artikel

Kentucky Fried Chicken streeft naar 150 restaurants in Nederland

Horeca

Na twee eerdere pogingen wil de Amerikaanse kipketen Kentucky Fried Chicken (KFC) nu écht groeien in Nederland. Samen met Duitsland en Frankrijk is Nederland uitgeroepen tot Europese groeimarkt voor KFC. Als het concept in deze landen slaagt, moet de rest van Europa worden veroverd door de kipketen. ‘The timing is right’, zeggen Niren Chaudhary, KFC-directeur Nederland en acquisitiemanager Hans Wingender.

Kentucky Fried Chicken streeft naar 150 restaurants in Nederland

Dat de uitbreidingsplannen serieus zijn, blijkt uit het feit dat KFC eindelijk een eigen organisatie heeft in Nederland. ‘De restaurants die al in Nederland zaten, hebben in het verleden beperkte ondersteuning gehad’, vertelt Hans Wingender, die zich bezig houdt met het zoeken naar nieuwe locaties voor KFC. ‘De sporadische steun kwam uit organisaties van omringende landen.’

Chaudhary: ‘Onze organisatie telt nu zeven mensen. Die kunnen zo dertig restaurants ondersteunen, terwijl we nu op tien restaurants zitten. Daarmee geeft KFC aan dat het bereid is te investeren in Nederland.’

Jaarlijks wil de fastfoodketen met 6 tot 10 kiprestaurants groeien. Onlangs zijn restaurants in Eindhoven en Amersfoort geopend en daarvoor in Utrecht en Venlo. Binnenkort komen er vestigingen in Apeldoorn, Den Haag en Rotterdam bij. Wingender: ‘We kiezen voor opvallende locaties, zodat iedereen ons binnen een week weet te vinden.’ ‘We zijn nu zo’n twee jaar bezig’, vervolgt Chaudhary. ‘Het is in Nederland moeilijk om toplocaties te vinden. We gaan voor grote zaken op plaatsen waar veel mensen komen, zodat klanten snel weten wat KFC inhoudt. Veel Nederlanders kennen ons concept nog niet zo goed.’

Daar ligt een uitdaging volgens de directeur. Chaudhary: ‘Vaak wordt bij KFC enkel aan kipsnacks gedacht, terwijl we meer te bieden hebben zoals sandwiches, complete maaltijden en ‘chicken on the bone’. We onderscheiden ons duidelijk van andere fastfoodketens. Wij werken met echte, verse kip en een traditionele bereidingswijze. Dat zullen we de komende jaren ook via de media bekend maken. Wij zijn de “chicken experts”.’ Wingender: ‘In ons restaurant in Eindhoven belden mensen na de opening op om een tafel te reserveren. Dat zegt wat over de onbekendheid. Inmiddels is Kentucky Fried Chicken een begrip in Eindhoven.’

Companystores
Volgens Chaudhary is er al veel interesse voor zijn keten. ‘Dagelijks ontvangen we wel een aanvraag van een potentiële franchisenemer. Dat is ook logisch. In Nederland is er nog geen serieuze kipketen en de vraag naar kip groeit enorm. Dat maakt het voor franchisenemers erg aantrekkelijk.’

Voorlopig moeten geïnteresseerden nog even geduld hebben. Buiten de restaurants van de al bestaande franchisenemers zijn de overige vijf restaurants allen in eigen beheer (zgn. companystores). De komende restaurants zullen ook weer companystores zijn. Al is het mogelijk dat de bestaande franchisenemers nieuwe zaken openen. Dat gebeurde reeds in Rotterdam. ‘We willen eerst laten zien dat het concept werkt’, zegt Chaudhary. ‘Vandaar dat we veel in eigen beheer doen. Als de zaken eenmaal lopen kunnen we geïnteresseerde ondernemers iets bieden, iets in het vooruitzicht stellen.’

Volgens Chaudhary en Wingender is Nederland groot genoeg voor zo’n 150 KFC-restaurants. Chaudhary: ‘Ik durf niet te zeggen wanneer we dat aantal hebben gerealiseerd. Dan praat je toch over 10 tot 15 jaar.’

Kentucky Fried Chicken is al bijna 30 jaar in Nederland actief. De eerste drie restaurants, twee in Rotterdam en één in Maastricht, werden geopend door franchisenemers. Daarna stokte de groei. ‘De eerste franchisers zijn erg succesvol geweest bij het bekend maken van KFC in hun steden’, meldt Chaudahary. Pas in de tachtiger jaren brak een nieuwe groeifase aan voor KFC. Maar ondanks een groei naar zo’n vijftien vestigingen, bleek de timing niet goed. ‘De klanten waren nog niet toe aan een quick service kipketen. Het succes was beperkt en de groei werd gestopt.’Vier restaurants bleven over. De twee van het eerste uur, nog een restaurant in Rotterdam en een companystore in Amsterdam. ‘Die vier hebben het altijd naar behoren gedaan en bewijzen dat er een markt is’, aldus Wingender.

Waarom is de tijd nu wel rijp voor KFC? Chaudhary: ‘Rood vlees is nog steeds de nummer 1 in Nederland, maar de vraag naar kip groeit gestaag. Dat komt door het gezondheidsaspect en de multiculturele samenleving. Kip is in veel culturen zeer populair. Een andere belangrijke factor is de groeiende vraag naar quick service door de vele tweeverdieners. Daar willen we meer op inzetten. We kunnen complete maaltijden bieden, die van een gelijke kwaliteit zijn als thuisbereide maaltijden. We werken met vers voedsel, traditionele bereiding en natuurlijk het geheime kruidenrecept van onze oprichter. We zeggen daarom over ons product “Real food, served fast”.’

KFC gaat ook restaurants met drivethroughs openen. De eerste is inmiddels geopend in Venlo, terwijl de KFC-producten niet gemaakt zijn om in de auto op te eten. ‘We verkopen echt kippenvlees en daar krijg je vettige vingers van’, meldt Wingender. ‘Ze zijn dan ook niet bedoeld voor ‘dashboardsnacken’. De klanten kunnen het eten in ons restaurant of meenemen. Dat laatste gaat prima, want de producten worden zo heet geserveerd, dat ze meestal zo’n tien minuten moeten afkoelen.’

Drie stappen
Om KFC tot een succes te maken zijn volgens Chaudhary drie stappen nodig. ‘We moeten een sterke Nederlandse organisatie realiseren. Daar zijn we volop mee bezig. Ik ben de enige binnen onze organisatie die geen Nederlandse roots heeft. Ten tweede moeten we het concept van KFC bewijzen. Daar zijn onder andere mensen en opleidingen nodig. Ook kun je denken aan juiste locaties met de juiste inrichtingen. We passen onze restaurants aan, aan de mensen die er komen. We overwegen bijvoorbeeld ook om alleen in Nederland appelmoes in het assortiment op te nemen. De kip van KFC smaakt overal hetzelfde, maar andere zaken kunnen wel aan het specifieke land worden aangepast. Zo zijn we lokaal sterk. Tenslotte is een snelle uitbreiding nodig. We willen zo snel mogelijk groeien, maar willen wel de juiste locaties hebben.’