artikel

Franchisenemer moet zich thuis voelen bij keten

Horeca

Het begrip franchising is moeilijk te definiëren, vond spreker Albert Koelewijn op 9 oktober in Roermond tijdens het Fano Food Forum. Verder stond hij in zijn lezing ‘Franchising werkt! Hoe, waar en waarom, wel of niet’ stil bij een aantal aspecten van franchising. Belangrijk aspect van franchising is volgens Koelewijn dat een cafetariahouder zich thuis moet voelen bij een bepaalde keten.

‘Voor het woord franchising zijn wel honderd definities. Het is een moeilijk te definiëren begrip’, vond Koelewijn, directeur bij franchise-adviesbureau Koelewijn & Partners. Tijdens het Fano Food Forum over samenwerkingsconcepten in Roermond beet hij als spreker het spits af. In zijn voordracht behandelde hij het onderwerp franchising en sneed verschillende items aan, zoals het woord ‘franchising.’ Uiteindelijk kwam de spreker tot de omschrijving dat franchising ‘intensieve samenwerking’ is en dat het op meerdere manieren mogelijk is om samen te werken. Ook bij het begrip ‘formule’ stond Koelewijn stil. Dat is volgens hem ‘een visie op allerlei elementen van bedrijfsvoering.’De directeur van het adviesbureau stond ook nog stil bij hard- en softfranchising. Onder ‘softfranchising’ verstond hij ‘samenwerking met een vlaggetje en een stickertje’, daar was Kwalitaria-voorzitter Ger Quaden die in de zaal zat, het niet mee eens. Daarop ging Koelewijn verder met de omschrijving van ‘hardfranchising’: harde concrete afspraken, een centraal geleide organisatie en vergoedingen.

Lol
De spreker benadrukte dat er veel verschillen zijn tussen allerlei ketenorganisaties. Belangrijkste uitgangspunt is volgens Koelewijn dat je het gevoel moet hebben dat een formule bij je past. ‘Je moet je thuis voelen bij een bepaalde formule. Als je een hekel hebt aan de kleur groen, moet je niet bij de Body Shop gaan werken.’ Ook over welke ondernemers de beste franchisenemers zijn, had Koelewijn een mening. ‘De beste staan zelf op de werkvloer en hebben er lol in om zelf achter de counter te staan.’