artikel

Groeten uit Ecuador

Hotel

Dat een hotelschoolpraktijkstage niet altijd in een hotel hoeft plaats te vinden, bewijst Marit Oosterwijk. Ook ondervond ze dat een in Nederland dichtgetimmerd afstudeerplan in Ecuador niet bruikbaar is, omdat men zich daar nou eenmaal niet zo aan plannen houdt. Toch leert ze enorm veel op het vogelpark Parque Cóndor en tussen de indianen waar ze woont.

Groeten uit Ecuador

Studenten aan de hotelschool kiezen hun stage, zo lijkt het, op één criterium: hoe verder weg hoe beter. De komende weken mailen studenten hun ervaringen tijdens een hotelstage over de grens naar missethotel.nl. Deze week: Marit Oosterwijk, die voor haar afstudeeropdracht een nieuw managementplan schrijft voor Parque Cóndor in Ecuador.

Curriculum Vitae:

Naam: Marit Oosterwijk

Leeftijd: 21

Opleiding: HEM (Hotel & Eventmanagement) aan Hogeschool TIO te Hengelo

Stageplaats: Otavalo, Ecuador, Birdsanctuary and Environmental Education Centre Parque Cóndor

Studie jaar: laatste

Afstudeerjaar: februari 2008

Hoe ben je bij dit park gekomen?

‘Eigenlijk was het een spontane actie. Een leraar van mij, Dhr. B. Schreuders, was in aanraking gekomen met de eigenaar van Parque Cóndor, die dit aanbood als een afstudeeropdracht. Toen ik het hoorde heb ik meteen gesolliciteerd voor de opdracht om het restaurant in het park op te zetten. Dit leek me helemaal geweldig. Op het laatste moment heeft de eigenaar het restaurant verpacht en kon mijn opdracht niet doorgaan.’

Ojee. En toen?

‘Uiteraard wilde ik wel naar Ecuador. Daarom heb ik nu als onderzoek een managementplan voor Parque Cóndor. Mijn onderzoeksvraag luidt: Op welke wijze kan een transformatie plaatsvinden van de pioniersorganisatie naar een nieuw voorgestelde structuur inclusief de daaraan verbonden eisen die gesteld moeten worden aan de interne procedures om deze nieuwe structuur beheersbaar te maken. Hiervoor heb ik gebruik gemaakt van interviews met de eigenaar en de medewerkers van Parque Cóndor. Ook heb ik veel geobserveerd in het park. Nu ben ik bezig met alle informatie te verwerken en te analyseren en bezig met de organisatiestructuur van het park te verbeteren.’

Nogal een change of plans. Hoe bevalt dat?

‘De opdracht vond ik in het begin heel moeilijk en had geen idee wat ik er mee aanmoest. Dat viel mij toen heel erg tegen. Gelukkig heb ik veel gehad aan mijn afstudeercoach die mij veel heeft geleerd over het onderwerp management en organisatie. De Spaande taal valt ook best tegen. Ik dacht dat ik dat wel even deed, maar het is ingewikkelder dan verwacht. Deze week is de familie waar wij in huis wonen terug gekomen en nu hoop ik dat mijn Spaans wordt bijgespijkerd.’

Wat leer je nog meer?

‘Hier leer ik vooral het hebben van geduld. In het begin had ik daar erg veel moeite mee. Alles gaat hier zo langzaam en alles komt morgen wel. Dat is echt de mentaliteit hier. Daarnaast leer ik ontzettend veel van het onderzoek wat ik hier uitvoer. Zo heb ik ondervonden dat observeren een moeilijk karweitje is. Het is belangrijk dat dit op verschillen tijden gebeurd en dat je alles goed observeert. Dit is van groot belang voor de resultaten. Verder leer ik natuurlijk de Spaanse taal.’

En als je kijkt naar gastvrijheid? Is die anders dan hier?

‘De hotellerie is hier heel anders dan in Nederland. Er zijn hele leuke en goede hotels, maar het meeste is gewoon het aanbieden van een kamer. Warm water is al snel een luxe. Verder zijn de hotels hier niet rolstoelvriendelijk, want heb nog nergens een lift gezien. Ook het gebeuren in restaurants is heel anders. Als hier een gerecht klaar is, wordt dat gebracht, ook al is het andere gerecht van je gezelschap nog lang niet klaar. Het gebeurt hier regelmatig dat de één het eten al op heeft en de andere het pas krijgt. Niet echt gezellig dus. Ook beschikken ze hier niet over technieken die wij gewend zijn in Nederland. Hier lopen ze met één bord te gelijk en als je geluk hebt met twee. Ook het debarrasseren gaat per bord of gebeurt helemaal niet. De mensen zijn wel erg gastvrij en doen er alles aan om het goed te doen en het naar je zin te maken.’

Ecuador is toch een derdewereldland, wat merk je daarvan?

‘Voordat ik ging had ik het armoediger verwacht. Echter Otavalo, de plaats waar ik woon en werk, is een welvarend plaatsje. Uiteraard is er nog veel armoede, maar ik had erger verwacht. Wat ik hier leuk vind is het boodschappen doen op de markt. Daar halen we bijna alles, behalve het vlees, dat halen we in de supermarkt. Het leuke eraan is het afdingen. Laatst hadden we een hele zak vol groente en fruit voor maar 3 dollar. Ik vind het wel nog steeds heel moeilijk als ik bedelaars zie, soms zijn het van die kleine kindjes. Vind dat verschrikkelijk. Maar ik kan ze nooit allemaal helpen. Ik geef ze nooit geld, want je weet nooit wat daar mee gebeurt. Altijd iets van eten. Soms zie ik kinderen en die zou ik het liefst meenemen naar een kledingwinkel en ze een fatsoenlijk passende outfit geven. Maar als ik dat doe, moet ik dat met iedereen doen, en daar heb ik zelf de middelen niet voor.’

Zijn er, buiten geld om alle kindertjes te helpen, andere middelen die je mist?

‘De technische apparatuur. Zo hebben we hier geen internet in huis. Hiervoor moeten we steeds naar een internetcafé en dan werkt het ook nog niet altijd. Zeer vervelend als je gewoon snel even wat wilt opzoeken. Ook mis ik hier de literatuur over de onderwerpen van mijn onderzoek. In mijn koffer mocht niet te veel mee, en hier in het Spaans is erg ingewikkeld. Uiteraard mis ik mijn vriend, familie en vrienden.’

Al met al een hele ervaring. Wat blijft je bij?

‘De hele reis naar Ecuador en het hier zijn is een hele ervaring die ik nooit meer zal vergeten. Ecuador is een prachtig land en de mensen zijn allemaal erg gastvrij en vriendelijk. Ecuador is echt geweldig. Ik woon in een indianendorp (Otavalo) en hier lopen ze nog in traditionele kledij. Vind dat zo bijzonder dat ik tussen deze mensen leef. Ondertussen beginnen ze ons te herkennen en worden we geregeld op straat begroet. Zo leuk!! Ga het nog missen.’

Bekijk andere stagemails: