artikel

Analyse: ondergang fotowinkels

Horeca

Speciaalzaken in fotoappara-tuur hebben het enorm moeilijk in Nederland. Dalende omzetten, toenemende concurrentie en een verzadigde consument zorgen voor een gestage daling van het aantal winkels. Alleen voor moderne winkels die blijven investeren in innovatie ligt een goede toekomst.

Analyse: ondergang fotowinkels

De introductie van de digitale camera halverwege de jaren negentig zorgde voor een enorme toename van de bestedingen aan audiovisuele apparatuur. Massaal werd de oude camera met het bekende filmrolletje vervangen door een vervangend model met een geheugenkaartje. Een paar jaar later werd die eerste generatie vervangen door betere, nieuwe camera’s met een veel betere kwaliteit.

Deze ontwikkelingen hebben de fotospeciaalzaak niet kunnen redden. Het aantal winkels daalt jaarlijks en het einde is nog niet in zicht. In 2005 sloten zeventig vestigingen de deuren, voor 2006 zal dat getal niet veel anders hebben gelegen. Het faillissement van de keten Kral en het weglopen van franchisers bij Combi Foto zijn tekenen aan de wand van een branche in de problemen.

Internetshoppen
Dit komt vooral door het weglopen van de consument. Nog maar 35 procent van de fotografische artikelen in Nederland wordt bij de vakman gekocht. Elektronicabedrijven, waaronder een reus als Media Markt zijn al goed voor 28 procent, terwijl webwinkels en postorderaars goed zijn voor 12 procent van de verkopen. De digitale camera’s zijn op veel meer plaatsen te koop dan ooit tevoren en dankzij prijsvergelijkers op internet, kunnen klanten moeiteloos shoppen naar de laagste prijs.

Vaak betreft dit artikelen uit de paralelle import, maar dat maakt de klant die een prijsvoordeel tot 25 procent in zijn zak houdt, niets uit. Veel mensen investeren trouwens niet eens meer in nieuwe apparatuur. De kwaliteit van camera’s in mobiele telefoons gaat met sprongen vooruit, waardoor een los toestel overbodig wordt.

Ontwikkelservice
De andere traditionele inkomstenbron, het ontwikkelen van foto’s, is ook al iets waarin de concurrentie steeds heviger wordt. Geen warenhuis, supermarkt of drogisterijketen meer die geen ontwikkelservice aanbied in de winkel en via internet. Ook de opmars van fotoprinters bij mensen thuis speelt een rol. Het ontwikkelen en afdrukken van foto’s was vele jaren een goede winstmaker voor de fotohandels. De afkalving daarvan, betekent dat het steeds moeilijker wordt om de winstgevendheid op peil te houden. Geen wonder dat nog maar 3 procent van de ondernemers met een winkel onder de dertig jaar is, terwijl het gemiddelde voor de hele detailhandel op 10 procent ligt.

Veel inkoopvoordeel valt er ook al niet meer te halen voor de fotohandel, het overgrote deel van de winkeliers is al aangesloten bij een in- en/of verkooporganisatie. Bovendien beschikken de nieuwe verkopers (internet, grote winkelketens) vaak over lagere kosten of grootschalige inkoopmacht waardoor veel druk ligt op de marges. Voor hun zijn camera’s en het afdrukken van foto’s bovendien slechts een onderdeel van de margemix.

Ambitieuze amateurfotograaf
De afname van het aantal winkels en de afname van het marktaandeel zijn ontwikkelingen die voorlopig niet te stuiten zijn. Veel van de oudere winkeliers zullen de komende jaren hun winkels sluiten en veel jonge aanwas is er niet. Toch is er nog wel een toekomst voor de fotohandel. Moderne winkels, met goede verkopers en de nieuwste apparatuur op voorraad zullen vooral bij de ambitieuze amateurfotograaf nog altijd veel omzet kunnen halen.

Dit betekent dat ze weg moeten van de verkoop van camera’s voor de massa en zich moeten richten op de groep consumenten die blijft investeren in nieuwe apparatuur, nieuwe gadgets en betere accessoires. De gespecialiseerde vakman kan deze apparatuur als eerste in huis hebben en deze met een goede marge verkopen aan de doelgroep. Materialen die pas veel later of misschien wel nooit interessant worden voor de winkelketens.

Concurrentie
De concurrentie op internet blijft, maar kan voor een deel worden afgeschud met vakkundige voorlichting, waarbij op niveau met de ambitieuze amateur wordt gesproken over zijn behoeftes. Bovendien kan door deelname aan internetfora en andere discussies de belangstelling voor allerlei nieuwe apparatuur worden aangewakkerd.

Het is alleen de vraag voor hoeveel van dit soort winkels er op termijn ruimte is. Eind 2005 waren er nog 850. Daarvan zal het grootste deel deze nieuwe ontwikkelingen waarschijnlijk niet kunnen bijbenen. Wie dat wel kan, blijft een goede boterham verdienen.

Deze analyse is gebaseerd op cijfers van het Hoofdbedrijfschap Detailhandel en gesprekken met fotowinkeliers.