artikel

Eigen organisatie voor voedingsassistenten

Horeca

Voedingsassistenten zijn niet meer weg te denken uit ziekenhuizen en zorginstellingen. Toch wordt het beroep nog steeds onvoldoende gewaardeerd, vinden de beoefenaars ervan. Vandaar de oprichting van de VvV: de Vereniging voor Voedingsassistenten.

Eigen organisatie voor voedingsassistenten

Aanleiding tot de oprichting van de VvV was het symposium ‘Voeding op maat, speel het safe’ op 21 november vorig jaar. Dit symposium, georganiseerd door SCEM conference services en hoogleraar klinische voeding prof. Dr. Lisbeth. Mathus, ging bijna ten onder aan de overweldigende belangstelling, vertelt Anita Buiteman van SCEM. ‘We rekenden op … mensen, er kwamen er 650. We hebben het programma twee keer moeten aanbieden en nog moesten we mensen teleurstellen. **Uit dat overweldigende aantal, en ook uit de gesprekken daar, bleek dat er heel veel behoefte was aan nascholing en vakkennis, maar vooral aan erkenning en waardering van het beroep. Ook bleken de aanwezigen veel behoefte te hebben aan uitwisseling met collega’s. Daardoor is het idee voor een beroepsvereniging ontstaan.’

DeskundigheidsbevorderingDe voedingsassistent is een belangrijke schakel tussen arts en verpleging en de patiënt. Er zijn, volgens een voorzichtige schatting van SCEM, ongeveer 25.000 voedingsassistenten in Nederland.

Het beroep van voedingsassistent bestaat al lang. Sinds de jaren zeventig is het ook al mogelijk er een opleiding in te volgen. Buiteman: ‘Sommige assistenten oefenen hun beroep nog uit op basis van aanleg en ervaring. Maar er zijn genoeg zaken waarvoor opleiding of nascholing noodzakelijk zijn. Denk maar aan speciale diëten, of hulpmiddelen voor patiënten die zelf niet kunnen eten. Daarbij kunnen voedingsassistenten ook veel hebben aan uitwisseling met collega’s die voor bepaalde zaken misschien al een praktische oplossing hebben gevonden.’ Gelukkig gaan steeds meer assistenten die opleiding volgen, vertelt Buiteman, want dat kan het aanzien van het beroep alleen maar ten goede komen. ‘De opleiding is te volgen aan de ROC’s, en een verkorte versie bij het CIN voor al werkzame assistenten.’

Veel ziekenhuizen halen de opleiding ook in huis. Daarnaast blijft nascholing noodzakelijk, aldus Buiteman. ‘De inzichten over de relatie tussen voeding en ziekte veranderen voortdurend. Vroeger mocht een diabetes patiënt bijvoorbeeld helemaal geen suiker. Nu weten we dat het alleen een bepaalde hoeveelheid mag zijn.’

De VvV gaat zich bezig houden met het organiseren van nascholingen en met belangenbehartiging. Vooral wil men meer waardering voor voedingsassistenten bereiken. SCEM, Seinen Conference Services, is samen met professor Lisbeth Mathus initiatiefnemer van de beroepsvereniging. ‘Dat is voor ons ook iets nieuws, vertelt Buiteman. ‘Wij organiseerden al wel langer nascholingen, maar dit is natuurlijk heel wat anders. Momenteel vormen Anita en Piet Seinen en ik het interimbestuur. Maar wij zijn geen voedingsassistenten. Wij willen alleen de zaak op gang brengen. We willen dan ook graag op korte termijn vervangen worden door vertegenwoordigers van de beroepsgroep.’

Het huidige bestuur gaat bekijken aan welke voorwaarden de vereniging moet voldoen om een beroepsvereniging te kunnen zijn. Het is de bedoeling dat een nieuw bestuur, met daarin vooral voedingsassistenten, gaat kijken waar de vereniging over vijf jaar wil staan.

Verdere informatie, ook over nascholingen: www.voedingsassistent.nl