artikel

Nederlands patisserieteam op weg naar beter imago

Horeca

Desserts maken is een vak apart. Zeg maar een kunst. Dat is te zien aan de eindproducten van de leden van het Nederlands Patisserieteam. Met hun kunstwerkstukken proberen de patissiers het imago van de Nederlandse patisserie naar een hoger plan te tillen.

Nederlands patisserieteam op weg naar beter imago

Scorpio, Gemellus en Sagittarius. Deze vreemd klinkende namen verwijzen naar een drietal patisseriewerken van de hand van het Nederlands Patisserieteam (NPT), een gemêleerd gezelschap van patissiers uit de horeca en de banketbakkersbranche. Het selecte gezelschap bestaat uit Rudolph van Veen, Remco Dekker, Jeroen Goossens, Robert van Beckhoven, Jacques van Bragt, Ivo Wolters, Arthur Tuytel, Jan Willem Jansen, Maarten van der Coer en Erica de Werd. Twee van hen, Van Veen en Goossens, zijn dessertmakers met een horeca-achtergrond. Van Veen is actief als televisiekok bij RTL4 bij het programma Life & Cooking. Zijn collega Goossens is freelance patissier en geeft onder meer demonstraties.

Jonge honden
Het NPT bestaat sinds 1997 en heeft een missie. ‘Ons doel is het imago van de patisseriebranche te verbeteren’, vertelt Erica de Werd. Zij beheert het secretariaat van het NPT en verzorgt de public relations van de club. ‘We zijn een stel jonge honden die trots zijn op hun vak: de patisserie. We willen dit doorgeven aan anderen.’ Een van de jonge honden en NPT-lid van het eerste uur is Rudolph van Veen. ‘We hebben het NPT destijds opgericht om een Nederlands team af te kunnen vaardigen naar Le Coupe du Monde de la Patisserie in Frankrijk’, licht hij toe. Deze competitie is een tweejaarlijks evenement. In een klein keukentje moet een team van drie patissiers in negen uur tijd drie showstukken maken. Via deze internationale wedstrijd wil het NPT het vak en de Nederlandse patisserie promoten.

‘De banketbakkersbranche verdient meer aandacht; ze blijven op dat punt achter bij de horeca’, vindt Van Veen. De banketbakkers mogen nog wel iets trotser zijn op hun patisseriekwaliteiten, vult De Werd aan. ‘Banketbakkers zeggen vaak: ik ben maar bakker. In de horeca zie je dat patissiers wat meer bewust zijn van wat ze kunnen. Ze kunnen ook iets meer van hun creativiteit kwijt, bijvoorbeeld op de dessertborden.’ Ook Van Veen signaleert dit onderscheid tussen hem en de patissiers uit de bakkerswereld. ‘Zij zijn meer bezig met gebak, en wij met desserts en nagerechten.’ De kok wijst verder op de verschillende achtergronden van hemzelf en collegapatissier Goossens, en de rest van het NPT. ‘Wij hebben een horecascholing gehad, en zij een brood- en banketopleiding. Vaak hebben de ouders van banketbakkers ook een eigen zaak gehad en zijn zij daarmee opgegroeid. Onze passie voor patisserie is voortgekomen uit het koksvak.’

Ambitie
Het NPT richt zijn pijlen in hoofdzaak op de banketbakkersbranche, beamen beide woordvoerders van de organisatie. En met succes, meldt Van Veen. ‘Er is sprake van een Johan Cruyff-effect. Steeds meer jonge bakkers kiezen tijdens hun opleiding voor patisserie.’ Dat is volgens de televisiekok de verdienste van het NPT. Toch zijn ook bijdragen vanuit de horecabranche voor het NPT welkom. ‘Graag zelfs. We zoeken mensen die door ambitie gedreven zijn’, klinkt het uit de mond van Van Veen.

Zo hoopt hij op deelname van horecapatissiers tijdens de voorrondes voor de Dutch Pastry Award op de aanstaande Horecava in Amsterdam. Ongeveer een derde van het deelnemersveld is afkomstig uit de horeca. De Dutch Pastry Award is de titel voor de beste patissier van Nederland. De winnaar mag een jaar lang als aspirant-lid meedraaien bij het NPT. Na een jaar kan hij volwaardig lid worden. Het NPT wil graag meer leden krijgen om een nog groter draagvlak te creëren voor het uitdragen van het vak van patissier. Van Werd: ‘We willen mensen graag een kans geven om bij het team te komen. Hoe groter we worden, hoe liever.’