artikel

Let’s give it a try!

Horeca

Bob Fosko, de maffe voorman van de legendarische Nederlandse rockband de Raggende Manne, schreeuwde ooit: ‘Stond te lullen bij de bus, ze zeiken over het klotenweer.’ Nu hoef je in Nederland niet eens bij de bushalte te staan om te keuvelen over regen, wind, hagel en onweer of ander ‘hemels’ ongerief. En nu was de […]

Bob Fosko, de maffe voorman van de legendarische Nederlandse rockband de Raggende Manne, schreeuwde ooit: ‘Stond te lullen bij de bus, ze zeiken over het klotenweer.’ Nu hoef je in Nederland niet eens bij de bushalte te staan om te keuvelen over regen, wind, hagel en onweer of ander ‘hemels’ ongerief. En nu was de afgelopen zomer in ons kikkerlandje ook weer niet je van dat. Zelf tot op de draad natgeregend bij het knusse dancefestival Extrema in Best.

Trots waren de Brabanders dat ze het al die jaren zonder een druppel regen hadden weten te stellen. Maar er ontstond toch wat ‘Dancevalley 2001-paniek’ toen op last van de brandweer en politie het VIP-deck ontruimd moest worden en later zelfs de (enige!) grote tent, waar de verkleumde ‘Extremisten’ massaal stonden samengeperst leeg moest.

De afgelopen editie van Dancevalley verliep stukken beter dan die van vorig jaar, al kon dat ook haast niet anders met de helft minder partypeople. Al was er wel weer veel hemelwater. Gevolg: modderschuiten van schoenen en bruine pluche beenwarmers in plaats van felroze.

Weet ook dat de mannen van partyreus ID&T rond hun openluchtdansspektakel Mysteryland eigenlijk maar één stress kennen, het weer. Let’s face it, het aantal festivals in Nederland is groter dan ooit, maar dat is gezien ons klimaat een erg vreemd gegeven.

De reguliere horeca, vooral discotheken, blijken bovendien zwaar onder de megafeesten te lijden. Het gevoel dat de festivals teweeg brengen lijkt erg op dat van de (korte) vakantie. Al draagt alleen al de service (plastic bekertjes, lange rijen, lauw eten enzovoorts) daar niet echt aan bij.

Waarom wordt de sfeer die men ondergaat op vakantie in oorden als Marbella, de Turkse Rivièra, Ibiza of voor mijn part zelfs Salou, niet nagebootst in ons polderlandje? Dat bedacht ik me na een week op mijn vaste onderwaterkruk aan de zwemmersbar van een Arubaans hotel te hebben gezeten. Waarom wordt er in ons landje maar op zeer beperkte schaal gepropt? En dan bedoel ik niet mensen voor weinig volduwen met voedsel. Nee, proppers zijn die ‘vervelende, gladde mannetjes’ die flyers uitdelen voor de uitgaanscentra.

Waarom wordt in de vaderlandse horeca maar sporadisch gevraagd of de gast (nog) iets wil drinken? Waarom staan er in Nederland voor cafés, restaurants en disco’s maar heel weinig, laten we zeggen, naar-binnen-trekkers? Waarom adviseren horecacollega’s maar bar weinig een lekkere cocktail? Waarom laten we niet gewoon meer merken dat we happy zijn met de gasten? In het buitenland gebeurt het wel en het zorgt daar voor meer beleving, meer contact, meer fooi, meer interactie en… meer omzet! Worden proppers, naar-binnen-trekkers en/of vragenstellers in Nederland opdringerig of vervelend gevonden? Daar kunnen we hier met onze charme (ja, die hebben we zeker) toch wel een eigen draaitje aan geven?! Let’s give it a try!

Bob Fosko, de maffe voorman van de legendarische Nederlandse rockband de Raggende Manne, schreeuwde ooit: ‘Stond te lullen bij de bus, ze zeiken over het klotenweer.’ Nu hoef je in Nederland niet eens bij de bushalte te staan om te keuvelen over regen, wind, hagel en onweer of ander ‘hemels’ ongerief. En nu was de afgelopen zomer in ons kikkerlandje ook weer niet je van dat. Zelf tot op de draad natgeregend bij het knusse dancefestival Extrema in Best.

Trots waren de Brabanders dat ze het al die jaren zonder een druppel regen hadden weten te stellen. Maar er ontstond toch wat ‘Dancevalley 2001-paniek’ toen op last van de brandweer en politie het VIP-deck ontruimd moest worden en later zelfs de (enige!) grote tent, waar de verkleumde ‘Extremisten’ massaal stonden samengeperst leeg moest.

De afgelopen editie van Dancevalley verliep stukken beter dan die van vorig jaar, al kon dat ook haast niet anders met de helft minder partypeople. Al was er wel weer veel hemelwater. Gevolg: modderschuiten van schoenen en bruine pluche beenwarmers in plaats van felroze.

Weet ook dat de mannen van partyreus ID&T rond hun openluchtdansspektakel Mysteryland eigenlijk maar één stress kennen, het weer. Let’s face it, het aantal festivals in Nederland is groter dan ooit, maar dat is gezien ons klimaat een erg vreemd gegeven.

De reguliere horeca, vooral discotheken, blijken bovendien zwaar onder de megafeesten te lijden. Het gevoel dat de festivals teweeg brengen lijkt erg op dat van de (korte) vakantie. Al draagt alleen al de service (plastic bekertjes, lange rijen, lauw eten enzovoorts) daar niet echt aan bij.

Waarom wordt de sfeer die men ondergaat op vakantie in oorden als Marbella, de Turkse Rivièra, Ibiza of voor mijn part zelfs Salou, niet nagebootst in ons polderlandje? Dat bedacht ik me na een week op mijn vaste onderwaterkruk aan de zwemmersbar van een Arubaans hotel te hebben gezeten. Waarom wordt er in ons landje maar op zeer beperkte schaal gepropt? En dan bedoel ik niet mensen voor weinig volduwen met voedsel. Nee, proppers zijn die ‘vervelende, gladde mannetjes’ die flyers uitdelen voor de uitgaanscentra.

Waarom wordt in de vaderlandse horeca maar sporadisch gevraagd of de gast (nog) iets wil drinken? Waarom staan er in Nederland voor cafés, restaurants en disco’s maar heel weinig, laten we zeggen, naar-binnen-trekkers? Waarom adviseren horecacollega’s maar bar weinig een lekkere cocktail? Waarom laten we niet gewoon meer merken dat we happy zijn met de gasten? In het buitenland gebeurt het wel en het zorgt daar voor meer beleving, meer contact, meer fooi, meer interactie en… meer omzet! Worden proppers, naar-binnen-trekkers en/of vragenstellers in Nederland opdringerig of vervelend gevonden? Daar kunnen we hier met onze charme (ja, die hebben we zeker) toch wel een eigen draaitje aan geven?! Let’s give it a try!