artikel

6 Vragen over BSE

Horeca

Koetjes en kalfjes zijn vaak kern van de gesprekken aan tafel, maar de laatste tijd vooral in verband met het BSE-schandaal en dat is de bedoeling niet. We willen onze gasten weer een biefstuk van de haas kunnen voorzetten, zonder ellendige Creuzfeld Jacob scenario’s.

We vragen ons vertwijfeld af hoe het zover heeft kunnen komen, waarbij het ons ontgaat dat alle voedselperikelen die ons de afgelopen twee, drie jaar teisteren, een direct gevolg zijn van het menselijk feilen. Als het met de veiligheid van voedsel en van levensmiddelen misgaat, moeten wij de hand nadrukkelijk in eigen boezem steken. Zolang geld een concurrentie-element is, mag je verwachten dat er aan de kostenmarges wordt gepeuterd en is de veiligheid van voedsel in het geding. In dat opzicht lijden wij aan een soort gekkemensenziekte.
Toch willen uw gasten met een gerust hart rundvlees kunnen eten en zullen u en uw medewerkers raad moeten geven en moeilijke vragen moeten beantwoorden. Daarom behandelen we enkele vaak gestelde vragen over BSE.

Wat is BSE?
BSE is een erfelijk overdraagbare ziekte die uitsluitend bij herkauwers voorkomt. De ziekte ontwikkelt zich na dertig maanden bij alle viermagigen: runderen, schapen, geiten, herten, kamelen en dromedarissen. Maar niet bij beesten die jonger zijn dan dertig maanden, dus niet bij kalveren. BSE tast vooral de evenwichtsorganen aan. BSE heet de oorzaak te zijn van de ziekte van Creuzfeld Jacob, een razendsnel dementieproces. Het verband tussen die twee aandoeningen moet nog steeds onomstotelijk aangetoond worden.

Welk vlees kun je met een gerust hart eten?
De overdracht van BSE geschiedt door het zogenaamde BSE prion, onderdeel van dierlijke eiwitten, en gaat via hersenen, ruggenmerg, ogen, milt, amandelen en dunne darm. BSE wordt niet via de zwezerik overgedragen. De zwezerik is het orgaan dat kalveren doet groeien en dat bij een volwassen rund verdwenen is en kan dus zonder problemen geserveerd worden. In principe is verder alle spiervlees BSE-vrij.
Verder zijn ook van BSE gevrijwaard: varkens, kippen, ganzen, eenden, kalkoenen, hazen, konijnen, paarden en vissen. Zij zijn niet vatbaar voor BSE, ook al hebben ze ‘gevaarlijk’ diermeel gegeten.

Hoe veilig is het Nederlandse rundvlees?
Voorbeeldig veilig. In Nederland worden de bovengenoemde risicodelen sinds ’97 uit het slachtproces verwijderd en vernietigd. Begin jaren ’90 stak de BSE in Engeland de kop (weer) op. Ons land heeft toen onmiddellijk de invoer van Engels sperma, diermeel, rundvlees, rundvleesproducten en fokvee stopgezet. Productievoorwaarden zijn in de loop der jaren aangescherpt tot en met de stringente maatregelen van ’97. De BSE-gevallen die zich toch nog in Nederland aandienen zijn ‘oude’ gevallen, want door genetische overdracht kan BSE zich na zeven jaar nog openbaren.

En Iers rundvlees?
Ook Ierland heeft bij de eerste Britse BSE-problemen onmiddellijk zijn grenzen voor alle Britse rundvlees, diermeel en fokmateriaal gesloten. Carpaccio van Iers rundvlees is derhalve volledig verantwoord.

Hoe veilig werken we in Nederland?
Orgaanvlees mag in Nederland al een tijd niet meer gebruikt worden. Sinds 1997 zijn ook de productielijnen in diersoorten gescheiden. Herkauwers zijn afgescheiden van andere dieren. Het slachtafval wordt al sinds begin jaren ’90 tenminste twintig minuten bij 133 graden verhit en de vleesdelen zijn maximaal een halve millimeter groot. De risico’s die er nu nog zijn, liggen bij de versleping, ook wel de contaminatie genoemd. Dat wil zeggen dat er bij het transport nog risico’s zijn. Ook daar worden bij ons nu de scheidingen doorgevoerd. De diervoederindustrie zal onderworpen worden aan de ons zo bekende HACCP. De eisen en regels daaruit gaan spoedig ook gelden voor de slacht- en vrieshuizen en voor de transportfirma’s. Dat vergt weer enorme inspanning op het gebied van opleidingen en certificering en daarmee zal de prijs van vlees omhoog gaan.

Wat doen andere Europese landen?
Voorlopig mag in Europa niet meer met diermeel gevoerd worden. Duitsland en Frankrijk hebben lang gedacht dat BSE in hun land niet voorkwam. Organen en hersenen zijn daar tot voor kort nog gewoon in diermeel verwerkt. Ze hebben daardoor grote achterstand. Nederland wordt voorbeeldland omdat we er al zo’n tijd mee bezig zijn. Opvallend is in dit verband dat Scandinavische landen ook lang geaarzeld hebben met het nemen van maatregelen.