nieuws

Deelnemers FSA ‘Volgend jaar twee keer zoveel deelnemers

Horeca

De reacties op het evenement en het onderzoek rondom de eerste FoodService Awards zijn overwegend positief. Deelnemers én organisatie kijken terug op een zeer geslaagde eerste editie, met mooie awardwinnaars. Iedereen is het erover eens dat het volgend jaar moet en kan groeien. Een kleine terugblik op de avond.

Deelnemers FSA ‘Volgend jaar twee keer zoveel deelnemers

Veel deelnemers zijn het erover eens: de eerste FoodService Awards zijn een succes. Gemiddeld scoort het evenement een 7,4. Ook op de avond zelf zijn de reacties positief. ‘Er zijn nu honderd mensen, dat kan volgend jaar makkelijk het dubbele worden’, aldus een deelnemer. Om ervoor te zorgen dat de managers op de avond vrijelijk konden spreken, is afgesproken niemand persoonlijk te citeren.

De locatie, Grand Hotel Huis ter Duin, kan ook zeker de goedkeuring wegdragen van de aanwezigen en krijgt gemiddeld zelfs een 8,2. Ook geeft 85 procent aan volgend jaar weer aanwezig te zijn en met een NPS van bijna 58 is de waardering enorm. Wel werd als opmerking gegeven dat er veel gezichten en bedrijven gemist werden en dat het evenement en het onderzoek het verdienen te groeien.

Over dat laatste heeft Jan-Willem Grievink van Foodservice Instituut Nederland, een van de onderzoekende partijen, een duidelijk mening. ‘Het is als voetbal. Als het goed gaat met het Nederlands elftal, profiteert ook de eredivisie daarvan.’ Wat hij wil zeggen: we moesten ergens beginnen, en dan is het logisch bij de grotere partijen te starten. In de toekomst is het wel de intentie om het onderzoek uit te breiden en zoveel mogelijk partijen onder de loep te nemen.

Discussie aan tafel

Op het evenement werd door de deelnemers aan tafel gediscussieerd over twee stellingen. Dit gebeurde onder leiding van tafelvoorzitters, stuk voor stuk ondernemers of managers van bedrijven uit de Misset Horeca Top 100 grootste bedrijven en merken. Verder bestonden de tafels uit een gevarieerd gezelschap grossiers, formules en (voornamelijk) leveranciers.

De eerste stelling, prijsdrukkingen en innovatie gaan niet samen, ontlokte flink wat reacties. ‘Kostendrukking kan een reden zijn te innoveren’, ‘niet de prijs maar de doelgroep bepaalt de noodzaak tot innovatie’, om er twee te noemen. Prijsdrukking dwingt je als onderneming om keuzes te maken, maar die keuzes hoeven niet in kwaliteit of efficiëntie in het eigen bedrijf te liggen: ‘innovatie zit ook in de supply chain, en waste-management is ook innovatie.’

Maar er waren ook deelnemers die de stelling onderschreven, maar er wel een  – voor de leverancier – positieve draai aan gaven: ‘voor kleine merken heeft innovatie zelfs een prijsverhogend effect.’

Keuzeparadox

Nadat onder het voorgerecht was gediscussieerd en de zes categorieprijzen voor leveranciers waren uitgereikt en nadat in de lobby het tussengerecht was geserveerd, keerde de honderd aanwezigen terug in de zaal voor keynote speaker Ibrahim Ibrahim. De Londense conceptontwikkelaar en trendwatcher deelde zijn visie op de veranderende relatie tussen merk en klant, of hoe merken in zijn ogen klanten aan zich moeten blijven binden. ‘Het gaat om connectie. Niet langer alleen zenden, maar in dialoog gaan met klanten. Interactie alleen is niet genoeg, het moet echt een intieme relatie worden. Een merk moet een community bouwen, het gaat om mensen.’

Hij schetst ook de noodzaak van het aan je merk binden van klanten. ‘Tussen 2001 en 2010 is het aantal merken dat consumenten vertrouwen gehalveerd.’ Dat heeft volgens hem ook te maken met wat hij noemt de keuzeparadox. Consumenten hebben zóveel keus, dat ze niet meer kunnen kiezen en dat dus ook niet doen.

Ibrahim ziet horeca als sociale lijm. Een belangrijke taak voor f&b concepten is volgens hem het irrigeren van retail, daar zit de winst voor leveranciers: producten die eerst in de foodservice worden weggezet om klanten er vertrouwd mee te maken, vinden daarna hun weg naar de retail. En dat begint bij de grote merken. ‘Het moet beginnen aan de top.’

Niet in de retail

En daarmee sloeg hij een mooie brug naar de tweede stelling van de avond: De foodservicebranche moet durven werken met producten die niet in de supermarkt te verkrijgen zijn. Enkele reacties: ‘Voor volume is retail soms belangrijk’. Maar ook: ‘De kracht van foodservice is iets bieden wat thuis niet kan. Zo werken sommige producten wel in de foodservice maar niet in retail. De horeca wil soms niet dezelfde producten als in de retail.’

Na discussies en de prijsuitreikingen sloot dagvoorzitter Tom van ’t Hek het officiële deel af en was er nog voldoende ruimte elkaar te spreken, want wat bijna alle deelnemers teruggaven was de waarde van het netwerk die ze zien bij dit evenement.

Reageer op dit artikel