artikel

Failliet! Wat nu?

Horeca

Stel, het faillissement van uw bedrijf is onafwendbaar. Het is niet te hopen, maar het zou kunnen. Dan staat er een hoop te gebeuren. En ongetwijfeld heeft u een heleboel vragen. Zibb.nl zette alles voor u op een rijtje in zeven stappen.

1. Wanneer gaat u failliet?
Failliet gaan betekent volgens de letter der wet ‘De gerechtelijke vaststelling dat een schuldenaar heeft opgehouden te betalen, met als gevolg een beslag op het vermogen en de inkomsten’. Voor het zover is, heeft u hoogstwaarschijnlijk de bank al op bezoek gehad. Bijvoorbeeld de mensen van de afdeling Bijzondere Kredieten die u nog proberen te redden en ze willen natuurlijk het verlies van hun bank beperken. U heeft dan nog één à twee jaar de tijd voor schuldsanering. Lukt dat niet, dan zal de bank een faillissement aanvragen. Ook andere schuldeisers (minstens twee) kunnen een verzoek tot faillissement indienen. De ondernemer kán zijn eigen faillissement aanvragen, de surséance móet door hem zelf worden aangevraagd.

2. Wat is een surséance?
Surséance is uitstel van betaling, verleend door de rechtbank, en is bedoeld om de ondernemer die tijdelijk in liquiditeitsproblemen is geraakt, een adempauze te geven. ‘Uitstel van executie’ wordt tegenwoordig sneller gegeven dan vroeger, omdat de wet is gewijzigd: ook als er alleen uitzicht is op ‘het tevreden stellen van de crediteuren’ wordt surséance door de rechter verleend. De rechtbank zal surséance in beginsel altijd toestaan, maar in een hopeloos geval zal dit snel worden omgezet in een faillissement.

3. Wanneer bent u failliet verklaard?
Er moeten minstens twee schuldeisers zijn om de Rechtbank een faillissement te laten uitspreken. Bijvoorbeeld uw bank en uw belangrijkste leverancier. En dat is niet alles, u moet uiteraard een flinke schuld bij hen hebben, en dat moet een ‘opeisbare vordering’ zijn. Voor de definitieve uitspraak krijgt u, de schuldenaar, een oproep om bij de mondelinge behandeling te zijn van de faillissementsaanvraag. U kunt zich daar verweren of u kunt alsnog een deal sluiten met de schuldeisers. Als de betalingsregeling niet wordt nagekomen, wordt u alsnog failliet verklaard. Na de uitspraak heeft u 14 dagen om in hoger beroep te gaan. Een faillietverklaring wordt gepubliceerd in een landelijk dagblad en in de Staatscourant. Iemand die failliet is verklaard wordt ‘de failliet’ of ‘gefailleerde’ genoemd.

4. Wat doet een curator?
Een curator krijgt van de rechter de opdracht om wat er nog over is netjes te verdelen. De curator behartigt de belangen van alle schuldeisers. Bijna altijd, maar het móet niet, is hij een advocaat. U, als ‘de failliet’, heeft geen enkel recht meer op uw geld en uw bezittingen. De curator bepaalt nu wat er met uw vermogen gebeurd: u bent zelf ‘beschikkingsonbevoegd’. U mag zelfs uw woonplaats niet verlaten als de curator u geen toestemming geeft. U bent verplicht uw hele boekhouding aan hem te geven en de curator zal ook bekijken of u geen bankbreuk of bedrieglijke bankbreuk heeft gepleegd.
De curator heeft een vaste volgorde van betaling aan de schuldeisers. Gaat een garagehouder failliet, dan krijgt eerst de fiscus het geld, dan de bank, dan pas de bandenleverancier en als laatste de elektricien die er onlangs de brug maakte. De verschillende crediteuren op een rijtje: boedelcrediteuren, preferente crediteuren (de fiscus), seperatisten (de bank), leveranciers met eigendomsbehoud (de bandenleverancier), bevoorrechte crediteuren (de elektricien) en concurrente crediteuren (die in 99 van de 100 gevallen niets krijgen).

5. Wat maakt de bedrijfsvorm uit?
De bedrijfsvorm maakt álles uit bij een faillissement. Eenmanszaak, maatschap, VOF, CV, BV, NV, Commerciële vereniging of Coöperatie: het lot van de gefailleerde ondernemer hangt voor een groot gedeelte af van de rechtsvorm.
Is een éénmanszaak of de VOF failliet, dan is de eigenaar ook persoonlijk failliet. De curator legt beslag op zijn privé-bezittingen. Maar zit u in een Commanditaire Vennootschap (CV) en u ‘onthoudt zich van daden van beheer’ – u bemoeit zich dus niet met het management van het bedrijf – dan bent u níet aansprakelijk.Veel mensen trouwen in gemeenschap van goederen – want dat is romantischer. Bij een failliete eenmanszaak of VOF bent u dan echter de sigaar: als u níet onder huwelijkse voorwaarden getrouwd bent, is de echtgenoot of echtgenote ook álles kwijt.

6. Wanneer bent u alles kwijt?
De rechtsvorm van uw bedrijf is doorslaggevend bij een bedrijf. Als u geen commanditaire vennootschap heeft bent u dus alles kwijt, ook uw privé-bezittingen. Dat wil niet zeggen dat iemand met een BV of NV altijd gebakken zit. Als er sprake is van ‘onbehoorlijke taakvervulling’, wat betekent dat het management van de directie slecht en onzorgvuldig was, wordt ook het privé-vermogen van de directie aangesproken. Wanneer er nu precies sprake is van onbehoorlijk bestuur, is niet precies aan te geven.
Grof geschetst: het is niet erg als een ondernemer grote risico’s heeft genomen. Een transporteur mag bijvoorbeeld wel grotere vrachtwagens hebben gekocht om efficiënter te vervoeren. Maar een directeur mag niet ‘verwijtbaar onbehoorlijk handelen’. De baas van een automatiseringsbedrijf mag bijvoorbeeld níet zijn programmeurs zo afblaffen en afknijpen dat zij weigeren om nog langer voor hem te werken.
Er is in het verleden veel misbruik gemaakt van de BV: de directie had torenhoge salarissen; kreeg een flink privé-vermogen; betaalde de leveranciers van het bedrijf niet; ging failliet en begon opnieuw. Daarom stellen curatoren steeds vaker de bestuurders van een BV persoonlijk aansprakelijk.

7. Waarvan moet u dan leven?
Als u failliet bent hoeft u nog niet op een houtje te gaan bijten. De sociale dienst zal u een ww-uitkering verstrekken als u een tijd in loondienst heeft gewerkt. In andere gevallen krijgt u het minimum: de bijstand. De opvang door de sociale dienst na een faillissement moet niet verward worden met het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz). Die is er alleen als u – met uw eigen zaak – onder het sociaal minimum leeft.