artikel

Mens, durf te leven!

Horeca

Prima, maandagmiddag rond half zes. Ik wacht op jullie. Drinken we samen een welkomstglas en daarna doe je maar wat je zelf wilt en laat je maar eens verwennen.’ Sleutelwoorden die, zo zal later blijken, gelden voor een verblijf op het ‘Landgoed De Klinze’. Op deze late en druilerige februarimiddag zijn Sonja en ik onderweg naar het noorden van Friesland. Dokkum 9 kilometer, wijst een minuscuul ANWB-bordje aan. De schemering valt snel over het uitgestrekte, nog besneeuwde land. ‘Geen wonder dat Dokkum het keerpunt is van de Elfstedentocht’, merkt mijn teerbeminde op. ‘Je kunt gewoon niet verder.’ Dan wordt onze aardrijkskundige discussie afgebroken door een in floodlight badende Friese State.

Stapvoets laat ik onze voiture de lange oprijlaan afleggen. De loper ligt uit. Voor de gasten betekent het zonder woorden: ‘Welkom op De Klinze’. Deze oorspronkelijke Friese State uit 1655 in het dorpje Aldtsjerk werd in 1988 omgetoverd tot een hotel-restaurant met een weergaloze allure. Luxe, comfort, beauty- en massagesalons, whirlpool, Turkse baden, zwembad, sauna, een stal met paarden en rijtuigen. Het is er allemaal. Eigenaar-directeur Gert Snijders staat als een kasteelheer op ons te wachten.

State De Klinze
Het ‘samen een glas drinken’ wordt een feest. Het aansluitende diner eveneens. Genieten jullie maar, is het welgemeende advies. ‘Morgen praten we verder.’ Dan verdwijnt de maestro als een ‘zorro’ in de Friese nacht. ‘Flamboyante man’, is de oprechte mening van mijn echtgenote, die zich de volgende morgen met genoegen laat opnemen in het verwencircuit van De Klinze. Voor mij de gelegenheid bij te praten met Gert Snijders (59), een bourgondisch mens en tevens horecaman in hart en nieren, nationaal en internationaal. Tijdens het gesprek observeer ik hem. Een dominant en gedreven mens met een prachtig gevoel voor humor. Overtuigd van zijn kunnen en niet te beroerd om ook voor zijn soms niet-kunnen uit te komen. Twaalf jaar geleden heeft ie De Klinze voor een appel en ei uit een faillissement gekocht en er een sprookje van gemaakt. Samen met z’n personeel. Dat woord ‘samen’ is heilig hier. Het succes van De Klinze is volgens Gert Snijders dan ook mede te danken aan het samenspel van zijn mensen met de gasten. ‘De klant is hier geen koning, maar hij wordt wel koninklijk behandeld. Warmte, sfeer, ambiance en pure kwaliteit moeten basiskenmerken zijn van deze bijzondere herberg.’ Snijders koestert deze aanduiding. ‘Alles was hier wit. Jan de Bouvrie had goed huisgehouden. Klerezooi. Het was een kil huis met een sfeer van bleke Betje. Ik word eng van die man.’

Lage drempel
We lopen de majestueuze hal in. De historie en de rijkdom van deze State zijn weer terug en eveneens de mooie mahoniehouten kleuren die daarbij horen. Staande onder een imposante kroonluchter krijg ik nog een lesje marketing. ‘Mensen zijn niet gek. Ook al gaat het ze financieel voor de wind. De Klinze heeft vier sterren, maar levert een vijfsterren product. Onze oprijlaan is voor mij elke morgen een test. Na die 500 meter moet het kloppen en als dat zo is, zijn de gasten onze reclame. Zo niet, dan kun je het schudden.’Dinsdagmorgen 11 uur. De koffie is koud geworden. Ik ben onder de indruk van deze gepassioneerde man. Ik staar naar buiten, naar de statige oprijlaan en hoor hem zeggen: oprijlaan – landgoed. Heel mooi, maar de drempel moet laag zijn, net als in een café. Daarover de volgende keer. Boven de deur van de herberg zou de tekst kunnen hangen: ‘Mens, durf te leven’. Daar is hier in De Klinze niets mis mee!