artikel

Reacties oud-kampioenen

Horeca

Wie vijftig wordt ziet Abraham. Een toepasselijker artiest dan Vader Abraham om de finale luister bij te zetten, is er niet. Voor de gelegenheid zal hij met de ongeveer 140 oud-biertapkampioenen die konden worden getraceerd een lied zingen. Ook Piet van der Velden (74) zal er zijn. Eén van de oudste nog levende biertapkampioenen. In […]

Wie vijftig wordt ziet Abraham. Een toepasselijker artiest dan Vader Abraham om de finale luister bij te zetten, is er niet. Voor de gelegenheid zal hij met de ongeveer 140 oud-biertapkampioenen die konden worden getraceerd een lied zingen.

Ook Piet van der Velden (74) zal er zijn. Eén van de oudste nog levende biertapkampioenen. In 1960 mocht hij zich de beste biertapper van Nederland noemen. ‘Daarna ben ik ermee gestopt. Ik kon alleen nog maar verliezen.’ Af en toe gaat hij nog eens kijken bij een voorronde. ‘Dan staan ze vaak krampachtig achter de tap. Net reumapatiënten. Dat kijken naar het glas als het gespoeld is, onzin vind ik het. Als je gaat tappen moeten je glazen al schoon zijn.’ De oud-eigenaar van ’t Koperen Huske in Breda zegt: ‘Ik trainde er echt op. Een goede beoordeling moet je waarmaken in je zaak. Bij mij stond liefde voor het vak altijd voorop. Als ik ergens een slecht getapt glas bier krijg, zeg ik er nog steeds wat van.’

‘Strak van de zenuwen. Bloedneuzen van de spanning.’ Elf jaar nadat Emily Poppe als 21-jarige in 1992 de finale won, kan ze zich nóg herinneren hoe zenuwachtig ze de avond ervoor was. ‘Tijdens het uitschenken van het flesje bier kreeg ik er geen schuim op. Ik dacht, dat kán niet. Bleek het dopje er niet goed op te hebben gezeten, waardoor de koolzuur was ontsnapt. Die mocht ik dus overdoen.’

Tijdens de finaleronde tapte ze haar bieren na een ervaren rot van tegen de 60. ‘Goh, als broekie bak ik er vast niets van’, dacht ik. Ze kreeg ongelijk. Al zegt ze nu: ‘Toch is het vooral een gelukskwestie. Nadat ik won, heb ik nooit meer meegedaan. Wel ben ik af en toe jurylid. De gezellige sfeer rond de wedstrijden spreekt mij aan. En ik houd van een goed glas bier.’