artikel

De gasten van landgoed Groot Warnsborn

Horeca

Hoe spannend is Landgoed Groot Warnsborn bij Arnhem? Heel spannend volgens thrillerauteur Tomas Ross. In werkelijkheid zijn de gasten van Warnsborn geen thrill-seekers, eerder rustzoekers. Of toch niet? Want wat doet dat verliefde stel daar onder die oude beuk? Hotelierechtpaar Sjoukje en Lammert de Vries zijn het stralende middelpunt van het hotel. Zelden zulke ontspannen ondernemers meegemaakt. Hun gasten dragen hen op handen. ‘Het zijn zulke aardige mensen!

De gasten van landgoed Groot Warnsborn

‘Tegen vieren parkeert Chantal de Peugeot op de ronde parkeerplaats voor hotel Groot Warnsborn. Het zonlicht dringt gefilterd door de kruinen van de hoge bomen rond hen, een zacht geelgroen licht dat onwerkelijk aandoet.’

Sinds afgelopen juni kent heel boekenminnend Nederland het Landgoed Groot Warnsborn in Arnhem. In het boekje ‘De Klokkenluider’ van Tomas Ross – waaruit het bovenstaande fragment afkomstig is – speelt het hotel een prominente rol. Iedereen die in juni, Maand van het spannend Boek, een boek aanschafte, kreeg de thriller van Ross op de koop toe. Het spannende verhaal gaat over de moord op politicus Wouter Burger. De zenuwslopende ontknoping speelt zich af op en rond het Arnhemse landgoed.

Boekenschrijver Ross had voor zijn thriller een mindere ‘setting’ kunnen kiezen. Hotel-restaurant Groot Warnsborn is wat je noemt een plaatje. De nadering van het witte landhuis over de glooiende bosweg maakt op de redacteur van Misset Horeca net zo’n overweldigende indruk als op Chantal Vinken, de hoofdpersoon in ‘De Klokkenluider’. Het landgoed ligt aan de rand van Arnhem en beslaat maar liefst 750 hectare. Erop staat het prachtige hotel/restaurant van hotelierechtpaar Sjoukje (39) en Lammert (41) de Vries. Sinds 1996 is het bedrijf in hun bezit.

Rendez-vous
Het is de heetste dag van het jaar (34 graden!) als we ons op het zonovergoten terras voor het hotel vlijen. Enkele gasten zitten nog aan het ontbijt. Een handjevol wandelaars en fietsers beloont de gepleegde inspanningen met een kop koffie en gebak. We genieten van het uitzicht over de hoteltuin met de eeuwenoude beuken en eiken en vragen ons af wat Ross bezielde om hier zijn spannende thriller te situeren. Fraai is het hier, maar mysterieus?

We zetten de gedachten over Ross’ thriller opzij en knopen een gesprek aan met een jonge vrouw en haar dochtertje van een jaar of vijf. Wat brengt hen naar Groot Warnsborn, willen we weten. Op hetzelfde moment komt een man aanrijden op een bordeauxrode BMW. Hij parkeert zijn motorfiets pal naast het terras en komt op ons af. De vrouw omhelst de man en zoent hem innig. Het meisje, ze heeft prachtige blonde krullen en draagt een rood zomerjukje, krijgt een knuffel van de man.

‘Goh, wat een lief tafereel’, denken wij nietsvermoedend en onze fotograaf vraagt of het drietal voor Misset Horeca wil poseren. ‘Nee, dit is geheim!’ zegt de vrouw met een alleszeggende blik. Stomverbaasd druipen we af. Wie had dat kunnen denken: een amoureuze rendez-vous tussen een vrouw en een overspelige man als start van onze zomerserie. Had Tomas Ross dan toch gelijk en is Groot Warnsborn een mysterieuze plek? Het verliefde stel verdwijnt arm-in-arm het park in. Het meisje in het rode jurkje huppelt er achteraan.

Ondertussen zijn de dames Sijbrandij en Becht op het terras neergestreken. Ze hebben niets mee gekregen van wat ons zojuist is overkomen en als wij het uit leggen reageren ze begripvol. ‘Het is er wel de plek voor,’ concluderen ze lachend.

Allebei wonen ze in Arnhem. Ze komen al jaren naar Groot Warnsborn. Dit is één van hun favoriete stekjes om koffie te drinken en bij te kletsen’. Zo’n plek vindt je nergens’, melden ze in koor. Als kind heeft Gieneke Becht hier nog geschaatst. ‘Daar achter op de vijver,’ en ze wijst naar het park achter het hotel.Haar zoon Arjen overweegt om op Groot Warnsborn te trouwen, vertelt ze met enige trots. Op haar aangeven bekijkt hij de komende weken enkele trouwlocaties in de omgeving. ‘De Pastorie in Dieren is ook super’, meldt moeder Becht.

Voor de twee vriendinnen kent de Arnhemse horeca geen geheimen. Het terras van het Rijnhotel vinden ze leuk, net als de nieuwe vestiging van Dudok. Verder gaan ze vaak naar het gemeentemuseum aan de Utrechtseweg. ‘Waanzinnig lekkere broodjes hebben ze daar’ weet Sijbrandij. ‘Jammer dat ik er maar één mag,’ zegt ze sip en wijst veelbetekenend op haar dijen. Ook bij Groot Warnsborn kun je volgens haar goed eten. ‘Maar het is hier niet goedkoop,’ waarschuwt ze.

Dat laatste heeft eigenaar Lammert de Vries niet gehoord als hij het terras op komt lopen om de redactie van Misset Horeca te begroeten. En terwijl mevrouw Sijbrandij aan de hotelier vertelt dat haar twee dochters hier ooit nog als kamermeisje hebben gewerkt, zien wij uit een ooghoek hoe het overspelige stel onder een eeuwenoude beuk zoenend afscheid neemt. De vrouw en het kind vertrekken in een wit Peugeotje, de man stapt op zijn bordeauxrode BMW. Even overwegen we om het kenteken te noteren.

Rijkste
Toch heeft Groot Warnsborn weinig te maken met spanning en sensatie. Ook al werden er een aantal jaren geleden in de bossen van het landgoed de lijken van twee zwervers gevonden, tot op heden een onopgeloste zaak. De gasten van Warnsborn zijn geen thrill seekers, eerder rustzoekers.

Zoals Richard Peterson. De Amerikaan van geboorte is psychotherapeut en gespecialiseerd in de Gestallt-therapie. Hij heeft een praktijk in Utrecht. De afgelopen vier jaar heeft hij samen met zijn vrouw zo’n tien keer gelogeerd op Groot Warnsborn. Zij komen hier voor de rust en het contact met de natuur.

Zeker voor de rust komt mevrouw Brenninkmeijer, lid van de roemruchte familie van C&A-eigenaren en dus lid van de rijkste familie van Nederland. Zij wil helemaal niets met de pers te maken hebben, ook al is dat de gewaardeerde redactie van Misset Horeca. Een foto is al helemaal uitgesloten.

Minder kopschuw is Oswald Schwiertz (73). Een paar tafels van Brenninkmeijer leest hij de Autoweek. Hij heeft de leesbril over z’n gewone bril gezet en bekijkt het blad aandachtig. Daar willen we meer van weten. Schwiertz, gepensioneerd bedrijfsmakelaar, meldt in het trotse bezit te zijn van een Chrysler Convertible. Maar eigenlijk is hij een BMW-rijder. ‘Ik begon met een 1500. Dat was in 1963. Het was de eerste auto met schrijfremmen voor. Toen kreeg ik een 1600, een 1800, een 2000 en toen een 2500.’

Schwiertz – herstellende van een zware rugoperatie – zegt dat het geheugen hem als gevolg van de narcose af en toe in de steek laat, maar daarvan merken wij weinig. Hij somt de auto’s die hij gehad heeft moeiteloos op. ‘Na de 2500 kwam de 518, de 520, nog een keer de 520, twee keer een 525 zes cilinder en als laatste de 523 zes cilinder.’ Zo gaat hij nog even door. Na de BMW’s stapte de autoliefhebber over op Jaguar, een Chrysler Le Baron Convertible en vervolgens op de Chrysler Sebring Convertible.

Hij heeft nog wel een BMW 325 Cabrio geprobeerd, ‘maar daar kun je met goed fatsoen geen mensen op de achterbank zetten. Die zitten met de benen ik de nek.’ De Chrysler is volgens hem wel een volwaardige vierpersoons auto. ‘En je krijgt veel waar voor je geld. Bij Chrysler is alles standaard, bij BMW alles optie.’

Waar voor je geld is voor Schwiertz belangrijk. Hij moppert daarom wat op de bediening. ‘Ze zijn niet alert. Ik moet wel eens een kwartier wachten. Dat kan toch helemaal niet?’ Soms wordt het hem te gortig. Dan loopt hij naar de keuken en tikt op het raam. Waar zijn bestelling blijft. Maar Schwiertz laat zijn humeur niet verpesten door de in zijn ogen mankerende bediening. ‘Nee, nee, daar moet u niet de nadruk op leggen’, haast hij te zeggen. Hij vindt mijnheer en vooral ook mevrouw De Vries ‘vreselijk aardige mensen’.

Zeker één keer per week is de gepensioneerde makelaar op het terras van Groot Warnsborn te vinden. ‘Deze plek is uniek’, en gelijk heeft ’ie. Zijn hele leven heeft Schwiertz in Arnhem-Noord en Oosterbeek gewoond. Vóór de Tweede Wereldoorlog kwam hij hier al, als kind samen met z’n ouders. Dan fietsten ze door het park en dronken na afloop een kop koffie.

Eigenlijk is er in al die jaren dus niets veranderd, al denkt Schwiertz daar anders over. ‘Ze hebben Arnhem helemaal naar de bliksem geholpen. Op het Willemsplein zat vroeger Royal, een eersteklas restaurant. Vaak speelde er een orkestje. Nu zit er de ABN-Amro-bank. En waar vroeger grand café Riche zat, zit tegenwoordig Burger King.’

Dan maakt hij aanstalten om te vertrekken. ‘Heren, ik moet gaan.’ Hij wenkt de ober om af te rekenen. ‘Een koffie,’zegt hij. De ober herhaalt: ‘een koffie’. ‘Nee, nee, zegt Schwiertz gevat, ‘ik wil niet bestellen, ik wil afrekenen’. De ober is even uit het veld geslagen door de kleine pesterij van zijn gast maar blijft lachen. ‘Prima ober’, denken wij.

Afgeragd
Het is half drie in de middag als Lammert de Vries op ons afstapt. Hij heeft tijd voor een rondleiding door hotel, koetshuis en oranjerie. We passen ons wandeltempo aan de warmte aan en hebben medelijden met de deelnemers van de Nijmeegse Vierdaagse die deze week plaatsvindt. Wat een hitte! Echtgenote Sjoukje de Vries ziet ons gesjok meewarig aan. Zij lijkt nergens last van te hebben.

Behalve hotelkamers heeft het landhuis twee zaaltjes voor kleinschalige conferenties. Vandaag heeft fietsenfabrikant Accell Group de weg naar Groot Warnsborn gevonden. De beursgenoteerde fietsenfabrikant – maker van onder meer de merken Batavus, Koga Miyata en Sparta – presenteert de uitstekende halfjaarcijfers aan haar grootaandeelhouders.

Als verzetje worden de aandeelhouders uitgenodigd om een ritje over het landgoed te maken met de allernieuwste vinding van Accell: de SpartaIon. Het is zeg maar de opvolger van de Spartamet, maar dan met elektrische motor. Het karretje heeft een topsnelheid van 30 kilometer per uur en een actieradius van 50 kilometer. Dat is ruim voldoende voor een ritje over het landgoed.

Terwijl de grootaandeelhouders opstappen – ‘u mag de fiets houden’, verklapt de Accel-medewerker – scheurt Lammert de Vries in een terreinauto het bos in. Op een afgesproken plek richt hij een kleine picknick in met kaas, wijn en zoutjes. Even later komt de meute aangereden, Sjoukje fier op kop. Niet op een fiets met hulpmotor, maar op een afgeragde terreinfiets.

Wanneer Lammert vertelt dat ze op het hoogste niveau heeft gekorfbald, verbaasd ons dat niets. Sowieso vinden wij dat het hotelierechtpaar een fitte indruk maakt, en dat is wel eens anders in de horeca. Beide zorgen goed voor hun gezondheid. Lammert doet aan waterpolo, en Sjoukje nog altijd aan korfbal.

Wielrennersvoedsel
Hotel-restaurant Groot Warnsborn bestaat uit een landhuis met 15 kamers. Daarin is ook het restaurant gevestigd, één van de betere van Arnhem en omgeving. Souschef Ingmar van Bostelen meldt ons dat de keuken op Franse leest is geschoeid en dat er zoveel mogelijk met streekproducten wordt gewerkt.

Dat de keuken goed is, blijkt ’s avonds tijdens het diner. Het is een gewone woensdagavond maar het terras is aardig gevuld. Naast ons zit André de Langhe met zijn echtgenote. Het Belgische echtpaar is één van de trouwste gasten van Groot Warnsborn. Al 22 jaar komen ze er, gemiddeld zo’n vier keer per jaar. De Langhe: ‘We kennen hier in de buurt ook andere bedrijven. Bilderberg vinden we te groot, Wolfheze te sjiek. Toen ik hier voor het eerst de laan opreed, zei ik tegen mijn vrouw: dit is het.’ Vroeger hadden ze kamer 1 of 4, in het landhuis. Tegenwoordig verblijven ze in het koetshuis, op kamer 32.

In plaats van gasten zijn het huisvrienden geworden. Toen de kinderen van Lammert en Sjoukje klein waren, reed André sleetje met ze. En gisteren is hij met Wiebe, de oudste zoon, wezen fietsen. Want fietsen, dat is André z’n leven. Hij is eigenaar van een spuiterij waar per jaar zo’n 50.000 fietsframes van een kleurtje worden voorzien.

Tegenwoordig doet hij het wat rustiger aan. ‘Ik heb drie overbruggingen gehad’ (‘bypasses’ in goed Nederlands, red). Bij die operatie is een van de zenuwen in z’n schouder beschadigd. Vijf weken kon hij niet slapen van de pijn. Dan klom hij ’s nachts van ellende op de hometrainer. Het heeft hem een ijzeren conditie opgeleverd. Nu de pijn in z’n arm langzamerhand minder wordt, zit hij weer op de racefiets. Iedere week trapt de 65-jarige zo’n 250 kilometer weg. Hij ziet er fit uit.

De Langhe complimenteert souschef Van Bostelen als die aan het eind van de avond het terras op komt. ‘Ik heb hier nooit problemen, en als er problemen zijn, worden ze opgelost,’ zegt De Langhe. Souschef Van Bostelen is ondertussen de perfecte gastheer. ‘Mijnheer De Langhe, wat wilt u morgen eten?’ vraagt hij hoffelijk. ‘Vier gangetjes, en iets met vis?’ stelt hij zelf voor. ‘Vier gangetjes, ja’ antwoordt De Langhe. ‘Met veel calorieën en weinig vet.’

Wielrennersvoedsel dus, alhoewel hij morgen een rustdag heeft. De afgelopen dagen heeft hij al 220 kilometer gereden. Morgen blijft de fiets op stal. Wel gaat hij in alle vroegte een uurtje joggen. In het uitgestrekte park van het landgoed. Genieten van het zonlicht dat gefilterd door de kruinen van de hoge bomen dringt.