artikel

Af en toe moet ik bij de meubelen gaan zitten

Horeca

Naam: Hetty van Amerongen
Leeftijd: 35 jaar
Functie: Eigenaar Artamis in Arnhem, een luxe restaurant annex kunst- en designshowroom.
Bijzonderheden: Werktuigbouwkundige ir. Van Amerongen is nieuw in de horeca: ‘Je haalt je iets op de hals wat je niet als een grapje kan nemen’.

Af en toe moet ik bij de meubelen gaan zitten

‘Er zit alwéér iemand aan de bar die ik niet ken. En buiten zitten twee mensen uit Den Haag op me te wachten. Dat geeft me een ongemakkelijk gevoel. In het begin was het overzichtelijk, toen kwamen er alleen mensen uit m’n eigen circuit: kunstenaars, ontwerpers. Maar na het stuk van Ton de Zeeuw in De Telegraaf ging het hard. En ik wil iedereen per se zélf ontvangen. Ik wil geen steken laten vallen, ik wil niemand missen, maar ik merk dat het me niet meer lukt nu het drukker wordt.

Via de chef-kok en de andere mensen van het team komen er ook veel gasten uit de horeca. Het valt me op hoe collegiaal die mensen zijn. Een leuk wereldje.Ik heb een fantastisch team, mensen uit de beste zaken. We zijn uit het niets begonnen, er moet iets geweest zijn dat ze aantrok. Tot het uiterste willen gaan, het hoogst haalbare willen bereiken, streven naar perfectie. Dat zijn de uitgangspunten. Zo zit ik in elkaar. Ik houd van vechters. Ik hoop dat ze allemaal tot hun pensioen blijven.

Ik ben een techneut, heb bedrijfskunde en werktuigbouwkunde gestudeerd. Ik kan complexe problemen aan. Met m’n opleiding kon ik geen piloot of kinderarts worden, maar wel ondernemer. Ik heb in 1992 Beetle en Babydrome opgezet, een winkelketen met kinderkleding en kindermeubilair naar eigen ontwerp. We hadden acht zaken, gecombineerd met kinderdagverblijven. In 1999 heb ik alles verkocht. Ik had er niet zo veel lol meer in: wéér een pand zoeken, wéér een zaak openen.Ik was van plan hier een galerie en showroom te openen met kunst, designmeubilair en stoffen.

Maar ik had het gevoel dat het niet compleet was, dat het niet gezellig genoeg was. Bij kunstenaar Ap Verheggen ontmoette ik Ben Hardeman, chef-kok. Ben bracht hem een kreeft voor zijn kreeftenkunstwerk. Ik vroeg hem: wil jij eens meekijken naar dat pand? Er zijn adviseurs bijgekomen en we zijn een luxe restaurant begonnen.

We zijn nu acht maanden open en mogen niet klagen. Het is een perfecte mix, de showrooms, het restaurant. Maar vraag me nu nog niet naar omzetverhoudingen. We zitten in de opbouwfase zoeken nog naar de balans.Ben doet het restaurant, het is zíjn verantwoordelijkheid. We pakken het zo aan dat we over tien jaar ook nog bestaanrecht hebben. Je haalt je hiermee toch iets op de hals dat je niet als een grapje kunt nemen. Mijn man heeft z’n eigen carrière. Hij is eigenaar/directeur van Atag Etna en Pelgrim. Dat staat hier los van. Ik probeer m’n eigen boontjes te doppen.

Ik kom pás kijken in de horeca. De chef-kok en ik maken per week 60 tot 80 uur. Ik moet m’n aandacht verdelen. Fulltime gastvrouw zou ik uiteindelijk niet volhouden. Ik moet ook af en toe bij de meubelen en stoffen kunnen gaan zitten. Het kost me best moeite om langs de tafels in het restaurant te gaan en een praatje te maken. Eigenlijk ben ik erg verlegen.’