artikel

Eerst crashen dan cashen

Horeca

Hoe slaagt een partycateraar erin de draad weer op te pakken na een ‘crash’, die hem een groot deel van zijn omzet kost? Patrick Verbeek (33) van Césant Creatieve Catering uit Schiedam weet het antwoord: denken, durven en blijven lachen.

Eerst crashen dan cashen

Met product, prijs of service had het afhaken van zijn grootste opdrachtgever helemaal niets te maken, laat Verbeek weten. Maar daardoor kwam de klap niet minder hard aan. De omzet van het Schiedamse partycateraar lag namelijk voor meer dan 25 procent bij dat grote bedrijf in Rotterdam. Césant deed daar alles: lunches, hapjes, borrels, buffetten.

Rode kaart
En dat ging uitstekend, totdat Césant, nu ruim een jaar geleden, plaats moest maken. De reden van die ‘rode kaart’, zo blijkt uit het verhaal van Verbeek, mag op zijn minst curieus genoemd worden. Het had te maken met een verschil van mening, dat een medewerkster kreeg met een directeur. Die medewerkster was op dat moment de vriendin van Verbeek. ‘En dat heb ik geweten. Omdat zij haar gelijk ging halen, en met succes een bedrag claimde, werd mij de wacht aangezegd. De directeur in kwestie heeft zijn mensen toen verboden bij ons bestellingen te doen. Zó kwetsbaar ben je als partycateraar.’

Waarschuwen
De Schiedammer brengt het verhaal naar buiten om zijn collega’s te waarschuwen. Een klant die goed is voor 2,5 ton, kan van de een op de andere dag weglopen, zonder dat dat iets met prijs, kwaliteit of service te maken heeft.
Had hij deze miniramp kunnen voorkomen? Nee, eigenlijk niet. Verliefd worden is niet iets dat zich in banen laat leiden, weet Verbeek zeker. Had hij sterker gestaan als er een contract was geweest? Nee, denkt hij. ‘Bedrijven vinden altijd wel een reden om daar onderuit te komen.’Maar hij heeft er wel wat van geleerd. ‘Opdrachtgevers moeten niet meer dan pakweg tien procent van jouw omzet uitmaken. Mocht je ze kwijtraken, dan ben je altijd in staat de klap op te vangen. In dit geval lag dat erg moeilijk.’

Sterker
Verbeek moest, hoe vervelend hij dat ook vond, één van z’n medewerksters vragen elders werk te gaan zoeken. Voor haar was er bij Césant geen emplooi meer. Nu, een jaar later, gaat het weer de goede kant op. Het verloren terrein is gedeeltelijk herwonnen. ‘Deze tegenslag heeft mij als ondernemer absoluut sterker gemaakt.’
De relatie met de bewuste ‘femme fatale’ is intussen voorbij. Maar ook die ‘crash’ brengt de Schiedammer niet uit zijn evenwicht. ‘Wat er ook gebeurt, ik blijf altijd optimistisch. Zeker nu de zaken weer aantrekken en ik na het crashen misschien weer eens kan gaan cashen.’