artikel

IJskarbouwer Jan Rozeboom ziet gat in de markt

Horeca

Voor organisatoren van kleine partijen die de gasten op ijs willen trakteren, of partycateraars die opdraven bij mini-evenementen, is de huur van een grote ijskar te kostbaar. Met de bouw van de Gelato Bar denkt Jan Rozeboom van Rozeboom IJsspecialiteiten in Apeldoorn dit gat in de markt gedicht te hebben. Hij presenteerde zijn Gelato Bar voor het eerst op de Horecava.

Rozeboom is hoofdzakelijk ijssalonhouder, maar houdt er samen met zijn broer Arnold, ijssalonhouder in Ermelo, de bouw van ijskarren als neventak op na. Zelf bezit hij twee (antieke) zelfgebouwde ijskarren, die hij verhuurt. Rozeboom: ‘Als iemand zo’n grote ijskar wil huren, dan heb je toch al snel 100 mensen nodig. Want de huurprijs is 500 gulden, inclusief ijs. Met de Gelato Bar kunnen ook kleinere groepen bediend worden.’
De Gelato Bar is een kleine, handzame ijsschepbak met één ijsbus voor 12 liter ijs.
Rozeboom denkt voor de Gelato Bar aan een verhuurprijs tussen de 200 en 250 gulden.
De broers Rozeboom hebben inmiddels vijf Gelato Bars gebouwd (‘Tussen kerst en oud en nieuw’) en verheugen zich in een goede beursbelangstelling. Jan Rozeboom: ‘Ik heb er (halverwege de Horecava, red.) inmiddels al zes verkocht. Dat is boven verwachting.’
Het zijn vooral ijssalonhouders die enthousiast reageren en een Gelato Bar willen aanschaffen om deze vervolgens weer te verhuren. Op basis van reacties denkt oud-kerkorgelbouwer Rozeboom er uiteindelijk een twintigtal te kunnen slijten. Kopers betalen 2950 gulden exclusief BTW voor de Gelato Bar, inclusief koelpatronen en ijsbus. Als accessoires zijn voor klanten een beschermhoes (225 gulden) of op maat gemaakte verrijdbare tafel (475 gulden) verkrijgbaar.
Twee jaar geleden timmerde Rozeboom op de Horecava al aan de weg met een ijsknijperbak met douchekraan, gemonteerd op een ijskar. Deze is langzamerhand gemeengoed geworden bij ijskarren.
Overigens staat de ijssalon van Jan Rozeboom in Apeldoorn nog steeds te koop. ‘Er zijn wel gegadigden’, zegt hij, ‘maar het loopt steeds vast op het geld.’