artikel

Houdbaar tot 2007

Horeca

Zelfs niet toen Gertenbach en Van der Vlies hoorden dat de showroom slechts zes jaar beschikbaar was. Peter Gertenbach zag in die beperking juist de uitdaging. Volgende maand opent restaurant Tot Tweeduizendzeven de deuren. ‘De datum waarop we sluiten is al geprikt.

Houdbaar tot 2007

TOT TWEEDUIZENDZEVEN staat met koeienletters op de ruiten gekalkt. Binnen wordt druk getimmerd, elektriciens verleggen de bedrading in het plafond.
Het is aftellen in de showroom van de voormalige Opel-garage aan de Utrechtseweg in Amersfoort. Op 1 juli hopen Peter Gertenbach en Caroline van der Vlies hun eerste gasten te ontvangen, maar het is lang niet zeker of ze die datum wel halen. Er moet nog zoveel gebeuren, vooral aan de afwerking van het interieur. En ook met het personeel voor de keuken zijn ze nog niet rond: ‘We zijn hard op zoek naar een goeie chef-kok.’
Peter Gertenbach moet wennen aan het idee dat hij eigenaar is van twee zaken. ‘Ik heb altijd gezegd: nooit twee bedrijven tegelijk, daar begin ik niet aan.’ Per toeval hoorde hij eind vorig jaar van de garage, een paar honderd meter verwijderd van zijn eerste zaak, restaurant Tollius. ‘Het was me opgevallen dat de showroom al een paar maanden te huur stond en toen ben ik maar eens gaan bellen. Een projectontwikkelaar kan er pas over zes jaar een definitieve bestemming aan geven, in de tussentijd moet het pand op een andere manier geld opleveren.’

Vijf ton
Gertenbach sloeg aan het rekenen. Een bedrijf beginnen in een bijzonder pand met veel glas is leuk, maar het moet allemaal wel financieel haalbaar zijn. ‘De bank zei: het is best te doen. Met 2,5 miljoen jaaromzet draai je na 5,5 jaar quitte.’ Voorwaarde was dat de verbouwing en inrichting met een minimale investering van 500.000 gulden gerealiseerd zou worden. Geen dure tafels en stoelen, niet de beste keukenapparatuur, geen super-de-luxe sanitair. ‘Dat is ook niet nodig. Als de spullen maar vijf en een half jaar meegaan. We hebben tegen onszelf gezegd: het moet mooi en stijlvol, maar we geven geen cent meer uit dan begroot en daar hebben we ons tot nu toe strak aan gehouden.’

Enthousiast
Met dank aan onder meer het gevangeniswezen. De onderstellen van de tafels waaraan de gasten straks zitten te smullen, zijn door gedetineerden in elkaar geschroefd. Zakenrelaties reageerden enthousiast op het unieke ondernemingsplan. Architectenbureau Monk zag de showroom als een mooi object. Een bevriende meubelmaker ging gretig aan de slag. ‘Niemand vindt het een probleem dat er weinig geld te verdienen is. Ik merk juist dat alle partijen het project als een uitdaging zien. Ze vinden het leuk om voor weinig geld toch iets moois te maken. Prettige bijkomstigheid voor mij is dat ik niet als een soort melkkoe wordt behandeld. Er is gewoon niet meer poen te halen. Klaar.’

Improviseren
Wie zuinig moet zijn, leert improviseren. Gertenbach is er in een paar maanden tijd zeer bedreven in geworden. Voor de deur van Tot Tweeduizendzeven was een terras gepland, maar voor honderd stoelen en 25 tafels moet je al snel 20.000 gulden op tafel leggen. En dat geld was er dus niet. Gertenbach is nog even op zoek geweest naar tweedehands, maar dat leverde niets op. Een oplossing vond de restaurateur in de reusachtige schuifdeuren van de showroom. ‘Bij mooi weer gaan de puien open en sjouwen we tafels en stoelen gewoon van binnen naar buiten. Op die manier spaar je een hoop uit.’ Ook de zoektocht naar keukenapparatuur leverde een behoorlijke besparing op. Nieuwe spullen waren op voorhand uitgesloten, voor veel minder geld werd een demokeuken op de kop getikt.
Het tijdelijke karakter van het restaurant vormt ook bij het ontwerp van het interieur de basis. Neem het toilettenblok, dat veel weg heeft van een mobiel sanitair op een bouwplaats. ‘Het heeft geen enkele zin om een kostbare toiletunit te bouwen als nu al zeker is dat je ‘m over vijf jaar moet slopen.’

Rotary

Een tijdelijk restaurant, zit Amersfoort daar wel op te wachten? Peter Gertenbach maakt zich geen enkele zorgen. Tot Tweeduizendzeven ligt dicht tegen het centrum aan, binnen een straal van anderhalve kilometer werken ruim zevenduizend mensen, overwegend in bedrijven en kantoren. En dan heb je nog de lading mensen die in Amsterdam werken, in Amersfoort wonen en iets te besteden hebben. ‘Al komt daarvan slechts een fractie een keer bij mij over de vloer, dan ben ik al blij. Er ligt hier een enorme markt open voor een bedrijf als dit.’ Collega’s kijken daar iets anders tegenaan, denkt Gertenbach. ‘Ik geloof niet dat ze zitten te wachten op 130 extra stoelen. Ik heb in ieder geval nog geen enthousiaste reacties mogen ontvangen.’

Plechtigheden
Nog een paar weken en dan ziet Tot Tweeduizendzeven het levenslicht. De opening zal geruisloos zijn. Geen uitnodigingen, geen aangeklede borrel met lekkere hapjes. Er moet op de kosten worden gelet, dat vereist de aard van het hele project nou eenmaal. Gertenbach houdt trouwens helemaal niet van die plechtigheden. ‘Je hele zaak zit vol notabelen die zich lekker volgooien en vervolgens op de Rotary verkondigen dat het helemaal niks wordt met dat restaurant.’ Hij doet liever iets dat past bij het karakter van het bedrijf. Over zes jaar wordt het complete interieur geveild. ‘Gasten die de komende tijd regelmatig bij ons komen eten, krijgen een uitnodiging.’ Maar stel: het gaat heel goed en de eigenaar van het pand ziet van zijn plannen af. Wordt Tot Tweeduizendzeven dan voortgezet? ‘Ik denk het niet. Over zes jaar stoppen we.’