artikel

Tips voor veilige crowdfunding

Horeca 3276

Crowdfunding klinkt sympathiek, maar er zit een flinke adder onder het gras zodra een ondernemer in zwaar weer komt. Crowdfundingsplatforms blokkeren namelijk vaak een schuldenakkoord met de investeerders. In plaats daarvan spreken de platforms de ondernemer in privé aan om de schuld aan de investeerders terug te betalen. Met alle gevolgen van dien, zoals beslag op je huis, auto en andere privébezittingen.

Tips voor veilige crowdfunding

Een bedrijf in financiële problemen hoeft niet failliet te gaan. Een schuldenakkoord of crediteurenakkoord kan een oplossing zijn. Bij een schuldenakkoord krijgen de schuldeisers een percentage van hun vordering betaald. Voor de restantvordering wordt finale kwijting verleend. De schuldeisers zijn weliswaar een deel van hun geld kwijt, maar bij een faillissement krijgen ze helemaal niets. Bovendien blijft de klant bestaan, dus ook de handel. Voor de ondernemer is een schuldenakkoord één van de beste opties om uit de misère te komen.

Crowdfunding-platforms zijn niet happig op zo’n schuldenakkoord. In plaats daarvan spreken crowdfunding platforms de ondernemer liever in privé aan om de schuld aan de investeerders terug te betalen. De platforms zijn door schade en schande wijzer geworden. De afgelopen tijd zijn meerdere horecaprojecten die via crowdfunding werden gefinancierd, failliet gegaan.

De boodschap aan de investeerders dat ze het geld op hun buik kunnen schrijven, is voor zo’n platform of website geen lekkere. Daar hebben ze iets op bedacht, en dat is het hoofdelijk aansprakelijk stellen.

Beslag leggen op privé-bezit horecaondernemer

Een ondernemer die geld wil lenen via crowdfunding moet aan bepaalde voorwaarden van het crowdfundingplatform voldoen. Die voorwaarden lopen nogal uiteen. Maar als de aanvraag wordt goedgekeurd en de ‘crowd’ de ondernemer een lening verstrekt, zal van de ondernemer bepaalde zekerheid worden verlangd tot terugbetaling van de lening. Omdat de zekerheden voor financiers in de horeca vaak sterk tegenvallen (zie kader Investeerders halen neus op voor horeca), zal van de horecaondernemer persoonlijke zekerheid worden verlangd. Dat heet een hoofdelijkheidsverklaring of een akte van borgtocht.

Tussen deze hoofdelijkheidsverklaringen zitten veel verschillen, maar het komt in de kern op hetzelfde neer: de horecaondernemer wordt in privé aangesproken om de schuld aan de investeerders terug te betalen. Ook als hij denkt ‘veilig’ vanuit een besloten vennootschap te ondernemen, komt hij privé aan de lat te staan voor de schuld aan de crowd.

Betalingsregeling voor de ondernemer

Hoofdelijke aansprakelijkheid kan vergaande gevolgen hebben. Zoals een beslag op de woning en huisraad, en de verkoop daarvan. Een andere mogelijkheid is dat de ondernemer de schuld aan het platform moet terugbetalen uit de winst van één van zijn andere bedrijven. De ondernemer krijgt dan een brief van het crowdfundingplatform met het verzoek het bedrag van de totale schuld of van de gemaximeerde borgstelling te betalen.

Kun je dat bedrag niet ineens betalen, dan zal het platform met de ondernemer wellicht een betalingsregeling treffen, maar dan moet je wel in staat zijn om zo’n regeling na te komen. Die regeling zal vaak net zo snel moeten worden afgelost als de oorspronkelijke financiering. Zodat de investeerders in de crowd volgens het aanvankelijke aflossingsschema terugbetaald krijgen.

Voldoe je als ondernemer niet aan het betalingsverzoek of de getroffen betalingsregeling, dan kan het crowdfundingplatform beslag leggen op alle privébezittingen en via de deurwaarder je huis, auto, (aandelen in) andere exploitaties of je privéspullen verkopen. Soms moet daarvoor eerst een vonnis worden verkregen bij de rechtbank, maar als de hoofdelijkheid in een notariële pandakte of hypotheekakte is vastgelegd, hoeft dat niet.

Leestips: 5 manieren om te besparen op personeelskosten>>

Geheimhoudingsplicht crowdfundingsplatforms

Een schuldenakkoord houden crowdfundingplatforms soms tegen. Dit kan een platform doen, omdat de ‘crowd’ anoniem is voor de ondernemer. Normaal stuurt een ondernemer een brief aan de schuldeisers met daarin een uitleg over de ontstane moeilijke situatie en het voorstel om een deel van de vordering af te schrijven tegen gedeeltelijke betaling. In het geval van crowdfunding kan de ondernemer alle financiers niet zomaar bereiken. Simpelweg omdat hij niet weet wie in zijn bedrijf heeft geïnvesteerd. En het platform of de website heeft geheimhouding beloofd aan de investeerders. Praktisch gezien is dat een groot probleem. Ongetwijfeld zijn er partijen in de crowd die kleine bedragen hebben geïnvesteerd omdat ze het horecaconcept mooi vinden of de ondernemer een kans gunnen. Die denken als het fout gaat wellicht ‘jammer van dat geld, laat maar zitten’. Die partijen kan de ondernemer niet bereiken omdat het platform ertussen zit.

Het platform kan er ook voor kiezen om eerst zelf een oordeel te geven over het voorgestelde akkoord, en het voorstel niet te overleggen met de individuele investeerders. Of ze doet dat wel, maar met een negatief advies erbij. Ook dan heeft de ondernemer de communicatie met de investeerders – die juist op dat moment cruciaal is – niet zelf in de hand. De gunfactor die je als enthousiaste horecaondernemer met een mooi concept had toen je de crowd om financiering vroeg, kun je bij het aanbieden van een akkoord niet meer inzetten. Dat is een gemiste kans.

Bovendien is er bij crowdfunding niet sprake van één of een paar investeerders of financiers, maar van misschien wel honderden geldgevers. Om een schuldenakkoord te laten slagen, moeten in beginsel al die geldgevers instemmen met het saneringsvoorstel. Daar zijn uitzonderingen op, maar die moet je afdwingen bij een rechter. Dat is niet eenvoudig en vaak ook duur.

Crowdfunding zonder risico

Aan crowdfunding kleven al met al best wel wat risico’s waar ondernemers nooit over nadenken als ze de financiering regelen. De plannen zijn altijd mooi en het enthousiasme is groot. Aan een slecht scenario denken ze niet. Ons advies is om juist bij het aangaan van de financiering ook aan het slechtste scenario te denken.

  1. Lees de kleine lettertjes van crowdfundingplatforms. Vooral die onder het kopje aansprakelijkheid.
  2. Niet alle crowdfundingplatforms eisen hoofdelijke aansprakelijkheid. Soms wordt een borgtocht gevraagd. Deze kan worden gemaximeerd op een bepaald bedrag. Daarover kun je onderhandelen.
  3. Niet alle crowdfundingplatforms garanderen anonimiteit voor de investeerders. Voor de ondernemer kan het een voordeel zijn om de crowdfunding te regelen via een platform waarbij je wel rechtstreeks met de investeerders kunt communiceren.
  4.  Maak met een crowdfundingplatform dat wel anonimiteit garandeert aan de investeerders, goede afspraken over de communicatie met de investeerders. Bijvoorbeeld over nieuwtjes van je onderneming (opening, nieuwe kaart, start van het terrasseizoen, speciale acties voor de investeerders) maar ook over communicatie voor het geval het slecht gaat.

Investeerders halen neus op voor horeca

In de horeca verliezen veel investeringen vrijwel direct hun waarde. Dat heeft verschillende oorzaken.

  1. Veel investeringen zijn aanpassingen aan de bedrijfsruimte. Denk aan isolatie, een nieuwe vloer, nieuwe toiletgroepen. Dat komt het pand ten goede. Daar wringt de schoen voor geldschieters. In het huurcontract is de claim van de ondernemer op de verhuurder vanwege verbeteringen aan het pand, standaard ‘weggeschreven’. Aan het einde van de huurovereenkomst is de huurder zijn investeringen kwijt. Ondernemer en verhuurder kunnen daar schriftelijk van
    afwijken, maar vaak gebeurt dat niet. (Maak daarover bij het aangaan van de huurovereenkomst afspraken!). Een ondernemer hoopt natuurlijk dat de investeringen bijdragen aan de omzet en het resultaat. Bij verkoop moet dat leiden tot hogere goodwill. Voor financiers is dat geen veilige zekerheid. Als het slecht gaat, is van goodwill geen sprake.
  2.  Investeringen in de inrichting zoals meubels, kassasystemen en keukenapparatuur zijn investeringen in zogenaamde ‘bodemzaken’. Als het fout gaat, heeft de fiscus hier een eerste recht op. De financier kan een stil pandrecht hebben, maar in geval van belastingschuld en een faillissement heeft hij daar niets aan. De waarde komt toe aan de belastingdienst, en in geval van faillissement aan de curator en het UWV.
  3. De horeca heeft nauwelijks voorraad. Hooguit is er een voorraad wijn of gedistilleerd. Bij een faillissement wordt die vaak teruggehaald door de leverancier met een eigendomsvoorbehoud.
  4. De horeca kent weinig vorderingen op debiteuren vanwege levering op factuur. Voor financiers zijn facturen die nog moeten worden geïnd een zekerheid.

Leestip: De stelling: financiering horeca zonder eigen geld niet te doen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels