artikel

Het is een kopersmarkt geworden

Horeca

In deze tijd, waarin de horeca op diverse fronten onder vuur ligt, zit één beroepsgroep niet om werk verlegen. De horecamakelaars. Er komen momenteel veel bedrijven in de verkoop. De verkoop uit luxe is in korte tijd een verkoop uit noodzaak geworden. Dat biedt kansen voor ondernemers met visie, maar is zuur voor hen die de gewenste goodwill zien verdampen.

Het is een kopersmarkt geworden

‘Restaurant in het hartje van culinair Den Bosch’. ‘Stijlvol en flamboyant restaurant in grote stad aan de Rijn’. ‘Café op prima locatie in stad in Zeeuws Vlaanderen’. ‘In centrum van dorp op één van de waddeneilanden…’
Mensen die dol zijn op raadseltjes zouden voor de aardigheid een abonnement op Misset Horeca moeten nemen. Wekelijks zijn ze achterin dit blad te vinden. De advertenties waarin horecabedrijven op vaak cryptische wijze te koop worden aangeboden. Om welke bedrijven zou het gaan? En wat is de plaatsnaam die ze bedoelen?

De stijl waarin de advertenties zijn opgesteld mag de afgelopen jaren nauwelijks veranderd zijn, de periode dat bedrijven te koop staan is dat wel. Gemiddeld zes maanden duurde het tot vorig jaar nog voordat een bedrijf in andere handen overging, dat zijn er nu negen geworden. Ook de reden waarom bedrijven in de verkoop komen is tegenwoordig een andere. De verkoop uit luxe is vaker een verkoop uit noodzaak. ‘Zeker, er staat veel meer te koop dan een paar jaar geleden’, zegt de directeur van Ascom Makelaardij Bram Kuiper. ‘De zaken die er het laatste bij zijn gekomen, zie je nu als eerste weer verdwijnen. De onderkant van de markt heeft het ’t moeilijkst. Shoarmazaken, pizzeria’s. Al was ik net ook nog betrokken bij een restaurant in de top van de markt.’

Horecamakelaar Bert Zijlstra was jarenlang zelf horecaondernemer totdat hij anderhalf jaar geleden de overstap naar de makelaardij maakte. Hij ziet met name in dorpen of op het platteland bedrijven in de verkoop komen. ‘Die zijn over het algemeen niet makkelijk te bemiddelen. Het is moeilijk om er een goed ondernemersinkomen uit te halen en een gebrek aan toekomstperspectief. Vaak is het pand in eigendom wat voor de huidige eigenaar voor lage financiële lasten zorgt. Bij een overname heeft de nieuwe ondernemer die kosten wel waardoor een redelijk inkomen niet meer mogelijk is.’

Collega Bas Vanhijfte, mede-eigenaar van Van de Weerd Horecamakelaardij, zegt: ‘De markt heeft op dit moment inderdaad voldoende aanbod. Maar of het ook het juiste aanbod is? De gedwongen verkoop komt veel meer voor dan pakweg twee, drie jaar geleden. Ondernemers die al langer op de markt actief zijn, of die al een groep van bedrijven hebben zijn nu op hun qui-vive. Zij slaan hun slag nu er ook betere bedrijven op de markt komen, tegen lagere prijzen dan voorheen.’

Weinig vet
Vooral jonge en recent gestarte ondernemers hebben het momenteel moeilijk. Bedrijven die pakweg twee jaar geleden gestart zijn hebben domweg te weinig vet op de ribben om deze economisch mindere tijden door te komen. Zij haken momenteel dan ook bij bosjes af, zo bevestigen de vijf horecamakelaars die voor dit artikel werden geraadpleegd. ‘Het zijn bovendien vooral de kleinere bedrijven die te koop komen. Ik schat dat het aanbod nu zo’n 10, 20 procent hoger is dan de voorgaande jaren. Toch is er in mijn ogen absoluut geen sprake van recessie. Het is wat meer een tijd van overleven geworden, maar er zijn nog steeds bedrijven bij die plussen’, vertelt Henk ter Stege van Ter Stege uit Arnhem.

Het verbaast hem dat bij de aankoop van een woonhuis vrijwel altijd een makelaar wordt meegenomen terwijl dit in de horeca nog steeds zeer ongebruikelijk is. ‘Dan denken de mensen ineens ‘dat kan ik zelf wel.’ Nog geen tien procent neemt een aankoopmakelaar mee. Ik denk dat daardoor veel bedrijven het nu moeilijk hebben. En wat ook meespeelt, de horeca ligt door al die berichten in de media erg onder vuur. Een aantal bedrijven ziet de toekomst nu somberder in. Maar er stoppen ook mensen omdat ze zichzelf te oud vinden, of omdat ze iets anders willen doen. En er zijn de afgelopen jaren mensen gestart die eigenlijk niet geschikt zijn voor deze branche. Het zijn nu vooral de starters die wachten met kopen. Rond de 20, 30 procent van de bedrijven ging altijd over naar starters, dat percentage is nu gehalveerd. Het is puur een kwestie van geld. Met geld kun je starten.’

En het is juist datzelfde geld waarover jonge horecaondernemers vaak in niet al te ruime hoeveelheden beschikken. De banken zien horecaondernemers in spe niet graag aan de balie verschijnen. Bas Vanhijfte: ‘De auto- en confectiebranche zijn ook markten waar de bank niet zo makkelijk instapt op dit moment, maar over de horeca doen ze wel het moeilijkst. Het risico is ze te hoog.’ Het is om deze reden dat een goede makelaar zijn klanten begeleidt bij de aankoop. ‘Toekomstige ondernemers zitten vaak op een roze wolk. De horeca is een vak voor gevoelsmensen. In ons kantoor vindt ook altijd eerst een vrijblijvend gesprek plaats. Zo worden de manco’s in de kennis aardig in kaart gebracht’, vertelt Bert Zijlstra.

En collega Bas Vanhijfte zegt: ‘Een goede voorbereiding is belangrijk. De banken vragen soms een dekking van tachtig procent, zelfs als in een overname het onroerend goed is betrokken. Dat is waanzin. Dan moet je dus €800.000,- afdekken om 1 miljoen euro te kunnen lenen. Ondernemers die verkopen laten daarom vaak een lening of achtergestelde lening in het bedrijf zitten ter financiering van de koper. Als wij een bedrijf in de verkoop nemen eisen we volledige openheid en transparantie. Alles wat om het bedrijf speelt willen we weten. Worden er zaken achtergehouden dan taxeren wij niet of nemen het bedrijf niet de verkoop.’

Realistischer zijn
Henk Sluiter van Ad Hoc is desondanks niet ongelukkig met de huidige marktsituatie. ‘De gekte is wat uit de markt. En dat is wel prettig. Ik denk zelf dat de markt voorlopig nog wel even zo blijft. Een beetje koude sanering is ook geen ramp.’ Sluiter zegt zich de afgelopen jaren vaak verbaasd te hebben over de vraagprijs van menig horecabedrijf. ‘Ondernemers hadden wel eens wat realistischer kunnen zijn.’ Om de aankoop in deze tijden te bespoedigen raadt hij in ieder geval verkopende ondernemers aan de jaarrekening op orde te hebben. ‘De cijfers moeten up-to-date zijn. Daar moeten we over kunnen beschikken.’

Het gestegen marktaanbod heeft vreemd genoeg nog geen invloed op de hoogte van de goodwill die ondernemers voor hun oude bedrijf wensen te ontvangen. ‘Een gewoon, goed draaiend, bedrijf dat in de verkoop komt vraagt nog gewoon goodwill’, stelt Bram Kuiper van Ascom. Ondanks dit zegt collega Bram Kuiper cynisch: ‘Ik zie nu bedrijven in de markt komen waar van goodwill geen sprake is. Eerder badwill.’

‘Restaurant in het hartje van culinair Den Bosch’. ‘Stijlvol en flamboyant restaurant in grote stad aan de Rijn’. ‘Café op prima locatie in stad in Zeeuws Vlaanderen’. ‘In centrum van dorp op één van de waddeneilanden…’
Mensen die dol zijn op raadseltjes zouden voor de aardigheid een abonnement op Misset Horeca moeten nemen. Wekelijks zijn ze achterin dit blad te vinden. De advertenties waarin horecabedrijven op vaak cryptische wijze te koop worden aangeboden. Om welke bedrijven zou het gaan? En wat is de plaatsnaam die ze bedoelen?

De stijl waarin de advertenties zijn opgesteld mag de afgelopen jaren nauwelijks veranderd zijn, de periode dat bedrijven te koop staan is dat wel. Gemiddeld zes maanden duurde het tot vorig jaar nog voordat een bedrijf in andere handen overging, dat zijn er nu negen geworden. Ook de reden waarom bedrijven in de verkoop komen is tegenwoordig een andere. De verkoop uit luxe is vaker een verkoop uit noodzaak. ‘Zeker, er staat veel meer te koop dan een paar jaar geleden’, zegt de directeur van Ascom Makelaardij Bram Kuiper. ‘De zaken die er het laatste bij zijn gekomen, zie je nu als eerste weer verdwijnen. De onderkant van de markt heeft het ’t moeilijkst. Shoarmazaken, pizzeria’s. Al was ik net ook nog betrokken bij een restaurant in de top van de markt.’

Horecamakelaar Bert Zijlstra was jarenlang zelf horecaondernemer totdat hij anderhalf jaar geleden de overstap naar de makelaardij maakte. Hij ziet met name in dorpen of op het platteland bedrijven in de verkoop komen. ‘Die zijn over het algemeen niet makkelijk te bemiddelen. Het is moeilijk om er een goed ondernemersinkomen uit te halen en een gebrek aan toekomstperspectief. Vaak is het pand in eigendom wat voor de huidige eigenaar voor lage financiële lasten zorgt. Bij een overname heeft de nieuwe ondernemer die kosten wel waardoor een redelijk inkomen niet meer mogelijk is.’

Collega Bas Vanhijfte, mede-eigenaar van Van de Weerd Horecamakelaardij, zegt: ‘De markt heeft op dit moment inderdaad voldoende aanbod. Maar of het ook het juiste aanbod is? De gedwongen verkoop komt veel meer voor dan pakweg twee, drie jaar geleden. Ondernemers die al langer op de markt actief zijn, of die al een groep van bedrijven hebben zijn nu op hun qui-vive. Zij slaan hun slag nu er ook betere bedrijven op de markt komen, tegen lagere prijzen dan voorheen.’

Weinig vet
Vooral jonge en recent gestarte ondernemers hebben het momenteel moeilijk. Bedrijven die pakweg twee jaar geleden gestart zijn hebben domweg te weinig vet op de ribben om deze economisch mindere tijden door te komen. Zij haken momenteel dan ook bij bosjes af, zo bevestigen de vijf horecamakelaars die voor dit artikel werden geraadpleegd. ‘Het zijn bovendien vooral de kleinere bedrijven die te koop komen. Ik schat dat het aanbod nu zo’n 10, 20 procent hoger is dan de voorgaande jaren. Toch is er in mijn ogen absoluut geen sprake van recessie. Het is wat meer een tijd van overleven geworden, maar er zijn nog steeds bedrijven bij die plussen’, vertelt Henk ter Stege van Ter Stege uit Arnhem.

Het verbaast hem dat bij de aankoop van een woonhuis vrijwel altijd een makelaar wordt meegenomen terwijl dit in de horeca nog steeds zeer ongebruikelijk is. ‘Dan denken de mensen ineens ‘dat kan ik zelf wel.’ Nog geen tien procent neemt een aankoopmakelaar mee. Ik denk dat daardoor veel bedrijven het nu moeilijk hebben. En wat ook meespeelt, de horeca ligt door al die berichten in de media erg onder vuur. Een aantal bedrijven ziet de toekomst nu somberder in. Maar er stoppen ook mensen omdat ze zichzelf te oud vinden, of omdat ze iets anders willen doen. En er zijn de afgelopen jaren mensen gestart die eigenlijk niet geschikt zijn voor deze branche. Het zijn nu vooral de starters die wachten met kopen. Rond de 20, 30 procent van de bedrijven ging altijd over naar starters, dat percentage is nu gehalveerd. Het is puur een kwestie van geld. Met geld kun je starten.’

En het is juist datzelfde geld waarover jonge horecaondernemers vaak in niet al te ruime hoeveelheden beschikken. De banken zien horecaondernemers in spe niet graag aan de balie verschijnen. Bas Vanhijfte: ‘De auto- en confectiebranche zijn ook markten waar de bank niet zo makkelijk instapt op dit moment, maar over de horeca doen ze wel het moeilijkst. Het risico is ze te hoog.’ Het is om deze reden dat een goede makelaar zijn klanten begeleidt bij de aankoop. ‘Toekomstige ondernemers zitten vaak op een roze wolk. De horeca is een vak voor gevoelsmensen. In ons kantoor vindt ook altijd eerst een vrijblijvend gesprek plaats. Zo worden de manco’s in de kennis aardig in kaart gebracht’, vertelt Bert Zijlstra.

En collega Bas Vanhijfte zegt: ‘Een goede voorbereiding is belangrijk. De banken vragen soms een dekking van tachtig procent, zelfs als in een overname het onroerend goed is betrokken. Dat is waanzin. Dan moet je dus €800.000,- afdekken om 1 miljoen euro te kunnen lenen. Ondernemers die verkopen laten daarom vaak een lening of achtergestelde lening in het bedrijf zitten ter financiering van de koper. Als wij een bedrijf in de verkoop nemen eisen we volledige openheid en transparantie. Alles wat om het bedrijf speelt willen we weten. Worden er zaken achtergehouden dan taxeren wij niet of nemen het bedrijf niet de verkoop.’

Realistischer zijn
Henk Sluiter van Ad Hoc is desondanks niet ongelukkig met de huidige marktsituatie. ‘De gekte is wat uit de markt. En dat is wel prettig. Ik denk zelf dat de markt voorlopig nog wel even zo blijft. Een beetje koude sanering is ook geen ramp.’ Sluiter zegt zich de afgelopen jaren vaak verbaasd te hebben over de vraagprijs van menig horecabedrijf. ‘Ondernemers hadden wel eens wat realistischer kunnen zijn.’ Om de aankoop in deze tijden te bespoedigen raadt hij in ieder geval verkopende ondernemers aan de jaarrekening op orde te hebben. ‘De cijfers moeten up-to-date zijn. Daar moeten we over kunnen beschikken.’

Het gestegen marktaanbod heeft vreemd genoeg nog geen invloed op de hoogte van de goodwill die ondernemers voor hun oude bedrijf wensen te ontvangen. ‘Een gewoon, goed draaiend, bedrijf dat in de verkoop komt vraagt nog gewoon goodwill’, stelt Bram Kuiper van Ascom. Ondanks dit zegt collega Bram Kuiper cynisch: ‘Ik zie nu bedrijven in de markt komen waar van goodwill geen sprake is. Eerder badwill.’