artikel

De Posthoorn in Epe: al 261 jaar tijdloos

Café 6308

Ruim een kwart eeuw runnen Jacques en Ineke Holthuis hun historische De Posthoorn in Epe. Midden op de Veluwe schrijft het authentieke café al 261 jaar historie, met een koninklijk tintje. Over hoe je een klassiek bedrijf door de jaren heen toekomstbestendig maakt en veranderingen doorvoert zonder de authenticiteit aan te tasten.

De Posthoorn in Epe: al 261 jaar tijdloos

Eetcafé en restaurant De Posthoorn, ligt in het hart van Epe, midden op de Veluwe. En om direct maar eens met een dijk van een cliché te beginnen: het pand ademt één en al historie. Maar wat voor zoveel clichés geldt; het klopt wel. De Posthoorn stamt uit 1756. Begonnen als hotel Den Orangenboom. Maar op last van de Franse bezetter – die geen enkele verwijzing naar de Oranjes duldde – is de naam in 1795 veranderd naar De Posthoorn. Lange tijd was het een hotel, maar in 1978 is de zaak heropend als café en zijn de kamers erboven vervangen door apartementen. Jacques en Ineke Holthuis nemen de zaak in 1991 over. Jacques: ‘Maar ik ben in 1990 eerst in dienst getreden om te kijken of ik het wat vond. Ik kwam uit de hotel- en restaurantwereld en De Posthoorn was op dat moment een écht café, puur gericht op drank.’

Op last van de Franse bezetter werd Den Orangenboom in 1795 De Posthoorn, vanwege de verwijzing naar de Oranjes, wat niet geduld werd.

Een paar maanden nadat Jaques in dienst getreden is, gaat de eigenaar een kleine twee maanden naar Australië. ‘Toen hij terugkwam, wist ik zeker dat dít was wat ik wilde. Dus ik vertelde hem dat ik de zaak wilde overnemen.’ Op 1 januari 1991 is de overname een feit. Een grote omslag; een bruin café en de eerste schreden op het ondernemerspad. Jacques: ‘Ik kwam van Landgoed Molecaten in Hattem, en dat is inderdaad andere koek, dit was écht natte horeca.’ Voor Ineke was de stap nog vele malen groter. ‘Ik had een baan in Zwolle, waar ik in de mode werkte. De horeca was wat dat betreft nooit in me opgekomen.’

Geen trendvolgers

De Posthoorn

Foto’s: Koos Groenewold

Vanaf het moment van de overname richt het echtpaar een vof op en is De Posthoorn van hen beiden. ‘We hebben sinds dag één alles
samen gedaan’, vertelt Jacques. ‘Maar’, vult Ineke aan, ‘wel met een duidelijke taakverdeling. Jacques is de man aan de voorkant, de gastheer. Hij stuurt het personeel aan tijdens de drukke uren en springt bij waar nodig. Hij is er de hele dag voor de gasten. Ik ben met name aanwezig aan de achterkant. Contact met de gemeente, regels opstellen, administratie en personeelsaangelegenheden. Natuurlijk heb ik op dat laatste gebied een deel extern uit handen gegeven, omdat het steeds ingewikkelder werd.’ Jacques: ‘Maar je weet nog wel precies waar het over gaat.’ Ineke: ‘Daarnaast is er ook nog het schoonmaken, dat doe ik nog steeds. Ik heb een heel precies idee hoe dat moet en dat mag niet verslappen.’ En waar ze tegenwoordig dertien mensen in dienst hebben, begonnen Jacques en Ineke met z’n tweeën. ‘Eén fulltime medewerker namen we over en een paar scholieren voor de weekenden.’ Op het moment dat ze De Posthoorn overnemen, voert het stel geen rigoureuze veranderingen door. ‘Wel hebben we als eerste de toiletten vervangen’, vertelt Jacques. ‘Dat was écht nodig. Daarnaast zijn we direct aan de slag geegaan om de keuken uit te breiden. Je kon hier namelijk niet eten en de zaak was alleen open tijdens de winkeluren. Dat hebben we gelijk aangepast door vrijdagen en zaterdagen tot later op de avond open te gaan, en ook op maandag. De enige dag dat we gesloten zij, is zondag, maar dan stellen we De Posthoorn ter beschikking voor feesten en partijen. Daar wordt veel voor gereserveerd.’ Ineke: ‘We hebben geen aparte ruimte, dus als je De Posthoorn afhuurt dan krijg je het café. En dat vinden mensen vaak het leukst. Want zo huur je dus niet een zaaltje af, maar een sfeervol geheel.’ Als het gaat om aanpassingen qua interieur, gaat het stel een stuk voorzichtiger te werk. Jacques: ‘Bij iedere aanpassing die we op dat gebied doorvoeren, houden we rekening met de sfeer en de historie. Die is heel authentiek en dat kun je makkelijk verpesten door de verkeerde beslissingen te nemen.’ Het weerhoudt hen er niet van om veranderingen door te voeren. ‘We moeten natuurlijk wel mee met de tijd en dat hebben we ook gedaan.’ 2002 was een keerpunt op dat gebied. Van der Valk-design in het nabijgelegen Apeldoorn bood uitkomst. Jacques: ‘Dan denk je wellicht: Van der Valk? Maar op interieurgebied weet ik écht wel wat er te koop is, wat past en wat mooi is. En daar bieden ze een totaalplaatje; kijk maar tegenwoordig naar de hotels van Van der Valk in het land, dat plaatje klopt écht.’

‘Het leukste en grootste compliment dat we na de verbouwing kregen was: wat is hier eigenlijk veranderd?’

Het fijne voor het echtpaar was: bij Van der Valk stuitten ze niet alleen op begrip voor hun plannen, het kon allemaal ook nog eens door één partij uitgevoerd worden. Jacques: ‘Ze hebben alles in huis, van behang en vloerbedekking tot gordijnen.’ Het betekende dat De Posthoorn in 2002 uiteindelijk veertien dagen dichtging voor een complete verbouwing. Ineke: ‘Alle ramen waren afgeplakt, wat de nieuwsgierigheid bij de gasten nóg meer opwekte.’ Met die nieuwsgierigheid kwam ook een beetje angst. ‘Jullie gaan er toch geen strakke moderne tent van maken’, hoorde Ineke in die periode. Jacques: ‘Dus ik grapte wel eens door te zeggen; we zijn er helemaal klaar mee. De hele tent wordt zwart-wit.’ Toen De Posthoorn na twee weken openging, waren de gasten, die gewend waren aan hun eigen knusse café, meer dan aangenaam verrast. Jacques: ‘Gek genoeg was één van de grootste complimenten die we kregen: wat is hier eigenlijk veranderd?’

Belang van de eetfunctie

De Posthoorn heeft een belangrijke regionale functie. Jacques: ‘Je hebt in Epe en omgeving heel veel ‘import’. Al sinds het begin van de vorige eeuw betrokken mensen uit het westen hier een tweede woning. Veel van die families zijn blijven hangen of vestigen zich hier definitief als ze wat ouder worden. Daardoor springt Epe er wel tussenuit in vergelijking met de ons omringende dorpen.’ Daarnaast speelt het toerisme op de Veluwe ook mee, zeker in de zomermaanden. Jacques: ‘Want dan staat ons terras uit. Dan zitten er maximaal honderd mensen buiten.’ Zoals eerder aangehaald: op het moment dat Jacques en Ineke De Posthoorn overnemen, beseffen ze dat de eetfunctie uitgebreid moet worden. Meer dan een borrelhapje wordt er voor die tijd niet geserveerd en de keuken is net groot genoeg De Posthoornom een tosti te bereiden. ‘Er was niet eens een frituur’, lacht Ineke. ‘Dat mocht niet.’ Jacques: ‘Wij zagen met name in het westen en het zuiden van het land – waar we veel kwamen en komen – dat er steeds meer gegeten werd in de cafés, terwijl dat bij ons op de Veluwe helemaal niet het geval was. Nou, toen zijn we met de buurman in de slag gegaan.’ Want daar ligt de oplossing: het Chinese restaurant aan de achterkant van het pand. Jacques: ‘Toen De Posthoorn in 1978 na een grote verbouwing opnieuw opgeleverd werd, is het gebouw eigenlijk opgesplitst in twee delen en in het tweede deel kwam het Chinese restaurant. In die tijd had een café helemaal geen keuken nodig, vond men. Maar daardoor had onze buurman verhoudingsgewijs, naar onze mening althans, een veel te grote keuken.’ De eigenaar van het Chinese restaurant denkt daar anders over. Toch komen beide partijen na een paar jaar overleg – ‘getouwtrek’ – tot overeenstemming. Jacques: ‘Daardoor werd onze keukencapaciteit ineens twee keer zo groot en – belangrijker – waren wij zo’n beetje het eerste café in de omgeving waar een fatsoenlijke maaltijd gegeten kon worden.’ En die fatsoenlijke maaltijd, daar is Jacques Holthuis in eerste instantie zelf verantwoordelijk voor. ‘Ik zit al veertig jaar in het vak en weet uit ervaring dat er vaak ‘gezeur’ is met keukenpersoneel. Zeker vroeger, toen er nog een veel grotere scheiding was tussen de witte en de zwarte brigade. Aangezien ik best handig ben in de keuken, en niet afhankelijk wilde zijn van een chef-kok, ben ik daar zelf mee aan de slag gegaan.’ Dat werkt tot op de dag van vandaag. Tegenwoordig komt zo’n 40 procent van de jaarlijkse omzet uit eten. ‘We benadrukken de eetfunctie van De Posthoorn ook flink naar buiten toe’, vertelt Ineke. ‘De caféfunctie is belangrijk, maar mensen moeten ook weten dat je hier goed kunt eten.’

Langstgenoteerde bedrijf in de Café Top 100
Het eten mag door de jaren heen steeds belangrijker geworden zijn, het gaat nooit ten koste van de caféfunctie, benadrukken Jacques en Ineke Holthuis. ‘We staan niet voor niets al zo lang in de Café Top 100.’ Die opmerking is er niet eentje om zomaar voorbij te laten gaan. De Posthoorn stond in 1994 al in de eerste Café Top 100 ooit, toen nog Café van het Jaar geheten. En wist er sinds die tijd ieder jaar in te staan. Geen enkel café doet hen dit na. En dat ze er trots op zijn, blijkt ook wel uit het feit dat de oorkonde van de Café Top 100 1994 en 2016 gebroederlijk naast elkaar hangen in de zaak. Jacques: ‘Het grappige is dat wij blijkbaar als één van de eersten het belang van de eetfunctie onderkenden, en daar in het begin flink op werden afgerekend door de jury. ‘Is dit nog wel een café’, vroeg men zich af.’ Ineke: ‘Dat hoort eigenlijk niet, hoorden we dan. Maar gelukkig gingen die verslagen, en later rapporten, met hun tijd mee.’ Jacques: ‘We hebben ook altijd wel iets gedaan met de rapporten en opmerkingen die we kregen vanuit de Café Top 100. Dat is goed voor onze bedrijfsvoering en leerzaam voor het personeel. Puntjes op de ‘i’ en dergelijke. We blijven daarbij wel onze eigen koers varen. Maar de Café Top 100 loopt als een rode draad door onze carrière.’

Koninklijk Huis over de vloer

Het interieur van De Posthoorn zou ‘bruin’ genoemd kunnen worden, zonder dat daar de ondertoon ‘oubollig’ bij komt kijken. En het mag tegenstrijdig klinken: de tijd lijkt hier te hebben stilgestaan, in een café dat met de tijd meegaat. Hoe je er ook naar kijkt, één ding kan niemand ontgaan; het Koninklijk Huis is overal De Posthoornnadrukkelijk aanwezig in (staats)portretten en andere snuisterijen. De link met de oninklijke familie is er dan ook al eeuwen en die gaat verder dan alleen de nabijheid van Paleis Het Loo in Apeldoorn. Jacques: ‘Het hotel werd lange tijd gebruikt door de koninklijke familie. Niet voor henzelf, maar voor hun gasten die op Paleis Het Loo verbleven.’ Lachend: ‘Maar daar niet welkom waren voor een overnachting. Die werden niet in Apeldoorn ondergebracht, maar hier bij De Posthoorn.’ Zoals eerder aangehaald; in 1795 werd de naam van het in 1756 opgerichte hotel, op last van de Franse bezetter veranderd van Den Orangenboom naar De Posthoorn. Jacques: ‘Dat is dan ook het jaartal dat wij aanhouden. In 1995, toen we hier net vier jaar zaten, hebben we het 200-jarig jubileum gevierd.’ En bij die historie hoort dus het Koninklijk Huis. Ineke: ‘We hebben het ook uitgebreid op onze site staan, gasten vinden het leuk om te weten. Ook nieuwe medewerkers proberen we dat bij te brengen. Je moet de gasten namelijk iets kunnen vertellen.’ Jacques: ‘Mensen zien dat en dat biedt ze herkenning.

Toekomst: De Posthoorn in Epe blijven ontwikkelen

Tegenwoordig zijn ze nog vaak op de zaak te vinden. Jacques: ‘Zo goed als elke dag. Maar vooral als gastheer en gastvrouw.’ Wijzend naar een aantal medewerkers die bezig zijn. ‘We hebben gelukkig mensen in dienst die echt het gezicht naar de klanten toe zijn.’ Want na 26 jaar De Posthoorn zit de sleet er nog lang niet in bij het ondernemerspaar. ‘Absoluut niet’, zegt Jacques beslist. ‘Letterlijk iedere dag kijken we nog naar wat beter kan en waar nog wat bijgeschaafd kan worden.’ Dat geldt ook op het gebied van eten. ‘We gaan met de tijd mee, maar zijn geen bedrijf dat achter alle trends aanholt. We hebben bijvoorbeeld nog geen hamburger op de kaart’, lacht Jacques. ‘We wilden kort geleden de kaart weer eens verfrissen; een paar dingen eraf, een paar dingen erbij. Maar terwijl we de kaart doorliepen, bedachten we: maar die gasten komen altijd speciaal daarvoor, en die persoon vindt dat altijd lekker… en eigenlijk loopt alles wat op de kaart staat als een trein. Om er dan niks af te halen, maar er vervolgens wel weer van alles aan toe te voegen, dat werkt natuurlijk ook niet. Je moet ook niet veranderen om het veranderen. Het belangrijkste blijft: het moet bij ons én bij De Posthoorn passen. Dat precies is de reden waarom wij dit nog altijd kunnen doen. Als je zo dicht mogelijk bij jezelf blijft en dingen doet die je zelf leuk vindt, kun je het ’t langst volhouden.’

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels