artikel

FOOD woordenlijst P Q R

Horeca

Hier staat alle foodjargon voor de letters P Q R

PPanklaar
Voorbewerkte versproducten, voornamelijk agf, die meteen in de pan kunnen.

Parallellisatie
Risicospreiding door activiteitenpakket uit te breiden of verwante assortimenten aan de kernactiviteit toe te voegen.

Partnershipping
Samenwerking tussen detaillist en fabrikant op het gebied van bijvoorbeeld marketing en promotie.

Pay-out periode
Terugverdienperiode bij de introductie van een nieuw artikel.

Penetratie
Het aandeel dat een bepaalde activiteit binnen een groter geheel heeft verworven. Bijvoorbeeld het percentage van de totale huishoudens dat minimaal één keer iets besteed heeft bij een formule gedurende de meet-periode.

PET
Afkorting voor een plasticsoort. Veelal gebruikt in de benaming PET-fles.

Pilot project
Een project, het allereerste in zijn soort bij een onderneming, waarmee op proef een modernisering of verandering wordt doorgevoerd. Dit kan voor alles gelden, van winkelinrichting tot logistiek.

Pilot store
Winkel binnen een reeks winkels van dezelfde naam die voorzien is van de meest actuele inrichting en bedrijfsvoering binnen een retailorganisatie. Winkel binnen een reeks winkels van een retailorganisatie waarin proeven worden gehouden met betrekking tot nieuwe verkooptechnieken, inrichting, enzovoorts. De allereerste winkel van een nieuwe winkelformule.

Plafondhanger
In-store reclamemateriaal, bevestigd aan het plafond, waarop winkelacties zijn weergegeven.

Planogram
Schappenplan: schema dat (elektronisch) aangeeft wat er de komende 2-6 weken op het schap staat.

PLMA
Private Label Manufacturers Association, de belangenorganisatie voor producenten van huismerken.

PLU-code’
Price Look Up-code; prijscode op de verpakking (EAN-code).’

Point of sale
Letterlijk verkooppunt, maar in de detailhandel veelal gebruikt als aanduiding voor het afrekenpunt en zijn directe omgeving.

Point-of-sale-materiaal –
Promotiemateriaal van fabrikanten voor in de supermarkt. PoS-materiaal.

Portfolio-analyse
Systematische sterkte/zwakte-analyse van een product.

POS
Zie Point of Sale.

POS-data
Verkooppuntgegevens, verkregen door scanning aan de kassa.

Positionering
Het zodanig hanteren van de bestaande marketing-instrumenten om bij een uitgekozen doelgroep een duidelijk, aantrekkelijk en zich van de concurrentie onderscheidend imago van een artikel, dienst of onderneming over te brengen.

Premium
Cadeautje dat een klant krijgt bij de aankoop van een bepaald artikel om de aankoop ervan te stimuleren. Gebeurt vaak bij introducties van artikelen.

Prijsvechter
Een winkelketen die bij zijn communicatie naar de klant de nadruk legt op lage prijzen. Ook wel als discounter aangeduid.

Primaire klant
Een klant die een bepaalde winkel of winkelformule beschouwt als de belangrijkste leverancier van door hem of haar gewenste goederen.

Private label
Een huismerk dat door een fabrikant, al dan niet in private label gespecialiseerd, in opdracht van een detailhandelsketen produceert.

Probeeraankoop
De allereerste aankoop door een consument van een bepaald product of artikel.

Product recall
Het terughalen van producten uit de winkels en de magazijnen naar aanleiding van fabricagefouten en/of bederf aan product of verpakking.

Productgroep
Een groep producten die op basis van verwantschap onder dezelfde noemer vallen. Een productgroep kan bijvoorbeeld vlees of agf zijn binnen de assortimentsgroep vers.

Product-Markt-Combinatie.
Promotion bepaalde winkelformule of detailhandelsorganisatie. Proposition een product of winkelformule zich van concurrenten kan onderscheiden.

PVV/IKB-keurmerk
Integrale ketenbeheersing. Staat voor een keurmerk van het Produktschap voor Vee en Vlees dat toegekend wordt aan producenten, groothandels en kleinhandelaren in de vleessector. De toekenning wordt gebaseerd op een aantal kwaliteitseisen op het gebied van hygiÎne, behandeling van het vee, gebruik van groeipreparaten.

QQuality-discount
Een supermarktvorm waarbij kwalitatief hoogwaardige producten tegen de laagst mogelijke prijs worden verkocht. Verschil met traditionele discounter is een breder assortiment, meer service en een betere hygiëne.

RR&D
Research & Development. Meestal een afdeling binnen de organisatie die onder andere verantwoordelijk is voor productontwikkeling

Rack jobbing
De fabrikant behartigt de belangen van zijn artikelen in de winkel door deze met een soort shop in the shop zelf te verkopen. Zo kan een detaillist tegelijkertijd vakkennis in huis halen voor het beheer van één of meer productgroepen.

Randassortiment
Dat deel van het assortiment dat dient ter completering van het totale winkelaanbod, maar dat niet tot de kernverkoopactiviteiten behoort. Onderscheid wordt gemaakt naar imageverhogend, wisselend en winstverhogend randassortiment.

Regionaal grootwinkelbedrijf
Een winkelketen met meerdere filialen in een geografisch beperkte regio.

Regionaal grootwinkelbedrijf gwb.
Centraal geleide winkelketen met een regionale spreiding. Ook wel bekend als Gwb II.

Relatiemanagement
Activiteit die bedoeld is om een goede samenwerking tussen handelspartners op te bouwen en te behouden.

Repeat-aankoop
Herhalingsaankoop. Het opnieuw aanschaffen van een product na een eerste kennismakingsaankoop.

Replenishment
Aanvullen van producten (logistiek).

RestylingVernieuwing van een productverpakking of winkelformule.

Retailing
Detailhandel.

Retailing-mix
Aanduiding van een balans tussen de diverse marketingmixinstrumenten, zoals plaats, prijs, promotie, door de supermarktorganisaties.

RetouretteAfvalwinkel waarin consumenten afval gescheiden kunnen aanbieden. Ontworpen door AH-franchisers Gebr. De Block in Schiedam.

Rocks
Spaarzegelactie, opgezet door supermarktketen Super (destijds Unigro) en oliemaatschappij Texaco. Concurrent van Air Miles, ondergebracht bij Stichting Rocks. Rocks-deelnemers kunnen sparen voor cadeaus en toegangskaarten van pretparken.

Roka
Tweejaarlijkse beurs voor de levensmiddelenhandel in Nederland. (Staat oorspronkelijk voor Rotterdamse Kruideniers Associatie).

Roll On Roll Off
Vrachtwagensysteem waarbij de vrachtwagen zo laag op de weg ligt dat bij het laden en lossen geen laadklep meer gebruikt hoeft te worden.

Routing
Looproute in een supermarkt; al dan niet dwangmatig bepaald door de plaats van de stellingen.’

Rgwb
Regionaal Grootwinkelbedrijf.