artikel

De frikandel

Horeca

Jaarlijks worden in Nederland zo’n 550 – 600 miljoen frikandellen gegeten. Waarvan driekwart in de cafetaria. Uitvinder van de frikandel is Gerrit de Vries uit Dordrecht. Die bedacht de frikandel in 1954 omdat hij zijn gehaktbal geen gehaktbal meer mocht noemen.

Er zat namelijk warenwettelijk gezien te weinig vlees in. Omdat hij het recept niet wilde aanpassen veranderde hij niet alleen de naam maar ook de vorm. De naam werd hem aangereikt door een snackbarhoudster van Duitse afkomst. Daar kent men de fricadelle, een platgeslagen gehaktbal.

De frikandel is grootgemaakt door fabrikant Beckers. In 1958 begon Jan Bekkers (inderdaad zonder c) achter de slagerij van zijn vader met de productie van ragout voor kroketten. Hij veranderde overigens later zijn naam in Beckers om voor zijn broer en concurrent, Koos in het telefoonboek te staan. Een anekdote wil dat bij Beckers iets mis ging met de productie van knakworsten. Die kwamen zonder velletje uit de machine. Ze smaakten zo goed dat de frikandel was geboren. Hij begon een grootschalige productie waardoor de snack populair werd.

Frikandel of frikadel. Het mag alle twee. Snackkoerier schrijft altijd frikandel om verwarring te voorkomen met de Duitse platgeslagen gehaktbal. In dat land staan onze frikandellen bekend als Holländische bratrollen.