artikel

Stelling 3

Horeca

Schaalvergroting in de voeding heeft niks beters opgeleverd, erger nog; verschraling. (zaal en panel ong. 80 procent groene kaarten, oftewel mee eens.)

Siebe Homminga, voorzitter cliëntenraad Coornhertstate, vindt een centrale, ontkoppelde, keuken een groot nadeel. “Als er klachten van de afdeling komen, over het verkeerde eten bijvoorbeeld, dan kan een centrale keuken dat niet oplossen. De cliënt mag dan een formulier invullen voor de volgende dag.”

Vice president van het Koksgilde Theo Pieper: “Koks proberen dat heus wel samen met de zorg direct op te lossen.”

Peter van Berkel van Nestlé vindt dat het niet uitmaakt, gekoppeld of ontkoppeld. “Het hangt af van wat jouw klanten vragen. De keuken op zich kan nooit het doel zijn. Misschien zijn er wel twee soorten keukens nodig.”

Volgens Evert Bots, zorgmedewerker Continuzorg in Utrecht, geeft alleen gekoppeld of alleen ontkoppeld allebei de nodige ellende. “We moeten ergens in het midden uitkomen.”

Frits van Es, directeur Zorgcentrum Rivierenland in Tiel: “Schaalvergroting als gevolg van bezuiniging is sowieso verschraling.”

Straks zelf klant

De zaal mengt zich ook weer in de discussie. De culinair adviseur van Heinz: “Ik kom in veel instellingen. En ik zie dat al die veranderingen heel veel geld kosten. Eerst kiest een instelling voor een bepaalde soort keuken, dan wordt die weer gesloten. Weet je wat dat kost? Men moet gewoon zijn boerenverstand gaan gebruiken. Je wilt je laatste jaren toch graag in welzijn en met een goede maaltijd doorbrengen!” Frits van Es voorziet voor de toekomst veel meer variatie.

Een dieetkok uit de zaal: “In de toekomst ontstaat er een probleem, want er zijn te weinig dieetkoks, terwijl de klant meer wensen heeft en meer wil betalen. We krijgen de vergrijzing en steeds meer ouderen die meer te besteden hebben. En dan zijn er straks geen koks meer!”

Een medewerkster van het Voedingscentrum: “Ik zie nog een probleem: het welzijn van de patiënt krijgt veel te weinig aandacht. Ook in de opleidingen wordt daar nauwelijks aandacht aan besteed. Informatie over de beleving van voeding is helemaal niet aan de orde bij de opleidingen. Straks zijn we allemaal zelf klant, dus ga maar eens gauw nadenken over hoe je ’t straks wil hebben en ga daar aan werken!”

Een vertegenwoordiger van Care à la Carte: “Schaalvergroting kan juist wel leiden tot betere producten, door de inbreng van de industrie. Als je die zaken combineert, krijg je veel betere producten. Een goede maaltijd is niet afhankelijk van het type keuken. En een patiënt is niet deskundig in de keuze van de keuken. Hij kan alleen oordelen over de kwaliteit van de maaltijd.”

Siebe Homminga, voorzitter cliëntenraad Coornhertstate: “96 procent van de bewoners van verpleegtehuizen vindt de groente en het vlees niet gaar genoeg. Daar moet je je toch wat van aantrekken, wat je er zelf ook van vindt!”

Martine Zuil, hoofdredacteur van Catering Magazine, concludeert: “De cliënt moet centraal staan. Ook als hij zijn kroketje en Jonge Klare wil. De cliënt is mondig en de rol van voeding in de gezondheidszorg is veel groter dan mensen denken. Directies zijn daar niet altijd van overtuigd. Aan u om uw directies daarvan te overtuigen!”

Henk Bijen van Meko Hygiëne Groep , die het debat beoordeelde op inhoud en argumentatie, constateerde: “Er was veel probleem identificatie maar weinig probleemoplossende argumenten. We kunnen concluderen dat de gezondheidszorg totaal kosten-inefficiënt werkt.” Van alle debaters vond Bijen Evert Bots het meest probleemoplossend en daarnaast oog hebbend voor actuele ontwikkelingen. Daarom ging de debaterstrofee naar Evert Bots. (In de volgende Catering Magazine een interview met Evert Bots.)

De andere stellingen:

1 Zorginstellingen miskennen voeding als een belangrijk onderdeel van het verblijfsconcept en zijn dus niet patiënt/klantvriendelijk. ( ong. 75 procent groene kaarten)

2 Hoofden voeding hebben niks meer te vertellen. Eigen schuld, dikke bult. (ong. 75 procent rode kaarten)

Siebe Homminga, voorzitter cliëntenraad Coornhertstate, vindt een centrale, ontkoppelde, keuken een groot nadeel. “Als er klachten van de afdeling komen, over het verkeerde eten bijvoorbeeld, dan kan een centrale keuken dat niet oplossen. De cliënt mag dan een formulier invullen voor de volgende dag.”

Vice president van het Koksgilde Theo Pieper: “Koks proberen dat heus wel samen met de zorg direct op te lossen.”

Peter van Berkel van Nestlé vindt dat het niet uitmaakt, gekoppeld of ontkoppeld. “Het hangt af van wat jouw klanten vragen. De keuken op zich kan nooit het doel zijn. Misschien zijn er wel twee soorten keukens nodig.”

Volgens Evert Bots, zorgmedewerker Continuzorg in Utrecht, geeft alleen gekoppeld of alleen ontkoppeld allebei de nodige ellende. “We moeten ergens in het midden uitkomen.”

Frits van Es, directeur Zorgcentrum Rivierenland in Tiel: “Schaalvergroting als gevolg van bezuiniging is sowieso verschraling.”

Straks zelf klant

De zaal mengt zich ook weer in de discussie. De culinair adviseur van Heinz: “Ik kom in veel instellingen. En ik zie dat al die veranderingen heel veel geld kosten. Eerst kiest een instelling voor een bepaalde soort keuken, dan wordt die weer gesloten. Weet je wat dat kost? Men moet gewoon zijn boerenverstand gaan gebruiken. Je wilt je laatste jaren toch graag in welzijn en met een goede maaltijd doorbrengen!” Frits van Es voorziet voor de toekomst veel meer variatie.

Een dieetkok uit de zaal: “In de toekomst ontstaat er een probleem, want er zijn te weinig dieetkoks, terwijl de klant meer wensen heeft en meer wil betalen. We krijgen de vergrijzing en steeds meer ouderen die meer te besteden hebben. En dan zijn er straks geen koks meer!”

Een medewerkster van het Voedingscentrum: “Ik zie nog een probleem: het welzijn van de patiënt krijgt veel te weinig aandacht. Ook in de opleidingen wordt daar nauwelijks aandacht aan besteed. Informatie over de beleving van voeding is helemaal niet aan de orde bij de opleidingen. Straks zijn we allemaal zelf klant, dus ga maar eens gauw nadenken over hoe je ’t straks wil hebben en ga daar aan werken!”

Een vertegenwoordiger van Care à la Carte: “Schaalvergroting kan juist wel leiden tot betere producten, door de inbreng van de industrie. Als je die zaken combineert, krijg je veel betere producten. Een goede maaltijd is niet afhankelijk van het type keuken. En een patiënt is niet deskundig in de keuze van de keuken. Hij kan alleen oordelen over de kwaliteit van de maaltijd.”

Siebe Homminga, voorzitter cliëntenraad Coornhertstate: “96 procent van de bewoners van verpleegtehuizen vindt de groente en het vlees niet gaar genoeg. Daar moet je je toch wat van aantrekken, wat je er zelf ook van vindt!”

Martine Zuil, hoofdredacteur van Catering Magazine, concludeert: “De cliënt moet centraal staan. Ook als hij zijn kroketje en Jonge Klare wil. De cliënt is mondig en de rol van voeding in de gezondheidszorg is veel groter dan mensen denken. Directies zijn daar niet altijd van overtuigd. Aan u om uw directies daarvan te overtuigen!”

Henk Bijen van Meko Hygiëne Groep , die het debat beoordeelde op inhoud en argumentatie, constateerde: “Er was veel probleem identificatie maar weinig probleemoplossende argumenten. We kunnen concluderen dat de gezondheidszorg totaal kosten-inefficiënt werkt.” Van alle debaters vond Bijen Evert Bots het meest probleemoplossend en daarnaast oog hebbend voor actuele ontwikkelingen. Daarom ging de debaterstrofee naar Evert Bots. (In de volgende Catering Magazine een interview met Evert Bots.)

De andere stellingen:

1 Zorginstellingen miskennen voeding als een belangrijk onderdeel van het verblijfsconcept en zijn dus niet patiënt/klantvriendelijk. ( ong. 75 procent groene kaarten)

2 Hoofden voeding hebben niks meer te vertellen. Eigen schuld, dikke bult. (ong. 75 procent rode kaarten)