artikel

Fifteen

Horeca

In Engeland zijn de tv-programma’s over het algemeen beter dan de professionele kookprestaties. Een uitzondering hierop vormt Fifteen, het project van tv-chef Jamie Oliver waar vastgelopen jongeren een kans krijgen om in een echt restaurant het koksvak te leren. Geweldige televisie, goed eten.Ook in Amsterdam gaat Fifteen beginnen. ‘Jamie’, zoals de hippe knuffelkok liefkozend door jan en alleman wordt genoemd, start een restaurant in een pakhuis aan de Oostelijke Handelskade. Opnieuw krijgen stadsschoffies de kans zich om te scholen tot een echte kok. De camera gaat dit fascinerende proces vastleggen.

Ik was al snel fan van de serie over Jamie’s Fifteen in Londen. De selectie van de kandidaten, hun harde leerschool, hun zorgen en moeilijke achtergronden, de twijfels van Jamie of dit project echt zou gaan lukken, de moeizame wording van het restaurant, de grote tijdsdruk waaronder Fifteen van de grond moest komen: het leverde fascinerende televisie op.Ik voelde de stress van de leerlingen, hun teleurstelling. Je wenste hen de kracht toe om door te gaan, om iets van hun leven te maken, om trots te worden op zichzelf. En toen ze eindelijk mochten koken voor echte gasten in hun net geopende restaurant, voelde je als kijker opgelucht en blij. Zie je nou wel! Als je maar doorzet, hard werkt en vooral, als je maar goede leermeesters vindt, dan kun je slagen in je leven.

De keuken blijkt bij uitstek een plek waarin jongeren zich uit hun moeilijkheden kunnen knokken. De duidelijke taken, de hiërarchie, het werken met de handen, het hechte teamwork: het was geweldig om via de televisie getuige te zijn hoe die jongens en meiden opbloeiden. Achter de uitzichtloosheid van hun bestaan, scheen ineens de zon.Jamie Oliver kookt met verse ingrediënten van regionale leveranciers. Hij streeft naar eenvoud en puurheid op het bord.

Deze filosofie is een bewust protest tegen de industrie met zijn geprefabriceerde voeding. Fifteen is onbedoeld ook een protest tegen alle gesubsidieerde onderwijsinstellingen die zich bezighouden met het opleiden van jongeren die een vak moeten leren en niet te veel theorie aan kunnen: het devies ‘niet lullen maar poetsen’ blijkt nog altijd heel waardevol.