artikel

Café Batavia: navelstreng van de Zaan

Horeca

Ja, ze hebben één fout gemaakt. ‘We dachten rustig te kunnen beginnen.’ Maar al in het eerste jaar dat de broers Pieter en Nic Grandiek de deuren openden van hun Café Batavia in Wormer, trok de zaak drie keer zoveel bezoekers als verwacht. Nu, bijna vijf jaar later, is het in een voormalig rijstpakhuis gevestigde grand café niet langer een hype, maar een vaste waarde voor bedrijfsleven en bewoners uit de regio.

Café Batavia: navelstreng van de Zaan

Liefhebbers van politieseries zullen even met hun ogen knipperen als ze voor de eerste keer Café Batavia in Wormer zien. Want was daar niet het hoofdkwartier van Vara’s Unit 13 gevestigd? En ging dat op een gegeven moment door een aanslag niet met een enorme klap de lucht in?
Klopt. Alleen ging het om het pand ernaast.

Iets doen‘
Er was hier altijd een grote leegte op horecagebied. Dan kun je wel blijven mopperen, maar je kunt er ook iets aan doen’, motiveren Pieter en Nic Grandiek hun keuze om in de horeca te stappen. Geen vanzelfsprekendheid. Want voordat de deuren van het eigen café opengingen, was Pieter werkzaam als systeembeheerder en technisch onderwijsassistent. Nic is van huis uit milieubioloog.
Ondanks – of misschien wel dankzij – het ontbreken van ‘horecabloed’ zagen de broers kansen met de aankondiging van het Zaanoeverproject, zo’n tien jaar geleden. De gemeente Zaanstad vroeg de bekende architect Rem Koolhaas na te denken over een manier om de ‘werkrivier’ de Zaan te veranderen in een water waaraan het aangenaam wonen, werken en recreëren is. ‘En die combinatie vraagt gewoon om horeca’, zegt Pieter.

Uitzicht over water
Al snel viel het oog op een uit 1894 stammend en niet meer in gebruik zijnd voormalig rijstpakhuis. Pieter: ‘In 1994 zijn we begonnen met het schrijven van een bedrijfsplan. Op 27 april 1996 volgde de officiële opening.’ Vrijwel direct wisten de inwoners van de Zaanstreek het bedrijf te vinden. Het bedrijfsleven in de regio – waaronder rijstproducent Lassie, meerdere cacaoproducenten en het hoofdkantoor van Albert Heijn – ontdekte de locatie voor bedrijfsborrels en lunchafspraken. Bewoners uit de buurt streken al snel graag neer op het terras met zijn uitzicht over het water.
Hoewel Batavia vooral café is, kan er ook gegeten worden. ‘We krijgen een gevarieerd publiek binnen en daar spelen we ook op in. Zo wil de ene gast een dagschotel, maar heeft de ander liever iets ‘moois’ op zijn bord. Daar hebben we iets op bedacht. Er hangen drie borden in het café. Daarrop staan de eetcaféschotels die wekelijks variëren. Is iemand gehaast of wil hij goedkoper eten, dan kan van deze borden gekozen worden. Voor wie mooi wil eten, is er dan nog een kaart. Maar wij zijn geen restaurant. Ons duurste gerecht is ƒ32,50 en al onze toetjes zijn geprijsd op ƒ10,50’, vertelt Pieter.

Navelstreng
In een brochure die in het café verkrijgbaar is, kan de bezoeker lezen dat de rij pakhuizen waarin Batavia zetelt nog is ontworpen door de architecten Van Rossum en Vuijk, beter bekend als de bouwers van theater Carré in Amsterdam. Pieter: ‘Het grote voordeel van dit pand is dat mensen zodra ze het zien, benieuwd zijn naar de binnenkant. Voor ons is dat historische verleden een voordeel. Van heel veel klanten heeft de vader of de opa hier nog gewerkt. Dit pand is hun navelstreng met het verleden.’
De publicitaire aandacht wordt op diverse manieren vastgehouden. Zo vindt er jaarlijks in mei een bruinevlootweekend plaats en in het najaar trekken zo’n 600 bokbierliefhebbers per fiets langs een aantal cafés in de regio. Voor alle activiteiten geldt dat ze worden aangekondigd op de papieren placemats. ‘Dat werkt perfect en je draait ze zo uit de computer’, zegt Pieter.
‘Doordat we leerbedrijf zijn, hebben we een continue instroom van nieuw personeel. Het is ook een mooi systeem om jong talent vast te leggen. Personeelsproblemen hebben we dan ook niet. Sterker nog, sommige mensen werken hier al zo lang dat we wel eens zeggen: ga eens wat anders doen’, zegt Nic lachend.

Geen lambrisering
Bij de inrichting van het voormalige pakhuis hebben de broers alles zoveel mogelijk bij het oude gelaten. Pieter: ‘Dit is jarenlang een pakhuis geweest, dus dat mag je best laten zien. Wij vonden het verder belangrijk verschillende plekken te creëren. Daarom hangt er andere verlichting boven de leestafel dan boven de bar. En boven het verhoogde deel, het podium, waar veel eettafeltjes staan, hangen wéér andere lampjes.’Opvallend is ook het luik boven de ingang. Alsof de rijstbalen zo naar beneden kunnen komen. Een cadeautje van de aannemer, zo blijkt. Ook over de toiletten hebben beide broers nagedacht. Niet alleen is er een – tamelijk uniek – gehandicaptentoilet, ook door de mongo-art is een bezoek aan het toilet de moeite waard. De wat? Nic Grandiek: ‘We hebben nog een broertje en hij werkt op een centrum voor geestelijk gehandicapten. De bewoners hebben voor ons allemaal tegels gemaakt met als thema ‘kat’. Van het gezegde: als een kat in een vreemd pakhuis.