artikel

De Wet: Gehandicapte gast weigeren, mag dat?

Café

Afgelopen zomer veroorzaakte de weigering van een strandpaviljoen om ALS-patiënt Pieter Steinz op het terras te laten verblijven, veel ophef. Wat zegt de wet over de rechten van gehandicapte gasten in de horeca?

De Wet: Gehandicapte gast weigeren, mag dat?

Wie in de wet op zoek gaat naar een bepaling waarin staat dat iemand ‘het recht heeft’ om toegelaten te worden tot een horecazaak en daar te blijven, kan lang zoeken. De wet geeft je niet het recht om ergens te vertoeven. Het is aan de rechthebbende, het horecabedrijf om daarover te beslissen. De gast is inderdaad te gast. De wetgever heeft wel grenzen gesteld aan die beslissingsvrijheid. Zo is in de Algemene wet gelijke gehandeling bepaald dat het verboden is om onderscheid te maken op grond van bijvoorbeeld ras, nationaliteit, godsdienst, geslacht of seksuele geaardheid.

Als ondernemer mag je dus niet een groep Nederlanders toelaten en een groep Chinezen weigeren. Ook mag je geen maximum stellen. Je mag niet slechts een beperkt aantal personen van één etnische afkomst toelaten.

Hoofddeksels

Naast het maken van direct onderscheid – Chinezen komen er hier niet in – is het ook verboden om indirect onderscheid te maken. Je hanteert een ogenschijnlijk neutrale handelwijze, maar die treft in het bijzonder een bepaalde groep. Een voorbeeld is het verbieden van hoofddeksels omdat dit moslima’s in het bijzonder treft. Indirect onderscheid mag wel als het gerechtvaardigd kan worden. Bijvoorbeeld het verbod om op bepaalde locaties gezichtsbedekkende bekleding te dragen.

Verboden voor gehandicapten

De vrouw van Pieter Steinz vroeg of haar man op het terras mocht blijven terwijl zij een duik nam. De medewerker stemde in. Ook al kon Steinz vanwege zijn handicap geen consumptie nuttigen. Kort daarna verzocht een andere medewerker hen de zaak te verlaten omdat Steinz geen consumptie nuttigde. Opvallend is dat de grond handicap niet in de Algemene wet gelijke behandeling is opgenomen. Maar betekent dit dat je als deurbeleid zou mogen hanteren: gehandicapten komen er hier niet in? Nee, wij hebben ons in Nederland te houden aan de Grondwet en aan diverse internationale mensenrechtenverdragen. Die verbieden discriminatie van personen op grond van handicap. De wet zegt dat de medewerker Steinz niet mag weigeren vanwege zijn handicap. Dat gebeurde ook niet. Steinz werd toegelaten en pas verzocht om te vertrekken toen hij geen consumptie nuttigde, niet vanwege zijn handicap.

‘Consumptie verplicht’

Wanneer de gast eenmaal ‘binnen’ is zal hij in de meeste gevallen een consumptie nuttigen. Ook hier geldt dat bij het aanbieden daarvan geen onderscheid gemaakt mag worden naar ras, geslacht etc. Daarbuiten is de horecaondernemer vrij om de eigen huisregels te bepalen. Een gehandicapte mag dus niet vanwege zijn handicap worden verzocht om de zaak te verlaten. Dit zou discriminatie zijn. Maar het verzoek om te vertrekken vanwege de huisregel ‘consumptie verplicht’, mag wel. Huisregels hoeven niet vooraf gecommuniceerd te worden aan de gasten, maar dit wel doen voorkomt mogelijke discussies.

Vanwege zijn handicap was het voor ALS-patiënt Steinz helemaal niet mogelijk om een consumptie te nuttigen. Maakt de ondernemer dan toch niet stiekem indirect onderscheid, en discrimineert hij hier dus? Over die vraag kan verschillend gedacht worden. Naar mijn mening mag de ondernemer hier de huisregel ‘consumptie verplicht’ hanteren. Ook als de gast in kwestie geen consumptie kán nuttigen. Anders gezegd: de medewerkers van het paviljoen hadden Steinz kunnen weigeren. Maar in deze zaak speelt nóg iets. Steinz is door een medewerker van het paviljoen toestemming verleend om op het terras te verblijven. Onduidelijk is of deze medewerker de toestemming wel had mógen verlenen. Deze medewerker bleek in ieder geval niet de baas van het paviljoen. Naar mijn mening hadden de twee gasten niet hoeven te verwachten dat deze medewerker niet bevoegd zou zijn om over dit punt te beslissen. Het gaat hier tenslotte om een simpel verblijf op het terras.

Conclusie

Aangenomen dat met de medewerker is besproken dat er geen consumptie genuttigd kon worden en dat met die wetenschap de toestemming is verleend, ben ik van oordeel dat Steinz mocht verblijven zonder een consumptie te nuttigen. In dat geval kan niet op een later moment van hem verlangd worden dat hij het terras verlaat vanwege het niet nuttigen van een consumptie.

Moet een blinde-geleidehond buiten blijven?

In Belgische sociale media wordt melding gemaakt van een weigering van de toegang tot een restaurant aan een blinde man en zijn geleidehond. Het is vanzelfsprekend toegestaan om de toegang van honden tot een horecazaak te weigeren.

Voor hulphonden, waaronder een blindengeleidehond, ligt dat anders. Een hulphond is voor zijn gehandicapte eigenaar essentieel om deel te kunnen nemen aan het sociale verkeer. Zonder die hond kan hij de zaak niet betreden. Door het weigeren van hulphonden, kan u het verwijt gemaakt worden dat u indirect (zo niet direct!) onderscheid maakt op grond van handicap. Dat is verbonden. In Nederland hebben we ons te houden aan de Grondwet en aan diverse internationale mensenrechtenverdragen. Die verbieden discriminatie van personen op grond van handicap.

Indien u wilt, kunt u de betreffende persoon en diens hond uiteraard wel verzoeken om plaats te nemen op een geschikte plek in uw zaak, bijvoorbeeld vanwege een vrije doorgang.