 procent dat de vluchtroutes duidelijk zijn aangegeven. Overigens blijkt dat het publiek er vanuit gaat dat de zaak veilig is. Bijna een kwart van de ondervraagden laat weten wel eens vragen van gasten te krijgen over welke brandveiligheidsmaatregelen zijn genomen.

Nooduitgangen
In sommige gevallen zouden dergelijke vragen trouwens nogal confronterend kunnen zijn, want enkele ondernemers met zaken tot maximaal 150 gasten, moeten bekennen dat ze geen echte nooduitgang(en) hebben. Een discotheekhouder met een zaak die een capaciteit heeft van maximaal 500 personen, denkt met twee nooduitgangen uit de voeten te kunnen als er brand uitbreekt.
Van de ondervraagden meldt 88 procent opgelucht nog nooit brand in de zaak te hebben gehad. Op de vraag wat doet u als er brand uitbreekt? was er wat variëteit in de volgorde van de antwoorden, maar als belangrijkste en meest voor de hand liggende acties werden genoemd: de gasten in veiligheid brengen, de brandweer bellen en zelf de brand blussen.

Schuldvraag niet beantwoord

De horeca speelt wijselijk niet voor rechter. Op de vraag wie is de hoofdschuldige van de ramp in Volendam? antwoordt een op de drie ondervraagden met: geen mening! Maar daarna komt eigenaar Veerman in beeld. 19 procent van de deelnemers aan de enquête meent dat hij hoofdverantwoordelijk is voor wat er zich in zijn zaak op nieuwjaarsnacht heeft afgespeeld. Maar de gemeentelijke overheid scoort met 18 procent bijna net zo hoog. Een combinatie van beide wordt door 13 procent genoemd, en 15 procent betrekt er ook nog eens de gasten bij. 7 procent van de ondervraagden vindt dat de verantwoordelijkheid volledig bij de gasten zelf ligt.