artikel

Payrolling: elf ondernemers mogen niet meer opleiden

Horeca

Reitse Spanninga is razend. De eigenaar van restaurant ’t Plein in Joure raakte per 31 augustus dit jaar zijn erkenning als leerbedrijf kwijt, omdat hij al zijn medewerkers verloont via een payrollbedrijf. De instantie die de erkenningen verstrekt (Landelijk Orgaan Beroepsonderwijs Horeca, Toerisme en Voeding) zette om dezelfde reden ook bij tien andere leerbedrijven een streep door de erkenning.

Payrolling: elf ondernemers mogen niet meer opleiden

De regels zijn onverbiddelijk voor het bestuur van het LOB HTV, waarin organisaties van werkgevers en werknemers zijn vertegenwoordigd. Een bedrijf dat alle medewerkers onderbrengt bij een payrollbedrijf valt niet onder de horeca-CAO en mag daarom volgens de regels geen leerbedrijf zijn. In die situatie betaalt zo’n bedrijf immers niet mee aan de bedrijfstakfondsen, luidt de redenering.

Slachtoffer
Reitse Spanninga voelt zich slachtoffer van ‘belachelijke bureaucratie’. ‘Al twaalf jaar zetten wij ons met hart en ziel in als leerbedrijf. Als regiobestuurder van KHN en als voorzitter van Fryslân Culinair heb ik me sterk gemaakt voor betere opleidingen. En dan raak ik om administratieve redenen mijn erkenning kwijt. Wie leidt er nou op? Het payrollbedrijf of het restaurant? Ik ben nota bene op advies van KHN in zee gegaan met het payrollbedrijf Van der Noordt, want daardoor loop ik als klein restaurant minder risico’s.’

Omdat het payrollbedrijf geen horecaonderneming is, betaalt Spanninga inderdaad geen bijdrage aan de bedrijfstakfondsen. ‘Ik mag niet meebetalen. Ik wil het wel, maar de regels maken het onmogelijk.’ De oplossing om leermeesters en leerlingen niet meer in te lenen, maar op een eigen loonlijst te zetten, wijst hij af. ‘Dan haal ik weer financiële risico’s binnen, die ik juist bewust uitbesteed.’

Terecht ingetrokken
De brief waarin de erkenning wordt ingetrokken, is ondertekend door LOB HTV-directeur Sicco Kole. Hij wenst echter niet te reageren en verwijst naar de CAO-partners. Aangeklopt dus bij Koninklijk Horeca Nederland. Dat zit immers in het LOB-bestuur en is de brancheorganisatie van Spanninga. In een schriftelijke verklaring zet KHN de regels nogmaals uiteen en concludeert daarmee dat de elf bedrijven terecht hun erkenning zijn kwijtgeraakt. Verder stelt KHN dat ondernemers individueel verantwoordelijk zijn voor samenwerking met een payrollbedrijf en de gevolgen daarvan. Voorop staat volgens KHN ‘de noodzaak om een systeem in stand te houden dat ook voor de toekomst voldoende waarborgen biedt voor herkenbaar beroepsonderwijs’.

Maar zijn er dan geen oplossingen? Bijvoorbeeld door ondernemers via payrollbedrijven aan de fondsen te laten bijdragen? En wat vindt KHN ervan dat ervaren leerbedrijven moeten afhaken? Op die vragen wil KHN ‘verder inhoudelijk geen commentaar geven’. SVH-directeur Ben Rijgersberg dringt aan op spoedig overleg om oplossingen te zoeken. ‘Het is doodzonde als we op deze manier professionele leerbedrijven verliezen. We hebben ze nodig om goed personeel voor de toekomst op te leiden.’

Bezwaarschrift
Reitse Spanninga deelt die zorg van Rijgersberg en gaat intussen een bezwaarschrift indienen tegen het intrekken van de erkenning. Ook gaat hij bij KHN en SVH aan de bel trekken. Momenteel heeft hij een leerlinge in dienst van de Masterclass, een project van zeven culinaire samenwerkingsverbanden, waarbij andere regels gelden. Spanninga: ‘Ik blijf altijd leerbedrijf, dat pakt niemand me af.’