artikel

Cuba in de polder

Horeca

Verbleekte grandeur of nostalgische warmte? De aantrekkingskracht van Cuba laat zich niet makkelijk benoemen. Feit is dat het land van Fidel Castro menig ondernemer inspireert om er een horecabedrijf op te enten. Van Schiedam tot Havelte en van Zutphen tot Oss. De Hollandse klei is een vruchtbare voedingsbodem voor zaken die getooid gaan met namen als Havana, Cuba Libre of Santiago de Cuba. Borrelen, swingen en dineren in Caribische sferen. Cuba spreekt de hele dag aan.

Cuba in de polder

Amerika mag dan al jaren manmoedig proberen alles wat uit Cuba komt te boycotten, tegen een paar bejaarde muzikanten bleek geen kruid gewassen. De Buena Vista Social Club kreeg voor elkaar wat ook Fidel Castro in meer dan veertig jaar niet wist te bewerkstelligen: Cuba op een positieve manier op de kaart zetten. Vijf jaar geleden trok de Amerikaanse gitarist Ry Cooder naar Cuba om er met een paar vermaarde, maar al fiks op leeftijd zijnde, muzikanten uit dit land een cd op te nemen. De luie, ontspannen klanken, de ongepolijste manier van opnemen en het overduidelijke spelplezier resulteerden in een serie liedjes die het tot op de dag van vandaag goed doen in menig horecabedrijf.

Het bleek de aanzet voor één van de populairste horecathema’s van dit moment: Cuba. Bij naar schatting 25 horecabedrijven in Nederland prijkt er inmiddels Havana, Santiago de Cuba, Havana Club of Cuba Libre op de gevel. En dit aantal stijgt gestaag. Nederland lijkt voorop te lopen met de nieuwe horecatrend. Namens Bacardi Martini zegt Edwin van Outheusden, brand development manager, dat er in Parijs wel drie ‘hele mooie’ Cubaans ingerichte bedrijven zijn, maar dat het thema verder in Europa nauwelijks bekendheid geniet. ‘In Londen zie je ook soortgelijke concepten, maar de inrichting is daar alweer een stuk sterieler dan wat we hier onder Cubaans verstaan. En ik ben net terug van een weekend Berlijn, en daar kom je het nog helemaal niet tegen.’

Havana in Schiedam‘
Het kost veel geld om zo’n zaak in te richten. Ik schat dat je er twee gewone cafés voor kunt kopen. Maar als je het goed doet, heb je wel een concept dat heel lang meegaat.’ Sinds anderhalf jaar is Marcel Maan de mede-eigenaar van Havana in Schiedam. Samen met compagnon Alex Robles Torres en Cor Buijs, algemeen directeur van interieurontwerpbureau De Reclamemakers, vormden ze een voormalig grand café in de jeneverstad om tot een op Cuba geënt horecabedrijf. ‘We willen de sfeer van een Cubaans dorpspleintje uitstralen. Dat is ook een belangrijk onderscheid met veel andere horecaconcepten. Hoewel je binnen zit, willen we de suggestie wekken dat de klant zich buiten bevindt’, zegt Marcel Maan. Het hoge, donkere plafond versterkt dit effect.

Havana werd ontworpen zonder dat één van de beide heren ooit in Cuba is geweest. Inspiratie werd er vooral geput uit boeken en tijdschriften. Toch zegt Cor Buijs: ‘Dit is puur Cubaans. We doen ons huiswerk erg goed voordat we met zo’n project beginnen. Je moet ervoor waken dat het niet te poppenkastachtig gaat worden. De thematische horeca heeft een grote vlucht genomen de laatste jaren. En op dit moment is Cuba erg aansprekend. Waarom? Oude gevels. Oude huizen. Oud staat voor geborgenheid. Mensen ervaren nieuw als steriel. Bovendien zet je met zo’n zaak als deze een goede Caribische sfeer neer.’

Hoewel al gelijk bij binnenkomst de gestuukte wand met het bedrijfslogo opvalt, evenals het balkonnetje boven de bar, is de Cubaanse sfeer het sterkst op de eerste verdieping. Hier bevindt zich het restaurantgedeelte. Een vale gevel, scheve balkonnetjes, verweerde luiken, losse elektriciteitsdraden en kapotte regenpijpen kenmerken de inrichting. Gekleurd glas filtert het licht dat van buiten komt. De veelkleurige stoelen versterken het effect op subtiele wijze. Niets is achterwege gelaten om de suggestie te wekken op een verstoft dorpspleintje te zitten. Zelfs een levensgrote kunstboom, vergroeid met de stenen muur, ontbreekt niet.

Dankzij de twee verdiepingen is Havana een bedrijf met meerdere gezichten. Overdag een sfeervolle dagzaak, waar klanten kunnen lunchen en borrelen. Vanaf vijf uur in de middag komen de eerste dinergasten binnen en vanaf een uur of tien ’s avonds gaat de muziek een paar tandjes hoger.

Moetsjo in Oss
Anders dan zijn collega’s in Schiedam heeft Pierre Vink in Oss niet gekozen voor een multifunctioneel horecabedrijf. Eind januari opende danscafé Moetsjo de deuren. De zaak is louter in de weekenden open. Er kan niet gegeten worden, maar des te meer gedanst. Toch is ook hier voor Cuba als inspiratiebron gekozen.

Een nors kijkende Ché Guevara prijkt op één van de wanden. Verder onder andere een tegelvloer, houten luiken achter de bar die daadwerkelijk open kunnen, kleurige tegels op de toiletten, geroest hekwerk en een fraaie kroonluchter. ‘Cuba is erg in opkomst. En het ligt goed bij de mensen. Door het zo in te richten, heb je als avondzaak automatisch al veel sfeer. Dat het zo aanspreekt, heeft denk ik te maken met het zonnige zomergevoel waar de mensen Cuba mee associëren. Iets van vrijheid. De mensen reizen tegenwoordig de hele wereld over en herkennen hier wel iets van de Zuid-Amerikaanse sferen. Cuba is meer de kapstok. Je kunt er veel zijsprongen mee maken. Qua muziek, maar ook op het gebied van eten als je dat zou willen. Ik ben ervan overtuigd dat het thema hierdoor veel langer meegaat dan veel andere bedrijven die thematisch zijn ingericht. Vergelijk het maar eens met de skihutten. Die zijn alleen al qua muziekkeuze veel beperkter.’

In Moetsjo is muzikaal meer mogelijk. ‘Moderne dance, house, goede top 40-muziek. Er kan veel. Als het maar niet Nederlandstalig is’, zegt Pierre Vink. De horecaondernemer zegt op termijn te willen bekijken of hij de openingsuren kan aanpassen. ‘Dan praat je over de vrijdagmiddag erbij en schoolfeesten die hier kunnen plaatsvinden. Later is er wellicht ook een dagzaak van te maken. Maar ik wil niet te gek beginnen. Eerst moeten de kinderziekten verdwenen zijn. Je moet jezelf de rust en ruimte gunnen om beter te worden. Over vijf jaar wil ik nog een goed bedrijf hebben.’

Moetsjo is de eerste van drie zaken die Vink realiseert in de oude muziekschool in Oss. Stadscafé De Ontmoeting en eetcafé De Bovenmeester zullen nog dit voorjaar volgen. Hoewel de originele gevel is blijven staan, geldt voor alledrie de bedrijven dat er verder sprake is van nieuwbouw. ‘Oss heeft nog geen regiofunctie, maar het heeft wel alles in zich om dat te gaan krijgen. Zoiets is niet zomaar geregeld. Er moet consequent aan gewerkt worden’, motiveert Pierre Vink het omvangrijke project.

De drie horecabedrijven worden gerealiseerd midden in een woonwijk. Om de geluidsoverlast zoveel mogelijk te beperken liet Vink niet alleen een dikke isolatielaag aanbrengen, ook werden de omwonenden diverse keren uitgenodigd een kijkje te nemen. Het hielp. ‘Laatst vertelde een vrouw mij dat ze ’s avonds naar buiten is gegaan om te luisteren of er wat te horen viel. Het was helemaal stil. Ze dacht zelfs dat we gesloten waren.’