artikel

Russen

Horeca

Missie dreigt te mislukken, is het eerste wat in me opkomt als ik in dagblad NRC een artikel lees van Wouter Klootwijk. Hij schildert daarin de cafetariabranche af als een stelletje geldwolven.
Commentaar van redacteur Ron Jansen.

Een paar jaar geleden mocht ik eens een paar frisse winterdagen doorbrengen in Moskou. De stad fascineerde me, maar het was er deze dagen wel heel guur en somber. In mijn dikste winterjas slenterde ik over het Rode Plein en de daar omheen gelegen winkelstraatjes. Overal zag ik Russen zoals Russen horen te zijn: met prachtige dikke bontmutsen op, stoïcijns voor zich uitkijkend met de neus nét boven de opgezette kraag. In vrijwel alle winkelstraten stonden venters met karretjes, opgefleurd door kleurrijke parasolletjes. ‘Rookworst!’, was mijn eerste, ietwat naïeve ingeving. Ik kwam dichterbij. Pizzapunten dan misschien? Erwtensoep, of wat hebben ze in Rusland: Borsjtsj?

Niets van dit alles! Deze straatventers verkochten ijs. Gewoon, fabrieksijs op een stokje of in een hoorntje. En schepijs, in kleurrijke bolletjes. En de Russen stonden, in de gure oostenwind, in de rij voor dit ijs. Vrolijk zag ik ze na hun aankoop verder lopen, happend in hun ijsje. Op hun dooie gemakje konden ze hun lekkernij verorberen, want smelten, dat doet een ijsje niet in winters Moskou.

Het zette me aan het denken. Waarom vinden wij het bij 15 graden Celsius al te koud voor een ijsje? Waarom voel ik me geremd om op een zachte novemberdag een ijsje te gaan kopen, als dat dan sowieso nog ergens kan? Ik vind het lekker, en ik heb het heus niet altijd zo koud dat ik alleen maar in ben voor warme soep en thee met rum. Met kerst moet er bij mij sowieso ijs op tafel komen, na de traditionele ree- of hazenrug.

Tot mijn vreugde lees ik in dit nummer van Snackkoerier dat sommige ondernemers meer werk willen gaan maken van winters ijs. Een fijn initiatief, wat mij betreft. Want hoe fijn de westerse wereld ook functioneert, soms zou ik willen dat er wat Russische invloeden ons land binnen kwamen sluipen…

Martine Zuil
Hoofdredacteur Snackkoerier