artikel

Het sociale gezicht van Sam Sam

Horeca

Nog twee jaar. Dan zit Jeroen Hatenboer 25 jaar in de horeca, waarvan twintig jaar als zelfstandig ondernemer. Een mooi moment om afstand te doen van zijn bedrijf; want jong genoeg om nog iets anders te proberen. Overnamekandidaten voor Sam Sam, aan de Enschedese Oude Markt, zijn er nog niet. Tijd genoeg, meent Hatenboer. Die het liefst zou zien dat het eigen personeel met plannen komt. Zij weten hoe het bedrijf wordt gerund. Met idealisme, visie en maatschappelijke betrokkenheid.

Het sociale gezicht van Sam Sam

Eigenlijk heeft Jeroen Hatenboer (43) tijd over. Als de VVD tijdens de laatste raadverkiezingen een zetel had gewonnen, was de Sam Sam-eigenaar nu waarschijnlijk wethouder geweest. Maar de acht zetels werden er zeven. Voor de PvdA aanleiding om met het CDA in zee te gaan.Niet dat er nu ineens veel extra uren overschieten voor het bedrijf. Ook een lid van de gemeenteraad vergadert veel. ‘Vooral ’s avonds. Omdat de meeste raadsleden dan vrij van hun werk zijn’, klinkt het licht ironisch.

Terwijl het terras volstroomt met lunchgasten, zegt Hatenboer bewust de zijsprong naar de politiek te hebben gemaakt. ‘Ik heb dertien jaar in het bestuur van de horecavereniging Enschede gezeten. En op het laatst ging het mij storen dat je wel mee mocht praten, maar niets meer mocht zeggen zodra er besluiten werden genomen. Niet dat ik de politiek ben ingegaan als belangenbehartiger van de horeca. Je moet je ‘roots’ niet verloochenen, maar ik zit in de raad voor mijn partij, de VVD.’

Verplichting
De afnemende bemoeienis met Sam Sam past in het streven van Hatenboer om zijn zaak van de hand te doen. In 2004 wil hij stoppen als horecaondernemer en andere dingen gaan aanpakken. Al weet hij nu nog niet precies wat. Zijn eigen softwarepakket in de markt zetten is een mogelijkheid. Maar werken op projectbasis ook. Kennis overdragen. ‘Ik geef nu al één dag per week les op de Grolsch Horeca Academie. Dat is leuk, want er zit een duidelijk begin en einde aan iedere cursus.’ Of wat meer aandacht besteden aan zijn kinderen. Hij ziet wel. Het pand zal hij niet verkopen, dus inkomsten via de huur zijn gegarandeerd.

‘Ik heb het personeel tot juni de tijd gegeven met initiatieven te komen. Dat is nog niet gebeurd. Ons concept vraagt om mensen die de visie achter Sam Sam begrijpen. Die jongens van Dudok in Rotterdam bijvoorbeeld. Die weten denk ik goed hoe je een type bedrijf als dit op afstand moet besturen.’

De 23 horecajaren die hij tot nu toe achter de rug heeft, noemt hij zwaar. ‘Ik heb alles meegemaakt. Van 0 omzet tot ƒ1,3 miljoen in de topjaren. Bovendien schept een bedrijf als dit verplichtingen. De mensen die hier werken hebben ook gezinnen, huren die ze moeten betalen.’ Het zijn de maatschappelijke verplichtingen waarvan Hatenboer vindt dat ook een horecabedrijf als Sam Sam ze heeft. ‘Stage’s, ik heb er altijd aan meegedaan.’ Ook is er al jaren een gehandicapt meisje in dienst. ‘Sommige mensen hebben van nature wat minder meegekregen. Dan moet je ze waarderen naar wat ze wél kunnen, en ze de gelegenheid geven zich te ontwikkelen.

Bianca is 30 procent arbeidsgeschikt. Ze kwam hier binnen om één ochtend te helpen. Ze was voorbestemd voor de dagopvang. Dat is nu zes jaar geleden. Nu werkt ze hier 30 uur per week. Ze woont op zichzelf bij een hospita. Dat zijn natuurlijk heel leuke dingen.’ Hij vervolgt: ‘Ik ben geen baas die het personeel voorschrijft hoe alles moet gebeuren. Ze dragen een grote eigen verantwoordelijkheid. Het is een team van mensen die zelf de taken verdelen. De prestatie moet je met zijn allen leveren en niet aan één man ophangen. Als je hier werkt, ben je elke week verplicht twee dagen achter elkaar vrij. Er is ook nauwelijks ziekteverzuim. En ik heb wachtlijsten met mensen die hier willen komen werken. Ik schrijf niemand voor hoe hard ze moeten werken. Iedereen bepaalt zijn eigen tempo. Als iemand van zichzelf maar vindt dat hij zijn best doet.’ ‘Nee, ze vinden mij geen makkelijke baas. Ik ben wel degelijk kritisch op het werk dat wordt geleverd. Bij het schoonmaken moet het ook echt schoon worden.’

Bedelen
Het is eind 1983 als Jeroen Hatenboer zijn huis in Hengelo moet verlaten. De gemeente wil een weg aanleggen door zijn voortuin, en heeft er een flinke som geld voor over om hem uit te kopen. Hij zet het geld op een spaarrekening. In Enschede vindt hij een geschikt pandje waar hij in 1984 voor zichzelf begint. ‘Het lag een beetje achteraf, maar de huur was laag en ik hoefde geen goodwill te betalen.’

Een laagdrempelig eetcafé, dat moest Sam Sam worden. In een tijd dat eten in het café nog geen alledaagse bezigheid was. ‘Pandeigenaar Grolsch was ook niet zo enthousiast, maar ik heb bedongen dat ik eten mocht gaan verkopen. ‘Café met eetgelegenheid’ noemden we onszelf ook.’ Voor de inrichting is ƒ67.000,- beschikbaar. ‘Dan word je creatief. Alles kocht ik tweedehands. Wel had ik een bedrijfsplan gemaakt. En ik had meteen een kassa en een eigen accountant. Inzicht in je cijfers is belangrijk.’Sam Sam gaat lopen. Naast de vele studenten die Enschede telt, weet een breed scala aan beroepsgroepen het eetcafé te vinden.

In 1996 verhuist Hatenboer zijn bedrijf naar de Oude Markt, waar de gemeente bezig is de horeca te ontwikkelen. Met als buurman een klein theaterzaaltje, Concordia, en boven zijn bedrijf twee filmzalen, neemt hij de gok om zijn bestaande zaak te verkopen om de investering van ƒ1,5 miljoen te kunnen financieren. ‘Iedereen zei: niet doen. Maar als je A hebt gezegd moet je ook B zeggen. Ik heb niet geprobeerd het oude Sam Sam hier te kopiëren. Dit pand is ook drie keer zo groot. Wel wilde ik er een vervolg aan geven. Gingen we daar pas om vijf uur ’s middags open, hier is dat al om tien uur ’s ochtends. De laagdrempeligheid is gebleven. Nog steeds komt iedereen hier binnen.’