artikel

Aansprakelijkheid van een hotel als bewaarnemer

Hotel

X doet al jaren mee aan de Amstel Gold Race. Ieder jaar verblijft hij in hetzelfde Limburgse hotel, waar hij zijn eigen fiets mee naar toeneemt.

Aansprakelijkheid van een hotel als bewaarnemer

X vroeg aan één van de medewerkers van het hotel of hij zijn fiets en die van zijn reisgenoten veilig kon stallen. Een medewerker gaf aan dat de fietsen gestald konden worden in de garage van het hotel. De medewerker gaf X een garageopener om toegang te krijgen tot de afgesloten garage, waarna hij de fiets in de garage kon stallen en de sleutel weer bij de medewerker kon inleveren. Voor het ophalen van de fiets kon dezelfde procedure worden gevolgd.

U raadt het al: de fiets van X blijkt verdwenen te zijn, toen hij deze de volgende ochtend wilde ophalen. X stelt het hotel hiervoor aansprakelijk en zegt dat het hier gaat om een in het hotel meegebrachte zaak, waardoor het hotel als bewaarnemer op grond van artikel 7:609 BW daarvoor aansprakelijk zou zijn. Omdat het hotel weigert de fiets te vergoeden, spant X een procedure aan bij de rechtbank.

Het hotel voert in die procedure enerzijds als verweer dat het hier niet gaat om een in het hotel meegebrachte zaak, waardoor het hotel niet als bewaarnemer aansprakelijk gesteld kan worden. Anderzijds stelt het hotel dat de Uniforme Voorwaarden Horeca van toepassing zijn op de overeenkomst die gesloten is tussen X en het hotel. In artikel 12 van die voorwaarden is bepaald dat het hotel niet aansprakelijk is voor beschadiging of verlies van goederen die door gasten zijn meegebracht in het hotel.

Op dit laatste verweer over de algemene voorwaarden gaat de rechtbank in haar einduitspraak niet in, omdat de rechtbank al vindt dat het eerste verweer van het hotel slaagt.

De rechter meent namelijk dat het hier in eerste instantie al niet gaat om in het hotel meegebrachte zaken. Immers, de garage was op enige afstand van het hotel gelegen en kon alleen bereikt worden door buiten om het hotel te lopen. Het ging ook om een niet-exclusieve stalling, wat X wist omdat hij al jarenlang het hotel bezocht om deel te nemen aan de Amstel Gold Race en ook andere hotelgasten met behulp van de sleutel zonder toezicht of begeleiding gebruik konden maken van de garage. Het hotel had geen feitelijke mogelijkheid om vanaf de receptie toezicht te houden op de garag. X wist dit ook of had dit moeten beseffen. De stallingsmogelijkheid was bovendien gratis en in de garage was een bord aanwezig waarop stond vermeld dat het hotel niet aansprakelijk was voor beschadigingen en/of diefstal. De rechtbank heeft op basis hiervan dan ook de claim van X afgewezen.