nieuws

KHN roept NMa op voor maatregelen op horecabiermarkt

Café

De contracten tussen cafébazen en bierbrouwers laten nog steeds te weinig ruimte voor gezonde marktwerking, blijkt uit een woensdag gepresenteerde enquête van onderzoeksbureau Panteia/EIM. Branchevereniniging Koninklijke Horeca Nederland (KHN) roept toezichthouder NMa daarom op om maatregelen te nemen, zodat de consument weer uitzicht heeft op een eerlijke prijs voor zijn biertje in de kroeg.

KHN roept NMa op voor maatregelen op horecabiermarkt

Bewezen kartelafspraken, het dagvaarden van de vier grootste bierbrouwers die 87,4 procent van de horecabiermarkt in handen hebben en de eerder aangetoonde imperfectie van de horecabiermarkt hebben niet geleid tot een verandering op de horecabiermarkt. Deze harde conclusies stelt Koninklijke Horeca Nederland (KHN) in een persbericht. Nieuw onafhankelijk onderzoek van EIM laat zien dat in de periode tussen 2006 en april 2012 slechts 2,4 procetn van de Nederlandse cafés per jaar is gewisseld van brouwerij. Dat is volgens KHN eens te meer een bevestiging dat de horecabiermarkt op slot zit.

‘Zelfs vergeleken met moeilijke consumentenbulkmarkten als van stroom, gas en zorgverzekeringen is dat erg laag. Van de horecaondernemers die hun pand huren van één van de vier grote brouwerijen in Nederland (Grolsch, Heineken, AB-Inbev, Bavaria) is zelfs niemand de afgelopen zeseneenhalf jaar overgestapt. En als een ondernemer al overstapt, dan neemt de gebondenheid aan de nieuwe brouwerij wederom verder toe’, stelt KHN.

Tegenover elke twee bedrijven die een beter contract afsluiten door over te stappen, staan vijf horecabedrijven waarvan de afhankelijkheid van de brouwer nog verder toeneemt. KHN roept de NMa op om maatregelen te nemen die de horecabiermarkt in beweging krijgt. Daar zal ook de consument van profiteren.

In opdracht van het bedrijfschap voor Horeca en Catering (BH&C) en op initiatief van KHN heeft Panteia/EIM een onderzoek uitgevoerd naar het feitelijke overstapgedrag van horecabedrijven naar een andere leverancier van pils in de periode 2006-april 2012 en de motieven daarvoor. Dit betreft een aanvullend onderzoek op het in 2010-2011 door EIM uitgevoerde onderzoek naar de factoren die het rendement van horecabedrijven bepalen met daarbij een bijzondere focus op de relatie tussen het horecabedrijf en de bierleverancier (brouwerij).

Slechts 2,4 procent stapt over

Uit het nieuwe onderzoek blijkt dat per jaar gemiddeld slechts 2,4 procent van de cafés daadwerkelijk overstapt naar een andere brouwerij. Voor cafés met kelderbier is dat slechts 1,4 procent en fustbier 2,8 procent. Dit komt in de gehele periode 2006-april 2012 neer op in totaal slechts 14,8 procent van alle ondernemers.

Verder hangt het overstapgedrag sterk af van de mate van gebondenheid aan de brouwerij. Ongebonden cafés stappen het meest over en pandgebonden cafés stappen totaal niet over.

Opmerkelijk is volgens KHN dat bij de overstap naar een andere brouwerij vaker sprake is van een toename van de binding (zoals van ongebonden naar tapbinding of van tapbinding naar binding via financiering) dan een afname van de binding. Tegenover elke twee bedrijven die na het overstappen minder werden gebonden, staan zo’n vijf bedrijven die (nog) sterker werden gebonden aan een brouwerij.

KHN ziet hierin de objectivering dat de brouwersfuik nog steeds open staat en dat een gezonde marktwerking op de horecabiermarkt wordt verhinderd door de mogelijkheid om de horecaondernemers contractueel langdurig en sterk te binden én de feitelijke vergaande contractuele bindingen zelf.

Prijs belangrijkste reden voor overstap

De belangrijkste reden om over te stappen of een overstap te overwegen is ontevredenheid over de prijs. De gemiddelde fustprijs (inclusief accijnzen) van de merken van de vier grote brouwerijen is in de periode 2007–2011 toegenomen met gemiddeld maar liefst 6,8 procent per jaar. De prijzen van kelderbier (inclusief accijnzen) stegen met gemiddeld 5,4 procent per jaar. Deze stijging ligt veel hoger dan de inflatie per jaar in die periode. De CBS Consumentenprijsindex (CPI) voor bier steeg in de periode 2006-2011 namelijk met gemiddeld 2,9 procent per jaar.

Uit het eerste EIM-onderzoek kwam al naar voren dat de horeca-inkoopprijs van bier ver boven de consumentenverkoopprijs in supermarkten ligt.

Ruim 45 procent van de door tapinstallatie/bruikleen/geldlening gebonden cafés heeft na 2005 overwogen om over te stappen, maar slechts 15 procent is daadwerkelijk overgestapt. Van de ongebonden cafés heeft 44 procent overwogen om over te stappen en is 26 procent overgestapt.

Opvallend is dat niet alleen slechts 17 procent van de pandgebonden cafés heeft overwogen om over te stappen, maar dat uiteindelijk geen enkele ondernemer daadwerkelijk is overgestapt. Deze cijfers tonen aan dat de mate van gebondenheid bepalend is voor de mogelijkheid tot een overstap. Binding leidt tot een beperking van het overstapgedrag.

Afnameverplichting

De belangrijkste belemmering om over te stappen vormen de contracten met de brouwerijen. Daarbij gaat het vooral over de huurcontracten en financieringscontracten, waarin ook veelal afnamebedingen zijn opgenomen. 43 Procent van de ondernemingen geeft aan één of meerdere afnameverplichtingen te hebben. Opvallend is dat 88 procebt van de pandgebonden cafés aangeeft dat overstappen niet (65 procent) of zeer moeilijk (23 procent) is.

Wel geeft 31 procent van alle cafés aan jaarlijks door één of meerdere brouwerijen te zijn benaderd om over te stappen. In werkelijkheid stapt een horecabedrijf nauwelijks over.

Het eerste Panteia/EIM-rapport maakt volgens KHN duidelijk dat de horecabiermarkt op slot zit en niet concurrerend is. Dit onderzoek naar het feitelijke overstapgedrag bevestigt hoe ernstig de situatie is en dat de binding van horecaondernemers nog steeds toeneemt, stelt KHN.

‘Daarom is het tijd dat de NMa maatregelen neemt om tot een concurrerende en vrije horecabiermarkt te komen, waar op een zodanige dynamische en transparante wijze de prijzen tot stand komen dat de consument echt wat te kiezen heeft: op merk en op prijs. Naar aanleiding van deze onderzoeksresultaten roept KHN daarom de NMa op om maatregelen te nemen tegen de horecabiercontracten van Heineken die onder de huidige marktomstandigheden concurrentiebeperkend uitwerken en de mogelijkheden voor de andere brouwerijen (waaronder Bavaria, Grolsch en AB-Inbev) om horecaondernemers langdurig te binden, bijvoorbeeld via afnamebedingen, te beperken.

Reageer op dit artikel