artikel

De wording van De Wereld

Horeca

Hotel De Wereld in Wageningen wordt weer een echt hotel, en de man die het legendarische bedrijf nieuw leven in gaat blazen is Addie Roelofsen. De afgelopen twee jaar timmerde hij al aan de weg met het superstrakke restaurant ’t Ambacht in Driel. De Wageninger noemt zichzelf een selfmade man. Drie jaar geleden riep iedereen nog: Who the fuck is Addie Roelofsen?’ Inmiddels is hij begonnen aan een karwei waar de meeste ondernemers alleen maar van kunnen dromen. Wie is die man die De Wereld heeft veroverd?

De wording van De Wereld

Addie Roelofsen is begonnen aan z’n droomklus. Het welslagen van de heropening van het beroemdste hotel van Nederland ligt voor een belangrijk deel in zijn handen. Wageningen Universiteit en Researchcentrum, de eigenaar van het pand, gaf onlangs het groene licht voor de heropening van het befaamde hotel De Wereld.

Wageningen UR steekt daarmee behoorlijk zijn nek uit, want De Wereld is een legendarische naam. Een mislukt horecaproject zou veel afbreuk doen aan het historische imago. Maar volgens Simon Vink, woordvoerder van de Raad van Bestuur, zijn er genoeg redenen om Hotel De Wereld nieuw leven in te blazen. Volgens Vink neemt de universiteit met het plan juist haar verantwoordelijkheid voor het historische monument. ‘Het is goed voor de sfeer en de uitstraling van de gemeente Wageningen, en het draagt ook bij aan onze eigen uitstraling. Bovendien zorgt het voor meer toeristen.’

Voor de exploitatie koos het bestuur van de landbouwuniversiteit deze zomer uit een lijst van vijf kandidaten. De keuze viel op Roelofsen. Vink: ‘Roelofsen is een jonge, ambitieuze ondernemer die in Driel zijn sporen heeft verdiend.’ Het kenniscentrum was onder de indruk van de plannen van Roelofsen. Bovendien vreesde men ondergesneeuwd te raken als een grote keten het hotel zou gaan exploiteren.

t Ambacht
Tot voor kort was Addie Roelofsen (32) nog een nobody in horecaland. ‘Who the fuck is Addie Roelofsen, riepen ze drie jaar geleden’, aldus de kaalgeschoren horecaman. Noemt zichzelf dan ook een selfmade man. Hij leerde het vak in de toenmalige sterrenzaak ’t Koetshuis in Rhenen/Elst, waar Jannis Brevet zijn leermeester was. Sindsdien is zijn ster rijzende. Met het hippe ’t Ambacht in Driel wist hij de afgelopen twee jaar al goed te scoren. In de culinair verschraalde regio Arnhem-Nijmegen ging het nieuws van het superstrakke restaurant aan de Drielse Rijndijk als een lopend vuurtje rond. Met De Wereld moet hetzelfde gebeuren. Daarover straks meer.

De kracht van Roelofsen is dat hij heel goed in de smiezen heeft wat het publiek wil. Hij voelt goed aan wat de trends zijn. Combineert zakelijkheid met creativiteit. Illustratief is de totstandkoming van ’t Ambacht. Het plan voor een strakke, lichte zaak in het topsegment voerde hij met zijn partner Chantal Gerritsen in twee stappen uit. Ze begonnen drie jaar geleden met een goedkoop interieur en een lage prijs. De keukeninslag bedroeg in het eerste jaar maar liefst 42 procent van de omzet. Dat is veel te hoog, maar het verzekerde hen wel meteen van een vast schare klanten. Bovendien gaf het Roelofsen de tijd en de rust om zijn kookstijl te verfijnen, zonder de hete adem van bank of verwende gast in z’n nek. Een jaar later namen Roelofsen en Gerritsen stap twee: een grondige verbouwing van het bedrijf. Het oubollige Drank- en Spijshuis ’t Ambacht ontpopte zich tot het superstrakke Ambacht Restaurant. Donkerbruin werd strak en wit.

Daarmee bewezen de twee dat ze risico durven nemen. Met de drastische gedaanteverwisseling moesten Roelofsen en Gerritsen namelijk afscheid nemen van de gasten van het eerste uur, bezoekers uit de directe omgeving die waren gevallen voor de aantrekkelijke prijs-kwaliteitverhouding en weinig gaven om het interieur. Driekwart van hen bleef voortaan weg. Maar in de plaats daarvan vond een nieuwe, welvarende groep tweeverdieners en ouderen-met-geld de weg naar Driel. Daarmee veranderde ook het bestedingspatroon. Lag de gemiddelde besteding vóór de verbouwing op 40 euro, in ’t Ambacht-nieuwe-stijl is dat het dubbele.

Michelin
Sinds een paar maanden heeft Roelofsen intensief contact met Wageningen UR over de exploitatie van De Wereld. Het overleg gaat over te plegen investeringen, de huurlasten, de inrichting, enzovoort. Hij moet het nu alleen doen. Zijn partner Chantal Gerritsen – in ’t Ambacht nog gastvrouw – zal zich zakelijk gezien meer op de achtergrond begeven en zich voor een belangrijk deel bezighouden met gezinstaken. Hij wil van De Wereld een topzaak maken. Geen doorsnee vergaderaccommodatie, maar een sjiek hotel met een toprestaurant. Bovendien wil Roelofsen een aantal moderne horecaconcepten toepassen die vooral de dagfunctie van De Wereld zullen versterken.

De grove lijnen van de nieuwe Wereld heeft hij al uitgewerkt. Op de eerste verdieping komen 14 à 16 hotelkamers. Op de begane grond een (top)restaurant. De universiteit hoopt er stiekem op dat Roelofsen een Michelin-ster naar Wageningen weet te halen. Naast het toprestaurant zal De Wereld nog een brasserie en een lounge-gedeelte kennen. Daar wil Roelofsen een concept als Simply Bread toe gaan passen, de trendy sandwicherie van de Maastrichtse ondernemer Marcel Voermans. Simply Bread is onderdeel van het boutiqueconcept – hotel met shopfunctie zogezegd – en is gevestigd in La Bergère, het Maastrichtse designhotel. Het is niet vreemd dat Roelofsen, die een voorkeur heeft voor pure, strakke concepten, zich laat inspireren door het Maastrichtse initiatief. Gasten van Bergère kunnen kiezen voor een standaard ontbijtbuffet in het hotel, of ontbijt of brunch bij Simply Bread. Daar hebben ze keus uit zes salades, negen soorten gebak, koffie in tien variaties en water in negen.

Overigens heeft Roelofsen niet helemaal de vrije hand in de invulling van het concept. Zo stelt Wageningen UR als eis dat het historische en openbare karakter van Hotel De Wereld gehandhaafd blijft. De Capitulatiezaal, de Kleine Capitulatiezaal en de Serre moeten hun historische karakter behouden. Daarnaast dient Roelofsen de ruimten gedurende negentig dagdelen per jaar beschikbaar te houden voor (openbare) lezingen en vieringen. Bovendien heeft de universiteit hem gevraagd om in de lounge het thema ‘Vrede en Vrijheid’ uit te beelden.Zo’n zwaar, serieus thema brengt voor een horecabedrijf, waar het om vermaak, genieten en ontspanning draait, de nodige risico’s met zich mee. Maar Roelofsen is niet bang voor het wensenpakket: ‘Vrede en Vrijheid hoeft niet te betekenen dat je een tentoonstelling maakt van vergeelde oorlogsfoto’s. Je kunt ook iets met diaprojecties doen.’

Dat hij niet bang is voor uitdagingen blijkt ook wel uit het feit dat de ondernemer zich tijdens een ongetwijfeld roerige en risicovolle periode bloot durft te geven in Misset Horeca. De komende maanden wil hij vrijaf nemen om zich verder te verdiepen in kookstijlen en restaurant- en hotelconcepten. We volgen Roelofsen op de voet.