artikel

Gildeleden betaalden dubbele vutpremie

Horeca

Het Nederlands Horeca Gilde (NHG) heeft de eigen vutregeling Svuho noodgedwongen stopgezet. De regeling, nog geen jaar oud, is niet te handhaven omdat de leden van het NHG vastzitten aan de ‘verplichte prepensioenregeling’ van het BPF Horeca (Bedrijfspensioenfonds Horeca) en daardoor dubbele vutpremie betalen.

Gildeleden betaalden dubbele vutpremie

Het NHG dacht met een eigen vutregeling voordeliger uit te zijn, maar door het handhaven ervan betalen de leden sinds medio vorig jaar twee keer premie: een keer aan de Svuho en een keer aan het BPF Horeca.
Eind vorige maand kregen de NHG-leden een brief in de bus met de mededeling dat de Svuho (Stichting Vervroegd Uittreden uit de Horecabranche) is stopgezet. Dat betekent dat ze geen premie meer hoeven te betalen, maar dat ze ook geen vutaanvragen voor personeelsleden meer kunnen indienen. De Svuho handelt nog wel de lopende uitkeringen af. Er zijn drie mensen die via de stichting een vut-uitkering krijgen.
Vice-voorzitter Miranda van Dinther van het NHG zegt dat het stopzetten van de regeling de enige optie was, hoewel de premie van de prepensioenregeling van het BPF Horeca aanzienlijk hoger is dan die van de regeling van het gilde (4,8 procent ten opzichte van 1,88 procent). De BPF-regeling is door Koninklijk Horeca Nederland, de Horecabond FNV en de Bedrijvenbond CNV in het leven geroepen.

Ontheffing
Het NHG heeft de leden laten weten niet heen te kunnen om de ‘verplichte vroegpensioenregeling’ van het BPF Horeca. Koninklijk Horeca Nederland (KHN) vindt dat echter geen zuivere voorstelling van zaken. Directeur Jeu Claes van KHN zegt dat er van verplichting geen sprake is, omdat bedrijven of organisaties die een eigen regeling hebben, ontheffing van de prepensioenregeling kunnen aanvragen.
De KHN-voorman acht de kans groot dat het NHG die ontheffing had gekregen indien hij was aangevraagd. Claes: ‘Maar dat is niet gebeurd, terwijl ik weet dat er een paar honderd bedrijven zijn die dispensatie hebben.’

Volgens de KHN-directeur is het besluit van het NHG (genomen in overleg met CAO-partner de Onafhankelijke Vakbond LBV) vooral ingegeven door het feit dat de stichting te slecht bij kas zit om de vutuitkeringen op te hoesten: ‘Ze kunnen het gewoonweg niet betalen.’
Van Dinther van het NHG vindt dat wat kort door de bocht, maar geeft wel toe dat er financiële problemen hadden kunnen ontstaan als het aantal vutaanvragen een vlucht had genomen. Het NHG had wel dispensatie van de KHN-prepensioenregeling gewild. ‘Maar dat is bepaald minder eenvoudig dan KHN doet voorkomen. Het betekent dat we ons voor veel geld uit het BPF moeten kopen en daar hebben we geen zin in.’

De nieuwe situatie lost trouwens niet alle ongemakken op. De leden van het NHG moeten zich, om hun medewerkers volledig van de vroegpensioenregeling te kunnen laten profiteren, aanmelden bij nóg een stichting, de Sohor. Die regelt de overgang van vut naar prepensioen. Omdat het NHG een eigen CAO heeft, en niet de horeca-CAO volgt, accepteert de Sohor geen gildeleden.