artikel

Live-muziek ongehoord prijzig

Horeca

Horecaondernemers die bands boeken zijn per optreden honderden guldens extra kwijt als gevolg van de nieuwe artiestenregeling. Na hevige kritiek op de regeling komt staatssecretaris Wouter Bos van Financiën de artiesten weliswaar tegemoet, maar voor de horeca blijft live-muziek ongehoord prijzig en administratief een vervelende klus.

Live-muziek ongehoord prijzig

Discotheek- en zaalhouders moeten volgens de nieuwe regeling, onderdeel van het Belastingstelsel 2001, voortaan ook loonbelasting (de volle mep van 32,5 procent) betalen over het kostendeel van de nettogage van artiesten en bands.
Dat blijkt uit de voorgenomen aanpassing van de regeling, waarin eerst sprake was van een tarief van twintig procent. Tot de belaste kosten horen ook de vergoedingen die organisatoren betalen voor overnachtingen van de artiesten en bands. Maaltijden en consumpties tijdens optredens blijven buiten de heffing. De nieuwe regeling blijft, ondanks toegezegde aanpassingen door de staatssecretaris, lastig. In het verleden werd er vaak helemaal geen loonbelasting afgedragen. De complete gage van veel semi-professionele artiesten en groepen gingen als kosten de boeken in. Ze haalden bij de Belastingdienst een nihilverklaring. Op grond van die verklaring was de complete gage onbelast.Bos wil nu amateurgezelschappen zoals harmonieën, zangkoren, fanfares en toneelverenigingen buiten de heffingen houden. Voor de rest moeten artiesten en bands ‘net als iedereen belasting betalen’.

Beschikking
De nihilverklaring is vervallen en de kostenvergoedingsbeschikking (KVB) ingevoerd. Het is een formulier van de Belastingdienst waarmee de artiest of band aangeeft een bepaald bedrag aan reële kosten te maken. Dat bedrag wordt vervolgens niet belast. Het aanvragen van de beschikking brengt voor de bands een enorme administratieve rompslomp met zich mee. Het is duidelijk dat veel jonge bandjes niet de moeite nemen om dit allemaal met de Belastingdienst te regelen.
De staatssecretaris wil de regeling op dit punt versoepelen. Hij stelt voor om een ‘bepaald bedrag aan kosten’ onbelast te laten, zonder dat daarvoor een KVB nodig is.De brandende vraag is nu echter hoe hoog dat bedrag zal zijn. Volgens Jeroen Blijleve, programmeur bij podium Het Patronaat in Haarlem, is een vast bedrag aan reële kosten alleen een acceptabele optie als het gaat om 2000 gulden of méér. Veel artiesten en groepen zitten met hun gage onder of net aan dat bedrag.

Strenger
All Arts Belastingadviseurs in Rotterdam voelt niets voor ‘een vast bedrag’. Zij vinden, ervan uitgaand dat de kostenposten vaak hoger zullen zijn dan het vastgestelde bedrag, dat ‘álle reële kosten’ te allen tijde belastingvrij moeten zijn.
Die regel geldt immers ook voor ‘gewone werkgevers en werknemers’. Artiesten hoeven niet strenger behandeld te worden dan anderen, zo meent All Arts. De discotheek- of zaalhouder moet wel bij de Belastingdienst aantonen dat de door de artiest of band opgegeven kosten, waarvoor geen KVB nodig is, reëel zijn. Voor kosten boven dat bedrag is weer wel een KVB nodig om ze onbelast te houden.

Loonbelasting
In de nieuwe regeling is sprake van een tarief van twintig procent loonbelasting. Dat is aanzienlijk minder dan vroeger. Waar het op neerkomt is dat over de complete gage (met uitzondering dus van een vast bedrag reële kosten) loonbelasting wordt geheven. Een percentage van 20 procent als er ten aanzien van de kosten geen KVB is afgegeven en een percentage van 32,5 procent als er wel een KVB wordt overlegd. Dat was het uitgangspunt.
De Nederlandse artiesten en bands hebben de staatssecretaris voorgehouden dat ze vinden dat hun fictieve werkgever (de disco- of zaalhouder) in alle gevallen 32,5 procent loonbelasting moet afdragen. Op die manier kunnen ze later een groter bedrag aan teveel betaalde loonbelasting terugkrijgen. Bos is daarmee akkoord. Hiermee lopen de kosten voor de disco- en zaalhouder echter behoorlijk op. Over een nettogage van 1000 gulden betaalt hij dan geen 200 gulden, maar 325 gulden loonbelasting. Daar bovenop krijgen discotheek- en zaalhouders te maken met artiesten die een aanzienlijk hogere nettogage vragen dan voorheen omdat ze in de nieuwe regeling per saldo toch minder zullen overhouden.
Hogere gages betekenen een hoger bedrag aan loonbelasting en premies voor sociale verzekeringen die disco- en zaalhouders moeten afdragen. De hogere gages betekenen verder een hogere afdracht aan een ander niet zo geliefd instituut: de Buma.Het wachten is intussen op aanpassing van de regeling op grond van de toezeggingen van de staatssecretaris. Tot die tijd geldt de regeling zoals die begin dit jaar inging.

Artiestenregeling een ramp

Administratief is de artiestenregeling een ramp, omdat artiesten na elk optreden een gageverklaring moeten invullen. Elk bandlid moet tekenen en een kopie van het paspoort bijvoegen. Het komt erop neer dat van elk optreden aparte aangifte moet worden gedaan bij de Belastingdienst. Bovendien moet de ‘fictieve werkgever’ alle bandleden die in een jaar tijd in zijn zaak hebben gestaan apart een jaaropgave sturen. Voor buitenlandse artiesten is de regeling nog ingewikkelder. Voor zelfstandigen heeft de nieuwe artiestentenregeling overigens geen of nauwelijks gevolgen.