artikel

Hoe verwerk je de verkoop van je hart en ziel?

Horeca

Het hotelierspaar Reinout en Clary Hegger heeft hun hotel De Scheperskamp in Lochem verkocht. Na 77 jaar verdwijnt het hotel uit de familie. Hun twee kinderen zijn een andere weg ingeslagen. 3 januari is de overdracht.

Samen maken ze nog één keer een ronde door hun hotel. Langs de Shepherd’s Bar, inclusief open haard, biljard en darts. Dan langs de beautysalon naar de achterkant van het gebouw met het royale zwembad met sauna. GT-hotel De Scheperskamp is een luxe viersterrenhotel in de bossen van Lochem. Het beschikt over vijftig hotelkamers en meerdere vergaderruimten. Een kleine 50 procent van de gasten is particulier, de rest zakelijk.

Reinout en Clary Hegger hebben het voormalige familiehotel van Reinout’s ouders in drie decennia uitgebouwd tot het huidige bedrijf. In 1976 ontmoetten ze elkaar in een café. Hij was 29 en al negen jaar in het bedrijf werkzaam, zij was 22 en nét onderwijzeres geworden van klas 1, 2 en 3 op een kleine basisschool in de buurt.Verder gaat de rondleiding, naar de vleugel met de hotelkamers en de vergaderzalen. De kamers op de eerste verdieping bieden een fraai uitzicht op de bossen van Lochem. ‘Het allereerste wat onze gasten doen als ze de kamer inkomen, is de vitrage opzij schuiven’, zegt zij.

Ooit stond hier heide, met schapen en een herder, de ‘scheper’. Vandaar de naam die ze voor hun hotel bedachten: De Scheperskamp. Herders voelen zij zich, herders van hun gasten.In de gangen hangen prenten die herinneren aan vroeger tijden. Een foto van het allereerste gebouw uit 1909, een portret van Reinout’s ouders die in 1927 op deze plek begonnen, foto’s van de verschillende huldigingen: de Heggers sleepten de afgelopen jaren meerdere prijzen in de wacht, waaronder die voor het beste ontbijt.Het perfectionisme is er nog steeds. In een van de gangen is iemand met een trolley tegen de lambrisering gereden. De wielen van het wagentje hebben een vieze veeg achtergelaten. Hij bukt en veegt de vlek zorgvuldig weg. ‘Je kunt het honderd keer zeggen, maar het personeel ziet die dingen soms niet’, zegt hij. Een foto wordt recht gehangen.

Vanuit het raam op de eerste verdieping kijken ze neer op hun vroegere woonhuis. Hier stichtten ze hun gezin, hier speelden hun twee kinderen, hier liepen ze iedere dag: van huis naar hotel en terug. Het hotel was, ís hun derde kind. Nog drie weken, dan is de overdracht. ‘Zelden een verkoopobject gezien dat in zo goede staat is’, heeft de taxerend makelaar ze gezegd. De Heggers hebben er vast en zeker een goede prijs voor gekregen. Maar hoe verwerk je de verkoop van je hart en ziel?

Hij gaat straks weer hardlopen. Ooit liep hij de marathon in 2 uur en 38 minuten. Hij moet de snelste hotelier van Nederland zijn geweest. Door de bossen en de weilanden van de Achterhoek rende hij, soms 15 kilometer, soms langer. Zij op de fiets ernaast met de kinderen. Het meisje voor, de jongen achterop en in een tas bidon en banaan. Straks loopt hij er weer te hollen.

Zij neemt een ‘sabbatical’. Ze wil de hectische jaren die achter haar liggen een plek geven. Daarna begint ze iets nieuws. Ze zijn nog jong en fit. Hij is 57, zij pas 50. Toch ligt er een leven achter ze. ‘Toen we in 1977 begonnen, hadden we de keuze: of we lieten het hotel zoals het was en kwijnden weg, of we maakten er een flamboyant bedrijf van. Sindsdien zijn de stofwolken nooit meer opgetrokken.’