artikel

Gasten onder vuur

Horeca

Het zal je maar gebeuren. Je draait een lekkere avond, en dan ineens komt er iemand binnen die op een van de tafels afstapt en drie gasten door het hoofd schiet. Zo ongeveer ging het een paar weken geleden in een Amsterdams restaurant. De zoveelste afrekening in het criminele circuit. De zoveelste liquidatie ook in een horecabedrijf. ‘Het is maar goed dat ik niet alles van mijn gasten weet.

Gasten onder vuur

In het Japanse sushirestaurant Kobe aan de Nieuwezijds Voorburgwal in Amsterdam is de voorbereiding voor een drukke donderdagavond in volle gang. Personeel dekt de tafels in, achter de bar wordt de drank aangevuld. Behalve een paar verregende bossen bloemen buiten bij de ingang, herinnert niets aan de schietpartij waarbij nog geen week eerder drie gasten om het leven zijn gekomen. ‘We zijn weer gewoon open, en er wordt ook weer volop gereserveerd.’ Meer wil de manager van Kobe er niet over kwijt. De business moet door.
Niet alles is bekend van wat zich die vrijdagavond half november in restaurant Kobe afspeelde. Vaststaat inmiddels dat het een afrekening betrof onder Joegoslavische criminelen. Een man met een masker wandelde halverwege de avond de zaak binnen en opende het vuur op vier gasten aan een tafel bij het raam. De dader ontvluchtte, binnen was de chaos compleet.

Straat afgezet
Om de hoek bij restaurant Humphrey’s was de liquidatie het gesprek van de avond. ‘Veel van onze gasten die een tafel hadden gereserveerd, kwamen te laat omdat de hele straat was afgezet en het verkeer werd omgeleid’, zegt bedrijfsleider Ellen Boom. De schietpartij heeft de medewerkers van Humphrey’s behoorlijk beziggehouden. ‘Je wordt er een beetje angstig van. En je denkt: het is nu een collega, hoe lang duurt het nog voor we zelf aan de beurt zijn.’
Steeds vaker gebruiken zware criminelen de openbare weg en ontmoetingsplaatsen als cafés en restaurants om elkaar uit de weg te ruimen. Sinds de moord op topcrimineel Klaas Bruinsma voor de deur van het Hilton in 1991, is de horeca in Amsterdam herhaaldelijk het toneel geweest van liquidaties. Maar dit jaar lijkt een recordjaar te worden. In maart schoot een Colombiaanse jongen van 14 in een eetcafé aan de Spuistraat een 20-jarige landgenoot dood in verband met ruzie over drugs. In een restaurant in Amsterdam-Zuidoost werd eind oktober een 38-jarige man van dichtbij doodgeschoten, vermoedelijk ook vanwege problemen met drugs. Voorlopig hoogtepunt is de drievoudige moord in restaurant Kobe, gevolgd door een reeks invallen door de politie in verdachte horecabedrijven in de hoofdstad.

Ongewild slachtoffer
Niet bepaald een opsteker voor de branche, beaamt ook Huub Verweij van Koninklijk Horeca Nederland afdeling Amsterdam. ‘Het mag duidelijk zijn dat de gebeurtenissen van de afgelopen weken absoluut niet goed zijn voor het aanzien van de horeca. Maar wat doe je eraan? Het overkomt je als ondernemer. De horeca is ongewild zelf slachtoffer.’
En niet alleen in de hoofdstad. Wie denkt dat afrekeningen in het criminele milieu een puur Amsterdams probleem zijn, moet maar eens gaan praten met directeur Marco Boot van wegrestaurant De Lucht langs de A2 bij Zaltbommel. Vorig jaar augustus openden twee mannen rond lunchtijd in een stampvol restaurant het vuur op elkaar: Eén dode en een zwaargewonde, overal bloed en een onvoorstelbare ravage. Wonder boven wonder vielen onder de gasten geen slachtoffers. De schietpartij had een behoorlijke impact op het personeel. Zo moest de hulp worden ingeroepen van traumaspecialisten. Anderhalf jaar geleden is het nu, maar vergeten doen ze het drama bij De Lucht waarschijnlijk nooit. Boot: ‘Zeker als je dan hoort van liquidaties elders, komt het allemaal terug.’

Rampenplannetje
Zo verging het ook directeur Peter Werther van hotel Mastbosch in Breda. Het nieuws over de schietpartij in restaurant Kobe riep automatisch herinneringen op aan een incident in zijn eigen bedrijf, begin oktober van dit jaar. Twee mannen kregen het in het grand café, dat deel uitmaakt van het hotel, aan de stok met een andere man. Deze werd dusdanig toegetakeld dat hij aan de gevolgen ervan overleed, midden in de lobby. Weliswaar geen liquidatie onder criminelen, maar toch een gebeurtenis die Werther en zijn medewerkers waarschijnlijk nog lang zal bijblijven. ‘Kijk, in elk hotel gebeurt wel eens iets, een gast die een beroerte krijgt of zo. Maar iemand die in jouw bedrijf wordt vermoord, dat is toch wel iets anders. Het overkomt je.’
Het opvangen en informeren van personeel en gasten van Mastbosch had eerste prioriteit. ‘We hebben voor dit soort situaties een rampenplannetje klaarliggen en dat werkte best goed.’ Werther moest daarnaast ook veel improviseren. ‘De vraag was: hoe gaan we dit zo goed mogelijk naar buiten brengen? Dit soort dingen gebeuren in louche tenten, maar niet in een degelijk bedrijf als Mastbosch. Ik wilde geen comboyverhalen. In overleg met de politie is besloten niet voor de pers weg te kruipen, maar juist open te zijn. Ik heb er wel heel bewust voor gekozen het hotel er zoveel mogelijk buiten te houden. De ruzie die tot de fatale klap leidde, was immers in het grand café begonnen.’
De weloverwogen aanpak kon niet voorkomen dat Mastbosch een stempel kreeg opgedrukt. ‘Er rust na zo’n gebeurtenis toch een smet op je bedrijf. In het hotel merken we daar weinig van, omdat de meeste gasten van buiten de regio komen en niet eens weten van de moord. De bezoekersaantallen in het grand café daarentegen liepen na het drama ineens terug. Met name oudere mensen uit de buurt, die hier voor een kop koffie kwamen, bleven ineens weg. Gelukkig trekt het nu weer wat aan, maar leuk is het allemaal niet.’

Joegoslaven
Met restaurant Kobe zal het mogelijk net zo gaan. En voor Kobe is het extra sneu: het bedrijf is nog niet zo lang open. Het klinkt misschien vreemd, maar terwijl een zaak als Kobe de dupe is van de verharding van de criminaliteit, profiteert met name de hoofdstedelijke horeca volop van de aanwezigheid van zware criminelen. ‘Onder de gasten van met name de topbedrijven wemelt het ervan. Joegoslaven, veel Russen ook’, weet een manager van een viersterrenhotel, die niet met naam genoemd wil worden. ‘Geld is geen probleem voor die lieden, dus waarom zouden ze zich ophouden in achteraftentjes.’
Volgens de manager loopt het overigens veel vaker uit de hand dan de politie naar buiten brengt. ‘Toevallig hoorde ik laatst van een collega ook weer van een schietpartij in een hotel in de stad. Daar lees je vervolgens niets van terug in de krant.’
Ook in het hotel waar ze werkt krijgt ze regelmatig criminelen over de vloer. ‘Je weet het natuurlijk niet zeker, maar er zijn soms voldoende aanwijzingen. Een tijdje terug hadden we hier een paar foute jongens binnen die in goud handelden. Een van hen draaide een beetje door en begon goud uit te delen aan het personeel.’ Ertegen optreden gebeurt zelden. ‘Als ze zich netjes gedragen en ze betalen keurig de rekeningen, is er wat ons betreft niets aan de hand.’

Wapenen
Niet weten wie je in de zaak krijgt, is misschien maar het beste, denkt Ellen Boom van restaurant Humphrey’s. ‘Stel dat je alles van je gasten zou weten, ik geloof niet dat je dan nog normaal met je werk bezig zou zijn.’ In preventieve maatregelen gelooft Boom niet. ‘Wat moet je doen? Tegen overvallers begin je al zo weinig. Wat moet je dan met iemand die onverwacht op een van je gasten begint te schieten.’
Marco Boot van wegrestaurant De Lucht ging na de liquidatie in zijn zaak niet over tot extra bewaking. ‘Mensen vragen me wel eens of het misschien verstandig is detectiepoortjes te plaatsen bij de ingang, maar daar heb ik geen zin in. Ik run een gastvrijheidsbedrijf, geen fort.’Peter Werther van hotel Mastbosch ziet evenmin weinig heil in technische oplossingen. ‘Ik heb al camerabewaking, dus wat kun je nog meer doen? Wel is het zo dat ik na de moord alerter ben geworden. Ik stel me onbewust veel meer dan vroeger de vraag wie er aan de bar zit.’ Eén ding is Werther sowieso duidelijk geworden: ‘Tot voor kort achtte ik het alleen voor discotheken en andere nachtzaken noodzakelijk zich te wapenen tegen gasten die andere bedoelingen hebben dan plezier maken. Maar na wat bij ons en nu weer in Amsterdam is gebeurd, geloof ik dat ook restaurants en hotels voortaan bedacht moeten zijn op een nieuw type gast.’