artikel

Trouwen

Horeca

Ze zit bij mij aan tafel tweede paasdag. Ze gaat trouwen. Haar vriend heeft haar hand gevraagd en ze heeft ja gezegd. Mooi en romantisch, ze is er vol van. De radertjes in mijn horecahoofd draaien meteen. Een huwelijk, een aardig brokje omzet.

Trouwen

De radertjes in mijn horecahoofd draaien meteen. Een huwelijk, vijftig vrienden die aanschuiven voor het diner en een aantal overnachtingen. Een aardig brokje omzet. Tussen de 5 en 10 mille, denk ik. Zij romantisch, ik in de omzetmodus.

Toch kijkt ze wat teleurgesteld, ondanks de romantiek in haar hoofd. Ze heeft een mooie locatie gevonden. Een landgoed aan de rand van de Veluwezoom. Prachtig, zo heeft ze gezien op een filmpje op internet. Ze heeft meteen gebeld, vertelt ze me.

‘Ik wil trouwen.’ ‘Gefeliciteerd’, klonk het oprecht enthousiast aan de andere kant van de lijn. Ze groeide. ‘Ik zal u even doorverbinden.’

‘U wilt trouwen?’, klonk het een stuk zakelijker. ‘Dat kan.’ Dat was het. Vervolgens moest een afspraak worden gemaakt. Kon ze met haar vriend de boel eens bekijken. De dag voorbeleven. ‘Roept u maar’, zei de zakelijke dame. Ze noemde een datum. ‘Nee. Dan kan ik niet, dan werk ik niet.’ Ze riep een tweede datum. ‘Ook dan werk ik niet.’ ‘Uw agenda is meer leidend dan de onze’, zei ze beduusd. ‘Doet ú dan maar een voorstel.’ Het werd een datum ergens over drie weken. Ze dreigde af te haken, maar ja, landgoed, Veluwe, trouwen, vlinders, soms moet je doorzetten.

Mijn hoofd snapte er ondertussen al niks meer van. Een behoorlijke omzet, een bruid in spe en dan het eigenbelang laten voorgaan. Het is crisis, iedere omzet is omzet. Voor de gast is er altijd ruimte. Er is toch altijd een plan B?

‘Na veel dimdammen, kwam toch een datum uit de bus’, vertelt ze. Ik schenk thee bij. Ze vervolgt: ‘Een uurtje later belde de zakelijke stem terug. Ze kon toch niet. Een collega had een afspraak voor haar ingepland. Of het toch niet anders kon. Ze plande een afspraak bij een collega.’ Een huwelijk is een verdomd serieuze zaak, denk ik, terwijl ik haar uitzwaai.

Peter Garstenveld

Meer columns: