artikel

Divers aanbod op Prowein 2002

Horeca

Prowein in Düsseldorf is in een paar jaar tijd de belangrijkste wijnbeurs van Noord- en Midden-Europa geworden. Tegenover ‘beursgiganten’ als de Vinexpo in Bordeaux en de Vinitaly in Verona is de Prowein bescheiden van omvang, maar met een divers aanbod. Wel eens wijn geproefd uit Moldavië of Cyprus? Cognac uit de Oekraïne? In Düsseldorf kan het.

Divers aanbod op Prowein 2002

Het is moeilijk voor te stellen, maar wat heden ten dage door het leven gaat als de Prowein heette begin jaren ’90 nog gewoon Provin. De Duitse afdeling van het promotiebureau van Franse producten in het buitenland, Sopexa, huurde zo’n tien jaar geleden een zaaltje af in een Düsseldorfs hotel om Franse wijnproducten te presenteren aan een Duits vakpubliek. Het initiatief sloeg aan. De tafeltjes werden standjes en al na een paar jaar bleek ook het zaaltje veel te klein. Als vanzelf werd de Messe Düsseldorf de nieuwe thuisbasis.

Met 321 exposanten, een oppervlakte van net geen 3000 m2 en met 1500 bezoekers ging in 1994 de eerste tot Prowein omgedoopte wijnbeurs de statistieken in. Een blik op het staatje met de overzichten van de afgelopen jaren leert dat de 2709 exposanten van vorig jaar meer dan 33.000 m2 nodig hadden om hun waren uit te stallen. Er trokken bijna 25.000 bezoekers naar de in het Ruhrgebied gelegen stad.

Gecombineerde stands
Ook dit jaar was het weer druk op de beurs, die plaatsvond van 24 tot en met 26 maart. En de beurs telt weliswaar nog steeds veel Franse exposanten, maar op de Prowein zijn het vooral de Duitse wijnproducenten die vol trots laten proeven dat hun wijnen niet langer zoet en karakterloos zijn, maar fris, fruitig en zuiver van smaak. Grote wijnregio’s als Franken, Mosel-Saar-Ruwer, Pfalz en Rheinhessen presenteerden zich met gecombineerde stands.Iets wat ook gold voor Oostenrijk. Na het koelvloeistofschandaal in de jaren ’80 is de wijnbouw in dit land aan zeer strenge regels onderhevig. En dat werpt zijn kwalitatieve vruchten af. De vraag naar wijnen uit dit land stijgt gestaag.

Opvallend was de aanwezigheid van een aanzienlijk aantal wijnboeren dat de ecologische productiewijze aanhangt. Het grootste samenwerkingsverband van biologische wijnproducenten, Ecovin, waakt al bij meer dan 200 Duitse wijnboeren over de handhaving van de strenge ecologische productievoorschriften. Volgens een woordvoerder van Ecovin wordt er gestreefd naar uitbreiding van het aantal leden, maar zal de groei geleidelijk zijn. ‘We willen de consument kunnen blijven garanderen dat alle aangesloten bedrijven op ecologische wijze produceren. Er is een toenemende interesse bij wijnboeren die hebben ontdekt dat het predikaat ‘ecologisch’ op de wijn economische voordelen biedt. Toch wordt er wel eens te makkelijk gedacht over wat hier allemaal voor nodig is. De Ecovin-controleurs bezoeken alle aangesloten bedrijven minstens twee keer per jaar.’

Een aantrekkelijk onderdeel van de beurs vormen de algemene proeverijen, waarbij de wijnen in diverse categorieën zijn ingedeeld. In een apart gedeelte van het beurscomplex kan iedereen die dat wil honderden rode wijnen proeven die zijn onderverdeeld in prijscategorieën van €4,-, €6,- en €8,- of witte wijnen uit specifieke regio’s. Een aantrekkelijke manier om smaken te beoordelen zonder de verwachtingsvol toekijkende wijnboer voor het hoofd te hoeven stoten.

La tulipe
In een klein standje in Hal 6 heeft ook Ilja Gort onderdak gevonden. De Nederlander met zijn karakteristieke hangsnor heeft voor het eerst sinds zijn bestaan als zelfstandig wijnboer standruimte afgehuurd op de Prowein. Samen met echtgenote Turf Gort en assistente Helen Bakker serveren ze passanten stukjes oude Hollandse kaas en desgewenst een glaasje rosé. ‘Rosé zoals rosé moet smaken’, herhaalt Gort de opmerking die wijnauteur Hubrecht Duijker spontaan maakte nadat hem een fles was toegestuurd.

Al vanaf het moment dat hij in 1994 eigenaar werd van Château de la Garde in Bordeaux specialiseert Gort zich in dit naar eigen zeggen ‘onderschatte type wijn’, dat getuige de statistieken weer aan een opmars bezig is.

Niet dat hij louter rosés produceert. Rood en wit staan er natuurlijk ook op het programma. De rode Château de la Garde werd door de Amerikaan Robert Parker zelfs met 87 punten bedeeld. Voor Albert Heijn maakt Gort bovendien een range La Tulipe-wijnen, en de KLM schenkt sinds kort op 10 kilometer hoogte de rosé van deze voormalige componist van reclamemuziek. Voor diverse horecabedrijven – waaronder Le Garage in Amsterdam en Hotel New York in Rotterdam – worden eigen private label wijnen gemaakt.

Ronde smaak
De eigenzinnige Nederlander is een tegenstander van het persen van de druif. Het meeste sap wordt daarom verkregen door kneuzing. ‘De harde tannines in de wijn zijn voornamelijk afkomstig uit de steeltjes. Als je hard perst, neem je dit dus mee in de wijn. Door onze manier van werken krijgen we wijnen met veel meer fruit en een zachte, ronde smaak.’ Hij vervolgt: ‘In de Bordeaux is het gebruikelijk om de wijnen te maken van 75 procent Cabernet- en 25 procent Merlot-druiven. De Merlot is een heel zachte druif. Wij gebruiken daarom 65 procent Merlot en 35 procent Cabernet. Onze wijnen zijn zacht en rond van smaak.’

Gort doet er naar eigen zeggen alles aan om tot een perfect eindproduct te komen. ‘Ik werk met twee oenologen. Een Australiër en iemand uit de St. Emilion. Een Australiër alleen zou te moderne wijnen maken. Nu heb ik een goede balans tussen modern en klassiek.’De wijnen worden in Nederland aan de man gebracht door Frank Smulders, in het bezit van de prestigieuze titel Master of Wine en beroepsmatig een veelvuldig bezoeker van wijnbeurzen. Hij vergelijkt: ‘Op de Vinexpo kom je om elkaar te ontmoeten en spreek je af om na de beurs zaken te doen. Hier in Düsseldorf is het rustiger, wat voor het zakendoen prettiger is.’

Voor wie de Prowein gemist mocht hebben: van 23 tot en met 25 maart 2003 is er volop gelegenheid de schade in te halen. Op dit moment vindt in Verona de Vinitaly plaats. Deze beurs is te bezoeken tot en met 15 april.